ACTUEEL

'Politiek heeft weinig belangstelling voor gehandicaptenzorg’

'Politiek heeft weinig belangstelling voor gehandicaptenzorg’

De politiek heeft weinig belangstelling voor mensen met een beperking. Daardoor is er ook weinig oog voor de zwaarte van het vak én de maatschappelijke meerwaarde die de gehandicaptenzorg biedt.

Dit zegt Femke Halsema in het novembernummer van Skipr magazine  tegen interviewer Willem Wansink. De voormalige leider van GroenLinks is sinds eind 2015 voorzitter van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN). "Deze sector heeft een lage status in bestuurskringen. Misschien vanwege de relatief lage inkomens van de artsen die er werken.”

Halsema dringt aan op omzichtigheid in de omgang met het personeel in de gehandicaptensector. “Als we willen dat mensen met zelfvertrouwen in de gehandicaptenzorg werken, moeten we voorzichtig met ze omgaan bij incidenten. Het is mensenwerk. En mensen zijn feilbaar. Deze medewerkers verdienen weinig, het belangrijkste wat zij hebben is hun intuïtie, daarop moeten ze durven varen.”

Blauwe plekken

“Natuurlijk moet je aandacht hebben voor calamiteiten. Als cliënten worden mishandeld of het personeel zich misdraagt, moeten er sancties zijn. Maar wij binden niemand meer vast. Met als gevolg dat er jonge vrouwelijke medewerkers rondlopen met blauwe plekken in hun nek. Zij hebben cliënten met zware handicaps. Grote kerels met het intellect van een tweejarige en het sociale gedrag van een puberpeuter.”

“Tegelijkertijd is er technologisch gezien steeds meer mogelijk, zodat iemand die nu in grote afhankelijkheid leeft veel zelfstandiger kan worden. Die persoon kan meer deelnemen aan de samenleving, beter worden opgeleid en zelf anderen helpen. Als je dat wilt, dan moet er worden geïnvesteerd, zowel financieel als met kennis. Uiteraard is dat een taak van de politiek.”

Establishment 

Wat Halsema betreft is de politiek hierin tekort geschoten. “In de zorg heeft een sterk georganiseerd establishment van VVD, PvdA en CDA decennialang gemene zaak met elkaar gemaakt. Dit model van besluitvorming is over zijn hoogtepunt heen.”
Vooral het CDA moet het ontgelden. “De laatste opvattingen van het CDA over de publieke sfeer dateren van de jaren tachtig. Die hebben zij nooit meer gecorrigeerd. Het is Ayn Rand, Margaret Thatcher. Waarbij onze publieke sfeer met behulp van het CDA steen voor steen is afgebroken ten gunste van private rijkdom en het verlies van gemeenschappelijkheid. De zorg voor de zwaksten is de afgelopen dertig jaar helemaal niet in zo goede handen geweest bij het CDA.”

Rancune-denken

Zij hekelt specifiek CDA-leider Sybrand Buma die zich begin september in de H.J. Schoo-lezing van weekblad Elsevier keerde zich tegen het ‘doorgeslagen individualisme’, de liberale hang naar vrijheid en de verscheidenheid als ‘doel op zich.’ Hij bepleitte een terugkeer van de gemeenschapszin.

Halsema: “Wat Buma beweert is onhoudbaar. Hij verzet zich tegen identiteitspolitiek. Maar hij bedrijft het zelf. Deze vorm van conservatisme, dit rancune-denken tegen allochtonen en moslims, deze weerzin tegen vooruitgang. Buma heeft geen enkel mededogen. Geen bescheidenheid.”

Maatschappelijke taak

Volgens de VGN-voorzitter is niet iedereen zelfredzaam geboren. “Niet iedereen is in staat zich vrij te bewegen. Om als vrij individu te kunnen opereren, moet je kansen hebben in het onderwijs. Goed onderwijs, goede universiteiten, goede zorg.”

Zij pleit er daarom voor dat de zorgsector zich richt op haar maatschappelijke taken. “Een rol spelen in de emancipatie van cliënten. Instellingen helpen met technologische innovaties, voorbeelden uit het buitenland doorgeven. En de publieke discussie over zelfredzaamheid voeren in plaats van alleen in overleg te zijn met politieke bestuurders.”

Stroperigheid

De vaak trage besluitvorming in de zorg botst met haar karakter. Halsema: “Ik heb moeite met de stroperigheid van de vergaderingen. Ik kom uit een circuit waar het vanuit een kleine oppositiepartij de gewoonte was om vrij snel te handelen. Dat besef is in de publieke sector niet even sterk aanwezig.”

Mede daardoor dreigen mensen met een beperking tussen de wal en het schip te vallen: van gemeente naar instelling, van het kastje naar de muur. Halsema: “Goed dat gemeenten een grotere rol gaan spelen. Maar die zitten in een overgangsfase. Ingewikkeld, vanwege de systeemdwang: als cliënt val je of onder de Wet langdurige zorg of onder de Wet maatschappelijke ondersteuning. Terwijl voor velen van hen geldt dat zij ergens tussenin zweven.”

Lees het interview met Femke Halsema in Skipr magazine 11, november 2017.

 

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Hans ter Brake ter Brake

22 oktober 2017

Geldt m.i. niet alleen voor politiek. Denk aan groot-regionale of landelijke samenwerkingsverbanden en organisaties voor innovatie, communicatie en ICT.

Weet trouwens niet of dat zo slecht is. Ik zie veel Gz organisaties heel goed hun eigen boontjes doppen in lokale samenwerking vanuit perspectief van client. Als je daar de ‘visie’ van derden op los zou laten, zou dat er wel eens toe kunnen leiden ‘dat de boekhouder gaat regeren’, net als elders ...

Top