Geen beter bestuur door meer regels
Naar aanleiding van enkele recente incidenten betreffende tekortschietend bestuur en toezicht, is er een wildgroei aan verbetervoorstellen ontstaan. Deze variëren van het onzinnige idee van PvdA-kamerlid Van der Veen om nog maar een keer te discussiëren over de verantwoordelijkheden van bestuurders en toezichthouders, tot voorstellen voor nieuwe toezichthouders (op de huidige toezichthouders). Al deze voorstellen hebben mogelijk één ding gemeen: de gedachte van maakbaarheid door beleid. En daar wringt de schoen.
Governance-code
Zoals ik al eerder heb geschreven, voldeden zowel Espria als de IJsselmeerziekenhuizen en Meavita Nederland aan de governance-code. Toch zijn bij al deze organisaties grote bestuurlijke missers gemaakt. Ondanks al de wet- en regelgeving, inclusief codes voor goed bestuur, gaat het dus nogal eens fout. Dat heeft niets te maken met de onduidelijkheid van de regels of codes. Zo ingewikkeld zijn die niet. Bovendien gaat het hier in alle gevallen om zeer ervaren bestuurders en managers. Die zijn echt niet van het ene op het andere moment domme jongens geworden of onkundige managers.
Cultuur en vertrouwen
De schoen wringt hem veel meer in cultuuraspecten en groepsdynamica (grote jongens bij elkaar). Deze onderwerpen krijgen nauwelijks aandacht in de discussie. Dat komt omdat ze een stuk moeilijker grijpbaar zijn en ook veel lastiger te veranderen dan beleidsregels. Bovendien bekt het niet lekker om te praten over cultuur en vertrouwen. Veel te soft. Voor de bühne is behoefte aan duidelijkheid en vooral aan een strenge aanpak van de misstanden.
Indekken
Ik acht het risico levensgroot dat we onze tijd gaan verdoen aan nieuw beleid, aangescherpte regels en aangescherpte codes. Nog meer controle. Dat zal echter leiden tot nog meer wantrouwen, nog meer indekken en nóg meer beleid. Uiteindelijk zullen we dan met elkaar misschien wel zeggen dat de gezondheidszorg transparanter is geworden: langere jaarverslagen, nog meer cijfers en een uitgebreidere accountantscontrole. Maar dat zal nieuwe incidenten niet voorkomen. Vragen als 'In hoeverre draagt het verwerven van vastgoed bij aan betere kwaliteit van zorg voor de cliënten?' of 'hoe ver mogen bestuurders en toezichthouders af staan van het primaire proces?' zijn dan namelijk niet aan de orde geweest, terwijl deze vragen meer de kern van het probleem raken dan een discussie over verantwoordelijkheden en bevoegdheden.
Marc van Ooijen
Trefwoorden
- Bekeken (1753)
- Reacties (4)












