Begrotingssores in het ziekenhuis
Het is weer herfst in de zorg. In mijn ziekenhuis en elders in het wereldje wordt weer gezwoegd aan het maken van een begroting voor het komende jaar. Het is inmiddels de derde keer dat ik dit ritueel mag meemaken, maar de eerste keer dat ik het moeilijk vind. Ligt het aan mij – of is het gedeelde smart?
Doorgronden van bedrijfsvoering
De eerste keer, in 2007, viel mij op hoe lastig het is om de bedrijfsvoering van een zorginstelling te doorgronden. Wij maakten winst, maar waarom was echter een raadsel. Dat is voor het maken van een begroting overigens niet zo’n probleem, want in zulke omstandigheden is het een kwestie van extrapoleren met een beetje ambitie en een toefje prudentie. Dat mijn ziekenhuis well to do is, en een paar ziekenhuizen om de hoek er minder florissant voor stonden, had niet veel met een heel strakke bedrijfsvoering te maken. Immers, op basis van allerlei benchmarks (productie per specialist, aantal fte in totaal, inkoopkosten) scoorden we eerder zwakker dan sterker.
‘Budgetparameters’ voor zorgsector
Gelukkig echter zijn er vele verzonnen prijzen die de zorgsector bestieren. Deze ‘budgetparameters’ pakken klaarblijkelijk goed voor ons uit. De complexiteit daarvan en de uitwerking van zaken als schoning, kapitaallastenvergoeding, nacalculaties en vergoeding voor opleidingen maken van de ziekenhuisbedrijfsvoering een black box. Aan deze ervaring heb ik een stelling geknoopt: er is geen één ziekenhuisbestuurder die de eigen exploitatie echt doorgrond. Die stelling verkondig ik met enige regelmaat op de feesten en partijen die we in onze sector hebben. Het leidt steevast tot een lachsalvo.
Veranderingstrajecten in ziekenhuis
Mijn tweede begrotingsjaar was ik een ervaring rijker, namelijk dat veranderingstrajecten in een ziekenhuis wel mogelijk zijn, maar twee keer zolang duren als in een gewoon bedrijf. Verder was het interessant om te ervaren hoe verruiming van het B-segment een grote stimulans bleek voor wat meer bedrijfsmatig denken (en inzicht) op afdelingsniveau. De begroting was redelijk vlot gemaakt.
Kostenstijgingen en inkomstendalingen
Wat dat betreft is mijn derde begroting een ander verhaal. Dit jaar hebben we meer last van kostenstijgingen en inkomstendalingen dan de vorige jaren. Een belangrijke bron van kostengroei zit in de compliance met regelgeving. We moeten voldoen aan NEN 7510, dat kost tonnen. We moeten de input voor gestandaardiseerde sterftecijfers leveren, ook dat kost een paar ton. We moeten (en willen) een kwaliteits- en veiligheidssysteem ontwikkelen. Weer wat tonnetjes. Wij vullen gehoorzaam het maatschappelijk jaarverslag in – niet alleen op papier, maar ook nog eens in verbijsterend detail digitaal. We laten ons heraccrediteren door het Niaz. Zijn ons aan het voorbereiden op DOT. Doen netjes mee aan trajecten van de inspectie. En zo verder. Mijn perceptie is dat deze druk groeit. Ik hou niet zo van klagende zorgbestuurders: veel van de dingen die we moeten, moeten we ook willen. Maar vanzelf gaat het niet.
Oplopende kosten
Daar komt bij dat we meer kosten aan ICT kwijt zijn (het EPD kost vooralsnog geld, ik heb niet de illusie dat die kosten zich snel in rationalisering laten terugverdienen). Licentiekosten lopen op. Medische apparatuur heeft een kortere levensduur. De jaarlijkse investeringskosten van een high tech-onderneming, die het ziekenhuis nu eenmaal is, groeien. En eigenlijk moeten die hogere investeringen dus ook nog eens in een kortere tijd worden afgeschreven.
Uitstel beursgang
Het zal dus meer voeten in de aarde hebben voor dat ik de begroting dit jaar rond heb dan in de afgelopen paar jaar. De beursgang van het Westfriesgasthuis is derhalve een jaartje uitgesteld.
Hugo Keuzenkamp
Trefwoorden
- Bekeken (1846)
- Reacties (2)












