ACTUEEL

‘MSB is nog lang geen robuuste onderneming’

‘MSB is nog lang geen robuuste onderneming’

Het medisch specialistisch bedrijf (MSB) ontpopt zich nog niet als een robuuste onderneming, die financieel en organisatorisch gezond is, en meerwaarde voor de ziekenhuiszorg heeft. Als ‘bedrijf in het bedrijf’ bemoeilijkt het vooralsnog de bestuurbaarheid van veel ziekenhuizen. Dat constateren Leo Schoots en Derk Vermeer. Alliantievorming kan volgens de voormalig interim-bestuurders uitkomst bieden.

Om hun fiscale status als ondernemer te behouden hebben vrijgevestigd medisch specialisten zich massaal georganiseerd in zogeheten medisch specialistische bedrijven. Volgens Schoots en Vermeer laat het MSB zich veelal kennen als een ‘bedrijf in het bedrijf’. Niet alleen staat dit haaks op het jarenlange streven naar organisatorische integratie van de medisch specialisten onder wettelijke eindverantwoordelijkheid van de raad van bestuur, in de praktijk heeft de komst van het  MSB vooralsnog geleid tot meer bestuurlijke complexiteit.

Eerder kwamen ziekenhuisbestuurders Bart Berden en Hugo Keuzenkamp  als ook UvA-onderzoeker Judith von Reeken tot de conclusie dat er in de nieuwe situatie sprake is van inertie en afgenomen doorzettingsmacht van het ziekenhuisbestuur.
Meer dan deze critici nemen Schoots en Vermeer in hun essay, dat integraal terug te lezen is op skipr.nl, het intern functioneren van het MSB onder de loep. Volgens Schoots en Vermeer is er sprake van grote variatie tussen de MBS’s. Eén ding hebben de MSB’s gemeen: de betrokkenen zijn nog te veel bezig met het vormgeven van het bedrijf.

Zelfbewustzijn

De komst van het MSB heeft in eerste instantie geleid tot een toegenomen zelfbewustzijn van de medisch specialisten; de in het MSB verenigde dokters voelen zich gelijkwaardiger ten opzichte van raad van bestuur. Binnen de MSB’s ontbreekt het vaak aan de benodigde leiderschaps- en managementvaardigheden. Niet alleen is leiderschap onvoldoende ontwikkeld, ook wordt dit door eigen achterban vaak niet geaccepteerd. Om die reden hebben de MSB-besturen veelal een beperkt mandaat dat slagvaardigheid en strategievorming in de weg staat in combinatie met een bestuursstijl die gericht is op het mijden van risico’s. Mede daardoor is in een aantal ziekenhuizen de relatie tussen raden van bestuur en het MSB-bestuur als ook de medische staf verslechterd.

Schoots en Vermeer zien daarnaast dat de MSB’s op verschillende wijze vorm geven aan het fiscaal ondernemerschap, met name als het gaat om investeringen, personeelsbeleid en de opbouw eigen vermogen. Schoots en Vermeer vragen zich af hoe de fiscus hier mee om zal gaan. Ook wijzen Schoots en Vermeer er op dat resultaat van veel  MSB’s verdampt door hoge kosten in verband met de inhuur van consultants en eigen staf.

Alles bij elkaar opgeteld zien Schoots en Vermeer – uitzonderingen daargelaten- de MSB’s zich onvoldoende ontwikkelen richting succesvolle ondernemingen. Daarbij sluiten zij niet uit dat de verhoudingen binnen de ziekenhuizen in de loop van dit jaar verder op scherp komen te staan. Waar  dit jaar nog een overgangsregeling gold, gaan de MSB’s voor 2016 voor het eerst echt onderhandelen over de honoraria van hun leden.

Nieuwe realiteit

Schoots en Vermeer pleiten er voor dat alle betrokkenen, ook raden van bestuur, het MSB als een nieuwe realiteit aanvaarden. Met de komst van het MSB is een deel van de kernactiviteiten van het ziekenhuis de facto uitbesteed; een noviteit in vergelijking met het uitbesteden van ondersteunende diensten. Dit vergt dat het MSB en het ziekenhuis zich als professionele alliantiepartners tot elkaar gaan verhouden. Voorwaarden voor succesvolle alliantievorming zijn wat  Schoots en Vermeer betreft onder meer bestuurlijke gelijkwaardigheid tussen MSB en de raad van bestuur en de omvorming van MSB’s tot echte ondernemingen. “Als dit allemaal klopt, dan komt er vitale energie vrij en kan er meerwaarde gecreëerd worden”, aldus Schoots en Vermeer.

Lees het essay MSB: met succes ondernemen of metastabiel?

Schoots en Vermeer spreken op 27 november in Utrecht tijdens een open bijeenkomst van de interuniversitaire ambachtsschool Sioo.

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Olaf Wijman

20 november 2015

Grote voorkeur blijft medisch specialisten in loondienst.

Top