Artikel

Skipr 99 Uitvergroot: Elisa Carter - 64

De grootste klacht van professionals is de administratieve rompslomp, stelt Elisa Carter vast. Het heeft haar ‘een paar centen’ gekost, maar ze heeft een oplossing gevonden. GGzE Eindhoven en de Kempen zet ‘service administrators’ in. Deze mensen ontlasten de professionals van administratieve lasten. Hierdoor heeft de ‘flow van bron tot facturering’ een hoog tempo gekregen. Carter durft zelfs te stellen dat het tempo drie keer hoger ligt dan voorheen.

Ambities

Elisa Carter, lid van de raad van bestuur, is ambitieus. Ze wil invloed uitoefenen op, of liever nog een bijdrage leveren aan de organisatie van de gezondheidszorg in Nederland. En, als het even mogelijk is, ook in Europa. “Ik wil op het niveau waar de vraagstukken over het behoud van gezondheid en de beste interventies dominant zijn het beleid bepalen.” Carter lijkt op de goede weg: ze is lid van de Raad voor de Volksgezondheid (RVZ) en bestuurslid van ZonMw.

Digitale wereld

Bij de RVZ zit Carter meer aan de advieskant en bij ZonMw aan de onderzoekskant. Carter ziet ZonMw als een verlengstuk van het ministerie van VWS. ZonMw doet onderzoek om innovatie in de zorg te stimuleren. De onderzoeksvragen zijn afgeleid van het beleid van VWS en van vragen uit de sector. Bij de RVZ is ze met een team bezig met een nieuwe ordening van de zorg. Door discussies, klankborden en focusgroepen doet ze veel inspiratie en ideeën op. Een prettige manier van werken, stelt ze. Haar aandacht gaat vooral uit naar de public health, technologische ontwikkelingen en digitalisering. “Kinderen worden geboren in een digitale wereld en de gezondheidszorg moet daar een afspiegeling van zijn. Als bestuurder is het mijn taak om de organisatie hierop voor te bereiden.”

Collegialiteit

Dankzij een collegiaal bestuur binnen GGzE is het mogelijk om haar werkzaamheden voor de verschillende organisaties te combineren. Het is een kwestie van planning, meent Carter. Gemiddeld zit ze één dag in de week in Den Haag. Werkweken van zestig uur zijn geen uitzondering. Binnenkort geeft zij een beleidsadvies voor het zorgbeleid op Curaçao en vertrekt ze voor drie maanden naar Suriname om voor haar zieke moeder te zorgen. GGzE biedt haar die ruimte. “Ik heb een scherpe focus en beschik over veranderkracht. Mensen hebben vertrouwen in me, ze weten dat het goed komt als ik er ben. Ik bied zekerheid. De kwantiteit van mijn aanwezigheid is soms misschien wat minder, maar het volume compenseert dat ruimschoots. Ik loop nooit achter met mijn werk.” Ze prijst haar collega-bestuurder Joep Verbught om zijn collegialiteit. “Samenwerken is mogelijk door te geven en te krijgen. Niet  door te geven en te nemen.”

Reorganisatie

GGzE bevindt zich in een overgangsfase. De organisatie is van een meer hiërarchische matrixstructuur naar een divisiestructuur getransformeerd. De implementatie van de gevolgen daarvan vindt nu plaats. Carter heeft binnen de reorganisatie twee projecten geleid: de invoering van het elektronisch patiëntendossier en een herziening van de financiën en informatievoorziening. Eigenlijk zijn deze twee trajecten nauw met elkaar verbonden, vertelt Carter. “Het invoeren van een nieuw EPD betekent ook een totaal nieuw administratieproces.”

