Big Governance
De terugtrekkende overheid is één van de aspecten van de discussie over marktwerking in de gezondheidszorg. Naast issues als ‘winst-maken’ impliceert marktwerking namelijk ook een nationale overheid die zorgorganisaties meer beleidsvrijheid geeft. Meer verantwoordelijkheden moeten samengaan met meer bevoegdheden. Dat veel burgers en politici zich hiervan niet bewust zijn, blijkt wel uit de voortdurende incidentenpolitiek die in de Tweede Kamer het debat over de gezondheidszorg overschaduwen. Het zou dus in ieder geval goed zijn dat de discussie over marktwerking en de inrichting van het zorgstelsel verder gaat dan ‘geld’.
Efficiëntie en effectiviteit
In het licht van het debat over hoe Nederland de komende jaren handen en voeten gaat geven aan de immense bezuinigingen, zou een fundamentele discussie over het besturingsmodel van de Nederlandse gezondheidszorg niet misstaan. Alleen dan kan een goede afweging worden gemaakt over hoe om te gaan met de gereguleerde marktwerking of met het vraagstuk van het verleggen van verantwoordelijkheden naar de gemeentelijke overheid. Als namelijk het gesprek over de sturing pas wordt gevoerd nadat er handjeklap heeft plaatsgevonden over de verdeling van de middelen, dan voorspel ik chaos. De ervaringen met de wijze waarop gemeentes omgaan met het organiseren van de WMO, maar ook met de ontwikkeling van Centra voor Jeugd en Gezin zijn namelijk contra-indicaties op organisatiecriteria als efficiëntie en effectiviteit.
Grote organisaties en onbenutte kansen
We zijn in de afgelopen jaren op velerlei terreinen geconfronteerd met de schaduwzijden van steeds groter wordende organisaties. Daar waar fusies in theorie altijd kansen bieden op schaalvoordelen, reductie van de overhead en sterkere marktpositie, wijst de praktijk uit dat deze kansen vaak niet worden benut. Dat heeft geleid tot een tegenreactie. In de eerste plaats betreft dit een rem op fusies en zelfs tot het defuseren van organisaties. Maar ook binnen organisaties is het adagium ‘verantwoordelijkheden zo laag mogelijk’ weer erg populair. Het is de vraag of dit voldoende soelaas biedt, zowel binnen zorgorganisaties als binnen de bestuurlijke organisatie van Nederland. De theorie van schaalvoordelen bij grotere eenheden staat namelijk nog steeds overeind.
Governance in verbinding met bestuurlijke inrichting
Los van de schaalvoordelen, betekent het idee van zo veel mogelijk verantwoordelijkheden naar gemeentes nog steeds dat we meten met verschillende maten. Het effect van dit principe zal voor grote gemeentes immers heel anders zijn dan voor de kleine gemeenten. Bovendien is het de vraag hoe dit principe zich verhoudt tot het feit dat veel zorg- en welzijnsorganisaties ten minste regionaal werken. Hoe dan ook, mijn pleidooi is dat we het nadenken over governance-vraagstukken binnen en tussen zorgorganisaties verbinden met de discussie over de bestuurlijke inrichting van Nederland. Alleen als daar een goede verhouding tussen bestaat, is effectief en efficiënt besturen van de gezondheidszorg mogelijk.
Marc van Ooijen
Trefwoorden
- Bekeken (1638)
- Reacties (2)








