Toezichthouders en het duivelselastiek
Recent heeft Kim Putters een rede uitgesproken bij de aanvaarding van zijn hoogleraarschap met als leeropdracht 'Management van instellingen in de gezondheidszorg'. Als titel voor zijn oratie heeft hij gekozen voor 'Besturen met duivelselastiek'. Aldus wordt onderstreept dat bestuurders naar een balans moeten zoeken in diverse spanningsvelden, die ook nog een keer met elkaar verbonden zijn.
Sturing en toezicht
Het eerste gebied dat hij in dit verband noemt, is de ruimte tussen sturing en toezicht, waar zowel de toenemende marktwerking als de overheidsregulering het zorgbestuur onder druk zetten. So far so good, dacht ik vanuit mijn bijzondere belangstelling voor het functioneren van raden van toezicht in de gezondheidszorg.
Toezichthouders ontbreken
Maar, hoe interessant de oratie verder ook is, er wordt nagenoeg geen woord meer gerept over de rol en positie van interne toezichthouders. Ook in het onderzoeksprogramma van de, mede door de NVZD gefinancierde, leerstoel komt de rol en positie van de raad van toezicht niet aan de orde. Het feit dat Putters stelt te kiezen voor een 'wetenschappelijke en bredere definitie' van het begrip 'governance' vind ik een onvoldoende rechtvaardiging voor deze omissie.
Krampachtig Den Haag
Hoewel de krampachtige reacties van Den Haag op incidenten in zorgorganisaties misschien anders doet vermoeden, ontwikkelt de zorgsector zich in de richting van minder sturing door de centrale overheid. Tezamen met de grotere financiële risico's die door zorgorganisaties worden gelopen, leidt dit tot een grotere druk op het bestuur van zorgorganisaties.
Aannemen, schorsen en ontslaan
Nu is het zo dat binnen verreweg de meeste zorgorganisaties de raad van toezicht de bestuurders aanneemt, schorst en ontslaat. Bovendien moet zij, natuurlijk afhankelijk van de statuten en reglementen, de belangrijkste besluiten van de bestuurders goedkeuren.
Duivelsdilemma
Gezien de bovengenoemde ontwikkeling van de sector, zou dit dus kunnen betekenen dat de rol van de interne toezichthouders in de besluitvorming rondom de meeste duivelsdilemma's weleens zou kunnen toenemen. Mijn stelling: een onderzoeksprogramma over de ontwikkeling van het management van instellingen in de gezondheidszorg is te onvolledig als daarin niet expliciet aandacht wordt besteed aan de rol en ontwikkeling van de raad van toezicht.
Marc van Ooijen
Senior adviseur en interim-manager bij CC Zorgadviseurs
Trefwoorden
- Bekeken (3193)
- Reacties (3)








