Artikel

Thuiszorg terug naar de wijk

Dat het anders moet in de thuiszorg, is wel duidelijk. Maar hoe? Ton van Overbeek wil een eind maken aan de versnippering. Het regelvermogen van de thuiszorg moet terug naar de wijk.Door: Ton van Overbeek. Uit: Skipr Magazine 04, april 2010.

Het gonst van de nieuwe ideeën over de thuiszorg. Overal in het land ontstaan initiatieven, want iedereen is het erover eens dat er iets moet veranderen in de zorg. Financiële verliezen, verschraling en versnippering van de zorg, medewerkers die niet langer de motivatie voor hun werk Ik voeg hier, samen met een aantal grote en middelgrote zorgaanbieders in de verpleging, verzorging en thuiszorg, graag onze visie aan toe die we Thuiszorg nabij en beter hebben genoemd. Het complementaire van deze visie is dat deze gaat over het gehele palet van de thuiszorg: van huishoudelijke hulp tot en met complexe verpleging. Niet omdat we denken dat alles tegelijk veranderd kan worden, maar omdat we er behoefte aan hebben om naar de thuiszorg te kijken door de bril van de cliënt die een integrale vraag heeft.

Wijkgericht

Thuiszorg werkt per definitie kleinschalig: bij de klant thuis. Maar we willen daarin verder gaan door de thuiszorg ook consequent wijkgericht te organiseren met wijkteams die alle benodigde thuiszorg leveren. De wijkteams bestaan uit verplegenden en verzorgenden die de wijk en de individuele klanten persoonlijk kennen. Ze werken nauw samen met bijvoorbeeld welzijnsorganisaties en woningcorporaties. Op die manier zijn ze gericht op preventie en alert op signalen en noodsituaties.

Wijkteams kunnen efficiënt zorg bieden in de avond en nacht, omdat ze in principe een hele wijk onder hun hoede hebben. Ze kunnen inschatten waar de mantelzorg misschien wat meer aangesproken kan worden en waar dat juist wat minder moet. En wijkteams kunnen bepalen of een voorziening buiten de zorg misschien beter bij de vraag aansluit.

De wijkteams krijgen de zelfstandigheid die nodig is om in de wijk de thuiszorg van hun cliënten te regelen. Ze kunnen de zorg coördineren en plannen, of het nu gaat om preventie, huishoudelijke hulp, hulpmiddelen, verzorging of verpleging. De wijkteams zorgen voor doorverwijzing als dat nodig is.

Zelf indiceren zien wij als een logische taak voor de wijkteams. De verplegenden en verzorgenden in deze teams hebben immers veel meer zicht op wat er werkelijk nodig is. Ze kunnen betere afspraken met de mantelzorg maken over bijvoorbeeld achtervang en crisisopvang. Wijkteams vormen dus het hart van die organisatie. De organisatie eromheen zorgt vervolgens voor de ondersteuning van de teams. Om misbruik van de indicatievrijheid te voorkomen, zal er een vorm van tegenwicht moeten worden gecreëerd: een onafhankelijke (steekproefsgewijze) toets, of afspraken met de zorgverzekeraar gebaseerd op een goed voorspelmodel.

Is onze visie strijdig met de nieuwste plannen om niet de thuiszorg maar de huisarts tot centrale spil van de eerste lijn te maken? Wij vinden van niet. Huisarts en thuiszorg zijn juist complementair aan elkaar en wij denken dat veel huisartsen blij zullen zijn als ze een deel van de taken juist aan de thuiszorg kunnen overlaten.

Met wijkgericht organiseren kunnen we direct een begin maken, als dat al niet gebeurt. Gemotiveerde medewerkers en organisatietalent brengen ons al een heel eind. Met lokale partners kunnen we afspraken maken over samenwerking op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Met collega zorgaanbieders kunnen we afspraken maken over ketenzorg. Met zorgkantoren en zorgverzekeraars kunnen we afspraken maken over ruimte voor preventie en coördinatie van de zorg. We kunnen de maximale mandateringsruimte voor indicatiestelling gebruiken. Dat kan allemaal nu al.
Maar wel zal, om integrale zorg te kunnen leveren, op een gegeven moment extra regelruimte nodig zijn. Dan moet er voldoende vertrouwen zijn opgebouwd om die ruimte te verkrijgen.

Marktwerking

Hoe moeten we de wijkgerichte organisatie zien in het licht van de marktwerking? Op dit moment is het geen uitzondering als er in één wijk tien of meer organisaties thuiszorg leveren. Gaan die allemaal een wijkgerichte organisatie opzetten die samenwerkt met welzijn en woningcorporaties? Dat gaat niet werken en als het al wel werkt, dan veel te langzaam en vanuit maatschappelijk oogpunt veel te inefficiënt en duur.

We weten dat het ministerie plannen heeft om de eerstelijns verpleging te vrijwaren van dit soort marktwerking. Verpleging wordt dan een basisfunctie die beschikbaar is op dezelfde manier als huisartsenzorg. Om toch een prikkel tot optimaal presteren in te bouwen, kan worden gedacht aan een soort licentiestelsel. De organisatie met de beste aanbieding krijgt dan het recht om de eerstelijns verpleging aan te bieden. Twee of drie per wijk is ook een optie. Dan houdt de cliënt keuzevrijheid.

Gaat het op dit moment vooral om wijkgerichte beschikbaarheid van verpleging, diezelfde beschikbaarheid is nodig voor verzorging en huishoudelijke hulp. Cliënten die alleen huishoudelijke hulp of verzorging vragen, hebben evengoed behoefte aan coördinatie en goede afspraken met de mantelzorg en welzijnsactiviteiten. Veel cliënten hebben op termijn behoefte aan verpleging. Introductie van weer een andere organisatie leidt tot versnippering en fragmentatie. Dat is niet in het belang van kwetsbare mensen en chronisch zieken.

