ACTUEEL

‘Nederlandse zorg kan leren van de Achterhoek’

‘Nederlandse zorg kan leren van de Achterhoek’

Lokale verankering van zorg en ondersteuning maakt van de Achterhoek een voorbeeldregio in het gedecentraliseerde zorgstelsel. Dat zegt bestuursvoorzitter Beatrijs van Riessen van zorgaanbieder Estinea in het decembernummer van Skipr magazine. “Hier bestaat het weefsel dat nodig is om een regio sterk te maken.”

Een vitaal element in de Achterhoekse aanpak zoals Van Riessen die voorstaat  zijn vrijwilligers. “Vrijwilligers moet je koesteren”,  zegt Van Riessen tegen interviewer Willem Wansink. “Vrijwilligers willen een bijdrage leveren. Daar houdt het niet op. Zij krijgen er zelf veel voor terug. Ze horen erbij, ze worden ergens verwacht, ze zijn van betekenis.”

Van Riessen is bestuurder van Estinea, een organisatie voor mensen met een verstandelijk beperking in de Achterhoek en Twente. Met vrijwilligers kan meer worden gerealiseerd en kan het leuker worden gemaakt voor de mensen waarvoor wordt gezorgd, zegt zij. “Laat ze dus weten dat je blij bent dat ze er zijn.” 

Maatjes

Van Riessen: “Medewerkers, vrijwilligers, familie en cliënten doen het samen. Als individuele maatjes. Het zit hem er niet in dat iemand op maandag thee komt inschenken. Maar dat die persoon ’s avonds een keer met Annie naar de bioscoop gaat of op een ochtend naar de markt.” Volgens Van Riessen is de Achterhoek het nieuwe Nederland. “Hier bestaat het weefsel dat nodig is om een regio sterk te maken.”

Kenmerkend voor de Achterhoek is de bescheidenheid. “Niet te hard van de daken schreeuwen. Iets gewoon doen. Aanpakken. ‘D’r an,’ zeggen ze hier. Kijk naar die kleine kernen, de dorpen. Daar zit de samenhang in het verenigingsleven en de families.”

“Mensen vinden het vanzelfsprekend om iets voor elkaar te doen. Wij merken dat aan medewerkers die in hetzelfde dorp wonen als waar zij werken. Voor hen is het heel gewoon dat familieleden vrijwilliger zijn. Ze helpen een cliënt vanuit hun eigen netwerk verder.”

Ontmoeting

Haar lijfspreuk is de ontmoeting, daar kunnen andere delen van Nederland van leren. “Wat bij ons kan, kan in het westen ook. Amsterdam heeft wijken die net kleine dorpen zijn. Bouw daar de ontmoeting en de wederkerigheid in.” 
Haar advies? “Houd het klein. In de zorg wordt alles algauw ingewikkeld gemaakt. Maar het gaat om de kleine dingen. Met iemand meegaan om de hond uit te laten of meefietsen naar de sportclub. Als je de ontmoeting organiseert, dan werkt dat ook voor de grote stad.”

Sinds de decentralisatie van de langdurige zorg moet Van Riessen overleggen met 11 gemeenten. “Vaak zeg ik tegen een wethouder: ‘Denk niet dat alles met vrijwilligers kan worden opgelost. Zorg dat er continuïteit blijft.’ Dat moet je borgen.”

Lees het interview met Van Riessen in Skipr magazine 12, december 2015.

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top