Artikel

Skipr 99 Uitvergroot: Floris Sanders – 74

Floris Sanders, zorgtoezichthouder en radioloog in het Diakonessenhuis in Utrecht, is fervent voorstander van marktwerking. Met enige regelmaat pleit hij in de media vóór marktwerking in de zorg. “Ik laat her en der mijn stem horen om een tegengeluid te geven. Marktwerking lijkt in het verlengde van de bankencrisis een vies woord te zijn geworden. De voordelen van marktwerking in de zorg worden in de media onderbelicht, terwijl de nadelen breed worden uitgemeten.”

Nut van markten

Wat Sanders betreft is marktwerking juist nastrevenswaardig in de zorg, met uitzondering van de toppreferente en topklinische zorg en publieke functies als de SEH. “Markten werken. Dat is bewezen. Computers, telefoons, huizen, kleding enzovoorts worden door de markt geleverd. Voor driekwart van ons leven zijn wij afhankelijk van de markt en juist daardoor genieten wij keuzevrijheid. Zelfs al worden markten in zekere zin door de overheid gereguleerd.”

Kwaliteitsinformatie

Een voorwaarde voor het functioneren van de verschillende markten is transparantie. Zo bieden vergelijkingssites voor producten en diensten mensen de mogelijkheid om keuzes te maken. Sanders vraagt zich echter wel af of sites als ZorgkaartNederland.nl, waar patiënten hun zorgverleners een waardering kunnen geven, wel wenselijk zijn. Hij vreest voor incidentenpolitiek en gekleurde informatie. Patiënten moeten wel inzicht hebben in feiten, zoals statistieken waarin het aantal recidieven na liesbreukoperaties te zien is. “Uiteindelijk gaat het om de prijs-kwaliteitverhouding. En de kwaliteitsinformatie schiet op dit moment te kort. Maar laten we elkaar geen mietje noemen, er zijn al flinke stappen gemaakt. Zo’n tien jaar geleden was er nog helemaal geen informatie, het publiek nam toen maar aan dat alle ziekenhuizen en specialisten even goed waren. En dat klopte natuurlijk niet.”

Rekenschap afleggen

In het Erasmus MC is Sanders bezig met het inzichtelijk maken van de kwaliteit. Als voorzitter van de commissie kwaliteit van de raad van toezicht houdt hij zich onder meer bezig met veiligheidsmanagementsystemen. Bij Altrecht beheert hij als toezichthouder juist mede de financiële portefeuille. Toezicht houden is een zwaar vak, stelt Sanders. De risico’s in de zorg, zowel op financieel gebied als op het gebied van ondermeer kwaliteit, worden steeds groter. Hier moeten toezichthouders rekenschap over afleggen. “Incidenten worden breed uitgemeten in de media. Daar moet je antwoord op geven. Als toezichthouder moet je voorwaarden scheppen om incidenten te minimaliseren en zo mogelijk te elimineren.”

Zelfregulering toezicht

Het voornemen een wettelijk quotum vast te stellen voor het aantal commissariaten dat iemand vervult, begrijpt Sanders wel. Hij vraagt zich echter af of er ook mee wordt bereikt wat men wil bereiken. Volgens Sanders is het realistischer dat een raad van toezicht zelf grenzen stelt. Door periodieke evaluatie en zelfreflectie van de raad, en van de individuele leden, zijn er altijd verbeterslagen te maken. Het gaat er naar Sanders’ mening om dat problemen bespreekbaar moeten zijn. Mocht er door tijdgebrek blijken dat een toezichthouder niet naar behoren functioneert, dan is het tijd voor maatregelen. “En dat betekent soms dat iemand afscheid zal moeten nemen van een ‘erebaantje’.” Maar dat geldt wat Sanders betreft niet alleen voor toezichthouders. Ook medisch specialisten verenigd in maatschappen moeten elkaar zowel structureel als ad hoc evalueren. Het beeld dat specialisten de hand niet in eigen boezem durven steken, is volgens Sanders pertinent onjuist.

