ACTUEEL

Monissen: 'Herstel kinderkanker optrekken naar 90 procent'

Diana Monissen wordt voorzitter van de raad van bestuur van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie in Utrecht. Tot half juni blijft ze bestuursvoorzitter van De Friesland Zorgverzekeraar om zich daarna te wijden aan haar nieuwe missie: de kwaliteit en uitkomsten van kinderoncologische zorg fors verbeteren.

Diana MonissenMonissen laat weten dat persoonlijke betrokkenheid en ervaring met het leed van kinderen met kanker haar mede hebben gemotiveerd tot de overstap. “Ik heb er goed over na gedacht, want ik heb het erg naar mijn zin in Friesland”, aldus Monissen. “Dat ik er toch voor heb gekozen deze stap te zetten heeft veel te maken met mijn eigen ervaringen. Ik weet namelijk van dichtbij hoe enorm belangrijk het is om kinderen met kanker in eigen land van de best mogelijke zorg te kunnen voorzien. Ik heb een kleinkind bij wie op eenjarige kanker is ontdekt. Die is nu vijf en het gaat goed, maar je weet nooit hoe het verder gaat. Dus dat speelt mee op de achtergrond.”

Als bestuurder pur sang koppelt Monissen aan haar persoonlijke motieven ook een uitgesproken beleidsmatige visie. “Waar mogelijk moeten we  versnippering van de zorg voorkomen ten behoeve van kwaliteit  en dat altijd met het belang van de patiënt als vertrekpunt. Dat is precies wat Prinses Máxima Centrum gaat doen, namelijk de beste, meeste excellente artsen en onderzoekers bij elkaar brengen.  Het percentage kinderen dat kanker overleeft ligt nu rond de 75 procent. Wij willen naar een overlevingspercentage van 90 tot 95 procent. Dat kan alleen als je de allerbeste mensen en de allerbeste research samen voegt.”

Samenwerking

Dit betekent niet dat het Prinses Máxima Centrum alles op eigen houtje wil doen. “Het Prinses Máxima Centrum is een zelfstandige organisatie, maar we zullen natuurlijk samen werken met het Wilhelmina Kinderziekenhuis om van elkaars faciliteiten gebruik te kunnen maken. Dat geldt ook voor het vorm geven van de voor- en nazorg, waarvoor we verbindingen zullen moeten leggen met andere academische en overige betrokken ziekenhuizen.”

Dat ze tot voor kort toezicht hield bij dezelfde organisatie die ze nu gaat besturen, ziet Monissen vanuit governance-optiek niet als beletsel. “Gestimuleerd door Els Borst ben ik destijds bij het Prinses Máxima Centrum betrokken geraakt. Ik ben nu door de raad van commissarissen gevraagd voor een andere bestuurlijke rol. Dat betekent dat ik mijn lidmaatschap van de raad van commissarissen heb neergelegd, ik ben ook geen gedetacheerd commissaris. Ik zal gewoon verantwoording afleggen conform alle regels van de governance. Dat ik door mijn commissariaat al ervaring heb met het werkveld van het Prinses Máxima Centrum is alleen maar een pre: het is een complex en hoog gespecialiseerd terrein dat veel parate kennis vergt.”

Eigenwijs

Leiding geven aan een instelling voor curatieve zorg mag dan nieuw zijn voor Monissen, het werken met ‘eigenwijze’ professionals is dat volgens haar niet. “Ik heb zowel bij Mentrum-ggz als De Friesland gewerkt met tamelijk eigenzinnige mensen. Gelukkig dat die er zijn, want uiteindelijk moeten we het hebben van de professionals. Zij moeten de inhoud bepalen en niet ik. Dat geldt straks ook voor het Prinses  Máxima Centrum. Of het nu op het gebied van zorg of research is, mijn rol is vooral faciliterend.” Afscheid nemen van Friesland doet ze met pijn in het hart. “Ik heb een geweldige tijd gehad. Ik ben in Friesland nog lang niet uitgekeken, het werk is  ook nog niet klaar, want dat is in feite nooit klaar. Maar ik laat De Friesland met een gerust hart achter, omdat er zowel binnen De Friesland als in het veld voldoende stappen gezet zijn om de ingezette  koers te continueren.”  