De inzet van de administratieve krachten betekent een betere kwaliteit, nauwkeurigheid en resultaat van het administratief proces. “De verzekeraar dacht dat het te ambitieus was, maar we hebben het binnen een half jaar weten te realiseren”, vertelt ze trots. Daarnaast heeft GGzE de bezem door de bestaande administratie gehaald. Dankzij het zogenoemde  ‘Swiffer-project’ heeft de organisatie zo’n zestig miljoen euro kunnen factureren bij de zorgverzekeraars. Carter stelt dat de bank blij is met GGzE; het jaar is afgesloten met een winstparagraaf van ruim drie miljoen euro.

Omslag van denken

Ze vreest de bezuinigingen niet. Carter verwacht dat ze leiden tot het behoud van wat de zorg nu heeft aan financiële middelen, maar dat daar meer mee gedaan moet worden. Het komt dan aan op de creativiteit van de zorg en de individuele bestuurder. “Met de huidige middelen kunnen we heel veel doen. De uitdaging ligt eigenlijk in het creëren van een omgeving die dat ook wil. Kortom, de attitude keren. Alleen dan kun je excelleren.” Naast een omslag van denken in de zorg, pleit Carter ook voor een verandering in het consumptiegedrag van mensen. Het is een taak van alle Nederlanders om kritisch te kijken naar hun zorgconsumptie. Ze adviseert de nieuwe minister van VWS daarom om zich te richten op gezondheidbeleid en niet op gezondheidszorgbeleid. De focus moet meer liggen op gedragscomponenten: gezondheid, voorlichting en opvoeding. Carter aarzelt bij het woord preventie. “Preventie is killing. We prediken het al vijftig jaar en de impact is onvoldoende. Het is tijd voor een ander paradigma, een andere betekenis van health. Dan ontstaan vroegtijdige signaleringen van preventie vanzelf.”

Versnippering van zorg

Carter wil de beste zorg kunnen leveren aan haar cliënten. Dit hoopt ze te bereiken door hen een helende omgeving te bieden waarin zij echt kunnen herstellen. Maar ook door de zorg beter te organiseren. Een patiënt moet niet eerst drie keer op intakegesprek komen voordat hij of zij bij de juiste behandelaar terecht komt, vindt ze. Versnippering binnen de organisatie probeert ze tegen te gaan. De aanwezige kennis bundelt GGzE in expertisecentra zodat het voor een ieder duidelijk is waar welk probleem kan worden opgelost.

Academisering

Elisa Carter is niet verknocht aan de ggz. Alhoewel haar c.v. anders doet vermoeden. Voorheen was ze eenhoofdige bestuurder bij de RIAGG Maastricht. “GGzE is op mijn pad gekomen en ik vond het een mooie uitdaging. Maar mijn ambitie ligt in een academisch ziekenhuis. De combinatie van diepgang, beroepsonderwijs, onderzoek en expertise spreekt mij enorm aan. Daarom probeer ik ook GGzE te academiseren.” Daarom is er ook een onderzoek- en ontwikkelingsafdeling opgezet en biedt ook academische werkplaatsen aan.

Internationale ggz

Maar de ambities van Carter reiken voorbij de grenzen van Nederland. Ze is trots om in Nederland gezondheidszorg te mogen bedrijven, maar ooit behoorde Nederland tot de top van de Europese gezondheidszorg. “We doen niet onder voor andere landen wat geneeskunde betreft en we hebben een groot innovatief vermogen. Maar we zakken een beetje af, terwijl we goede wetenschappers hebben.” Er gebeurt wat Carter betreft te weinig om deze positieve punten uit te dragen binnen Europa. Ze probeert het thema daarom op de politieke agenda te krijgen. Daarnaast wil ze een samenwerkingsverband met ggz-organisaties in andere landen opzetten. Vanwege tijdgebrek is ze daar nog niet aan toegekomen. “Maar als ik mijn best doe, dan kan ik dat makkelijk opzetten. We zijn nu reeds lid van de National Council for Behavioral Health van de VS. Het is niet zo ingewikkeld.”

Lees ook het interview met Elisa Carter uit het januarinummer van Skipr magazine.

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top