Goed toezichthouderschap

Het aantal uren dat een toezichthouderschap kost, wordt vaak onderschat, vindt Sanders. Inlezen en voorbereiden vergt tijd. Daarnaast is het van essentieel belang dat toezichthouders zich continue bij- en nascholen op hoofdelementen als de financiële inrichting van een organisatie en kwaliteitssystemen. “Een raad van bestuur kun je als toezichthouder alleen kritisch bekijken als je kennis van zaken hebt.” Sanders pleit voor tenminste één persoon in de raad van toezicht met ‘min of meer’ recente ervaring op de werkvloer. Een raad van toezicht met enkel (oud-) artsen is niet wenselijk vindt hij. “De raad van toezicht moet een soort afspiegeling van de samenleving zijn, in de zin dat in de raad verschillende disciplines bijeen komen.” Dit is volgens hem de taak van de raad van toezicht zelf.

Salarissen medisch specialisten

De radioloog heeft vertrouwen in het zelfsturend vermogen van zorginstellingen. De overheid mag weliswaar ingrijpen, maar voert op sommige gebieden een ondoorzichtig beleid. Sanders spreekt van een ‘rare mix’ van regelingen bij de tarieven van medisch specialisten. De discussie over salarissen vindt hij wel legitiem en hij verwacht ook dat het altijd actueel zal blijven. Van tijd tot tijd moet er ook een maatschappelijke herbeoordeling plaatsvinden, vindt hij. Maar het is naar zijn idee merkwaardig dat de  overheid uurtarieven invoert, maar het logische gevolg in de vorm van groeiende omzetten bij een toenemende vraag naar zorg, niet wil accepteren.

Misrekening overheid

“Ik wil geen waardeoordeel geven, maar er moet wel een keuze gemaakt worden. Of je stelt normen en leidt daar een tarief vanaf en je accepteert de gevolgen, of je neemt alle specialisten in loondienst.  Daar we zouden Nederland een slechte dienst mee bewijzen. Het heeft tot gevolg dat de arbeidsproductiviteit daalt  en er meer artsen nodig zijn.” Loondienst betekent beperkingen, bijvoorbeeld qua aantal arbeidsuren. Vrijgevestigde specialisten kunnen makkelijker extra uren maken, bijvoorbeeld om de wachtlijsten in te perken en bij het invullen van de dienstroosters. Ook door het invoeren van budgetplafonds ontstaan wachtlijsten, stelt Sanders. Hij vindt het vreemd dat er weer geluiden de kop opsteken die het budgetsysteem promoten. Een systeem dat volgens Sanders de artsen laat indutten door een gebrek aan productie- en financiële prikkels. Een gevaar dat volgens Sanders ook dreigt bij loondienst.

“Het is een misrekening van de overheid om te denken dat de zorg goedkoper zal worden door alle specialisten in loondienst te nemen.” De oud -Orde- voorzitter wijst er op dat de gevolgschade van het staken van de ondernemingen van de maatschapsleden voor rekening van de overheid zal komen. Specialisten hebben zich bijvoorbeeld ingekocht in de maatschappen en dat geld zullen zij terug willen zien.

1 Reacties

om een reactie achter te laten

DGo

16 april 2010

Beste heer Sanders,



Leest u eens goed het artikel in de Trouw van 2 april jl. van Bart Nooteboom, hoogleraar innovatie beleid aan de universiteit van Tilburg. Hij lijkt mij een redelijk onafhankelijk persoon zonder enige belangen t.a.v. het al dan niet door gaan van marktwerking in de zorg. Een belangrijke uitspraak van hem in het artikel is: "Concurrentie inde zorg lijkt mooi, maar werkt niet". En uiteraard onderbouwt hij die stelling. Het boeiende is dat een dergelijk artikel op geen enkele wijze aandacht krijgt binnen Skipr. Ook voor Skipr is het wellicht 'not done' om een kritisch woord richting marktwerking te uiten.



Mijn vraag aan u is: 'wat is er mis in het artikel van Nooteboom?"



In uw ander punten in uw artikel kan ik mij wel goed vinden.

Top