Objectiveren

Monissen is niet bang dat ze in haar nieuwe job nog teveel met de bril van de zorgverzekeraar kijkt. Pikant in dit verband is de discussie over innovatieve kankerbehandeling inde vorm van protonentherapie. Waar de zorgverzekeraars één centrum voldoende vinden, leven daar in het veld andere ideeën over. “Mijn uitgangspunt zal altijd zijn kennis en kunde samen voegen om versnippering tegen te gaan. Je kunt het geld maar één keer uitgeven, dus moet je streven naar de beste kwaliteit voor de patiënt.  Er is de laatste jaren enorme progressie gemaakt met de samenwerking tussen ziekenhuizen. Loslaten doet altijd pijn, maar het is beslist niet meer zo dat iedere aanbieder hardnekkig vast houdt aan wat hij heeft. Dat er discussie is over het aantal protonen-centra, komt niet omdat “dé zorgaanbieders” vinden dat er vier centra moeten zijn, maar omdat sommigen dat vinden. Het is juist de kunst om de vraag en behoefte zoveel mogelijk te objectiveren.”

Betreuren

De raad van commissarissen van De Friesland vindt het jammer dat Monissen De Friesland gaat verlaten. “Diana heeft het in de zes jaar dat ze hier zit hartstikke goed gedaan en enorm veel voor elkaar gekregen”, zegt voorzitter Jan Ploeg. “Er zijn grote stappen gezet in de klantgerichtheid van het bedrijf en het veranderen van de zorg in deze regio. Daarnaast is het aantal klanten sterk gestegen en financieel staat De Friesland er prima voor. De Friesland staat in deze regio, maar ook landelijk bekend als een zeer betrokken en klantgerichte zorgverzekeraar. We gaan nu op zoek naar een opvolger die met diezelfde passie en inzet invulling wil geven aan dit bedrijf en toekomstige uitdagingen in de zorg.”

Monissen is sinds 2009 bestuursvoorzitter van De Friesland Zorgverzekeraar. Eerder was zij onder meer Directeur-Generaal op het ministerie van VWS, lid van de raad van bestuur van Agis, bestuursvoorzitter van ggz-aanbieder Mentrum, directeur bij zorgverzekeraar Amicon en bestuurder van Stichting De Lichtenvoorde, een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking. Daarnaast heeft zij nevenfuncties bij onder andere de Taskforce Kindermishandeling en Seksueel Misbruik, Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 en Special Arts Nederland.

 

1 Reacties

om een reactie achter te laten

G. Aukema

27 maart 2015

Mevrouw Monissen vindt het in het kader van Governance geen probleem dat zij thans Commissaris is van het prinses Maxima Centrum. Zij ziet het zelfs als een voordeel dat zij in die rol al kennis heeft opgedaan van de kinderoncologie. En zij zegt dat zij nu conform de governanceregels verantwoording gaat afleggen. Aan wie? Juist, aan haar huidige collega's van de RvC. Denkt zij dat zij echt boven de wet staat, denken haar collega-bestuurders en toezichthouders dat ook? Het is een van de basis governanceregels dat toezichthouders niet binnen 3 jaar "uitzakken" naar de bestuursfunctie: de overblijvende toezichthouders kunnen dan onmogelijk "onafhankelijk" toezicht gaan houden op hun oude collega. Ware het Prinses Maxima Centrum een care-instelling en lid van Actiz, de vereniging van zorginstellingen, dan zou het terstond geschorst worden als lid vanwege het overtreden van de governanceregels. En voor de eigen positie intern: Wat zeg je straks als onderzoekers of zorgverleners (ethische) regels overtreden, en je tegen werpen hoe jij zelf bestuurlijk bent gestart? Kortom, waar het Prinses Maxima Centrum ook bestuurlijk een voorbeeldfunctie zou moeten vervullen, maakt het nu een bestuurlijke start die de naam onwaardig is.

Top