Kortom, als het gaat om werkelijk geïntegreerde thuiszorg, is er nog heel wat uit te zoeken. Hoe verloopt de bekostiging, wat zijn de kostprijzen, hoe gaan we om met de huidige aanbestedingen in AWBZ en Wmo? Maar een begin kunnen we nu al maken.

Middelen

En hoe zit het met de beschikbare collectieve middelen? Wordt de zorg niet juist veel duurder met een dergelijk systeem? Volgens ons juist niet. Werkelijk geïntegreerde thuiszorg is meer dan efficiënte planning van bezoekroutes of zo goedkoop mogelijk personeel. Dan gaat het om de winst door preventie, winst door optimale inzet van mantelzorg of om naadloze afstemming in de keten. Een uitgewerkte businesscase is er nog niet. Daar werken we aan in de overtuiging dat we meer mensen kunnen helpen met hetzelfde geld. We baseren ons op de principes van het social return on investment (maar dan wel uitgedrukt in euro’s), en we letten niet alleen op het rendement op korte termijn maar vooral ook op het rendement op langere termijn.

Om efficiënt te kunnen werken, is de zorg de afgelopen jaren steeds meer opgeknipt. De ene hulpverlener komt langs voor de prik, de ander voor de steunkousen en coördineren doet helemaal niemand meer. Wijkverpleegkundigen die zorg tot en met complexe verpleging kunnen leveren en die ook de planning en coördinatie op zich kunnen nemen, zijn onder druk van kostenbeheersing wegbezuinigd. Ze hebben plaatsgemaakt voor lager opgeleid en dus goedkoper personeel.

Wij willen terug naar werkelijk geïntegreerde en complete zorg: een vaste contactpersoon voor elke klant die zelf alle zorg verleent of in overleg met de klant regelt wie voor welke zorg wordt ingezet. Zorg regelen en coördineren kunnen de medewerkers zelf. Zij worden weer de vertrouwenspersoon van de klant en zijn naasten. Daarvoor zijn meer medewerkers met een hoger deskundigheidsniveau nodig. Dat leidt tot verschuiving in de personele mix en tot gerichte bijscholing.

Hoe meer de coördinatie, planning en verantwoording wordt neergelegd bij de medewerker, hoe minder staffuncties en andere overhead er nodig is in de organisatie. Door de medewerkers in de gelegenheid te stellen om integrale zorg te verlenen, wordt werken in de zorg bovendien weer aantrekkelijk. Dat levert een belangrijke bijdrage aan de verwachte arbeidsmarktproblematiek.

Zorgbond

Bij een visie die de nadruk legt op nabijheid en samenwerking past een organisatievorm waarin die visie zichtbaar is. Het ligt dan voor de hand om cliënten en samenwerkingspartners meer bij de organisatie te betrekken. Dat kan op meerdere manieren.

Binnen de groep Thuiszorg nabij & beter denken we bijvoorbeeld aan een constructie waarin cliënten lid kunnen worden van de organisatie. Net zoals de vroegere kruiswerkorganisaties dus, maar dan wel in een modern jasje. Bijvoorbeeld met cliënten als aandeelhouders die direct invloed hebben op het beleid. Cliënten zijn dan overigens niet alleen de mensen die zorg krijgen, maar in principe alle burgers die dat willen.

Anderen in de groep denken aan de maatschappelijke dienstenorganisatie. Dat is een organisatie die (mede) wordt bestuurd door de stakeholders in de regio, bijvoorbeeld een zorgverzekeraar en een aantal gemeenten of welzijnsorganisaties. De maatschappelijke dienstenorganisatie voelt zich verantwoordelijk voor het integrale welzijn van de burger en biedt een samenhangend aanbod van bijvoorbeeld wonen, zorg, welzijn en werk. Weer anderen denken meer aan een constructie met sterke adviesraden of systematische consultatierondes.

Kortom, er zijn meerdere variaties en elke organisatie zal  zijn eigen keuze moeten maken. De varianten zijn niet altijd van vandaag op morgen te realiseren, maar het is wel belangrijk om er snel mee te beginnen. Dan voorkomen we dat veranderingen die onderaan beginnen stranden op een organisatievorm die daar niet meer bij past.

Als landelijke pendant van lokale invloed van klanten kiezen wij voor het oprichten van de Zorgbond. Wie  lid is van een thuiszorgorganisatie wordt automatisch lid van de Zorgbond, net zoals het lidmaatschap van een voetbalvereniging automatisch het lidmaatschap van de KNVB inhoudt. De Zorgbond biedt leden informatie, servicevoordelen, discussieplatforms en lotgenotencontact. En als leden dat willen, ook belangenbehartiging. Op die manier kan een machtige klantenbeweging ontstaan die ons op de vingers tikt als wij niet volgens onze eigen visie werken en die ons helpt als er belangen bepleit moeten worden op landelijk niveau.

De inhoud van dit essay is tot stand gekomen met inbreng van en wordt onderschreven door:
•    Mevrouw L. Berkhout, raad van bestuur Activite
•    Mevrouw I. Fleischeuer, raad van bestuur Vivent
•    De heer E.J. Hisgen, raad van bestuur Thuiszorg Rotterdam
•    De heer C. Kruidenberg, raad van bestuur Zuwe
•    De heer C.J.V.L. Laurey
•    De heer E. Mulder, raad van bestuur Aveant
•    De heer M. van Rixtel, raad van bestuur Sensire
•    Mevrouw W.W. Stadtman, raad van bestuur Amstelring Osiragroep
•    De heer C.P.J. Verouden, raad van bestuur Zuidzorg

Abonneer u op Skipr magazine

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top