Artikel

Eelco Damen: ‘Kleinschalig heeft de toekomst’

Eelco Damen, bestuursvoorzitter van Cordaan, redde de Amsterdamse thuiszorg van de ondergang. Meer groeien hoeft niet voor hem, want kleinschaligheid heeft de toekomst: ‘Geen grote instituten, maar samenwerken met woningbouwcorporaties’

Door: Willem Wansink. Uit: Skipr Magazine 02/03, maart 2009.

Eelco Damen (53) gaat voor de inhoud. Hij wil veranderen en verbeteren. Starre beheersmodellen boeien hem niet. De organisatie en de financiën doen er zeker toe, maar komen op de tweede plaats. “Ik durf risico’s te nemen. Absoluut.”
Wat zijn drive is? “Vernieuwen in een sector die onder druk staat.” Zijn visie? “Integratie van wonen en zorg voor ouderen en mensen met verstandelijke handicaps. Meer kleinschaligheid. Dat kan, maar dan in de wijk.” Zijn doel: “Geen grote instituten neerzetten, maar samenwerken met woningbouwcorporaties”.

Damen werd geboren in Zeist. Een middenklasse-omgeving. “Niet aan de mooie kant van de bossen, maar aan de Utrechtse kant bij De Bilt. Prima plek.” Hij studeerde interdisciplinaire sociale wetenschappen in Leeuwarden, Groningen, Utrecht en Amsterdam. In 1982, het jaar van zijn afstuderen, kwam hij niet aan de slag. Hij werd vrijwilliger in de geestelijke gezondheidszorg bij de Riagg in Groningen. Een jaar later was Damen freelancer voor de vereniging van sexuologie in Amsterdam. Een vrijere sexuele moraal en gelijkwaardiger relaties tussen man en vrouw hoorden bij de tijdgeest. Hij schreef een boek over daders van sexueel geweld, deels gebaseerd op ervaringen uit zijn eigen omgeving. Pas toen er een vaste baan in Groningen vrijkwam, kon hij ‘het vernederende stempelen’ op het arbeidsbureau achter zich laten.

Tegenslag

Damen kent de tegenslag en de keerzijden van het bestaan. Ook daarom zet hij zich in voor een ander imago van de care, de zorg voor ouderen, gehandicapten, psychiatrische patiënten en chronisch zieken. “We moeten veel creatiever kijken naar de manier waarop er in de zorg wordt gewerkt. Onze patiënten horen zich veilig én thuis te voelen. Dat kan, als de organisatie het wil.”
Stimuleren en motiveren, dat is zijn métier. Zijn credo: nooit bij de pakken neerzitten en elke kans benutten om als zorgorganisatie beter te worden. “Mensen willen zo lang mogelijk normaal leven en zo lang mogelijk thuis blijven wonen als ze ouder worden. Prima. Dat wil iedereen. Organiseer dat dan ook goed. Dan heb je vaak meteen de goedkoopste oplossing te pakken.”
Kwaliteit en prijs gaan onherroepelijk samen. Trots vertelt hij dat hij eind 2008 heeft besloten een franchise-overeenkomst te sluiten met de Martha Flora Huizen, een concept om kleinschalige zorgeenheden voor dementerende ouderen op te zetten waarbij zorg en wonen worden gecombineerd op basis van aandacht en kwaliteit. Een veelbelovend initiatief. “Eigen kamers. Goed personeel”.
Uiteraard kost zo’n kleinschalige opzet geld. “Mensen zullen particulier moeten bijbetalen.” Of daardoor een tweedeling in de zorg ontstaat? “Ja, maar er komt ook een ontwikkeling op gang, gefinancierd door private middelen, die aantoont dat het anders kan. Er ontstaat dynamiek. Wij hebben vastgelegd dat de meeropbrengst wordt gebruikt voor mensen die zich niets kunnen permitteren.”

Katholiek gezin

Muren slechten, grenzen overschrijden: dat is zijn wereld. Hij is communicatief en doelgericht. Energiek en bescheiden. Donkere ogen, vasthoudende blik: zijn oogopslag doet afwisselend denken aan Paul Witteman en Thom Hoffmann. Damen is getrouwd met Heleen, een jeugdwerker. Ze hebben twee zoons, Martijn en Thomas. De een studeert sociologie in Amsterdam, de ander personeel en organisatie in Groningen.
Zelf komt hij uit een groot katholiek gezin; hij is de een na jongste van zeven jongens en een meisje. Vader was vakbondsman, oprichter en eerste directeur van het PGGM-pensioenfonds. Zijn moeder was musicus, ze speelde piano en orgel. Een familie met traditie, met een sociale en een culturele kant en met een familieorkest waarin hij cello en dwarsfluit speelde. Hij heeft het afgezworen: “Ik wilde geen cello spelen. Ik moest het omdat het paste in het huisorkest. Ik wilde piano leren spelen. Dat is er nooit van gekomen.”
Zeist betekende veel natuur en uren dolen in de bossen, alleen, met vrienden en familieleden. Een enorme vrijheid. “Dat was belangrijk, eind jaren zestig. Er bestond een heel anti-autoritaire beweging. Al mijn oudere broers en mijn zus keerden zich tegen de tamelijk autoritaire verhoudingen bij ons thuis. Ik heb dat in zekere zin nagevolgd.”
Zijn ouders waren belijdende katholieken, zijn vader een echte KVP’er. Net als alle oudere broers werd Eelco Damen geacht het katholieke gymnasium in Amersfoort te doen dat werd geleid door de Paters Kruisheren.

Boerenknecht

Hij vond het vreselijk in Amersfoort. Zijn gezicht vertrekt: “Het individu kreeg er geen ruimte. Er werd geslagen, er werd geknepen. Heel hard.” Op zijn vijftiende werd hij van school verwijderd, nadat hij de lange flappen aan het habijt van een pater voor het zicht van de klas had vastgebonden aan een stoel.
Damen werd boerenknecht op een gemengd bedrijf in Driebergen. Hij zwijgt even. “Ik heb alles gedaan. Koeien melken, hooien, ploegen, eggen.” Elke ochtend om zes uur stond maakte hij de stal schoon. “Ik wilde iets doen. Maar toen ik wekenlang op de tractor had gezeten om 40 hectare gras te maaien, dacht ik: dit is ook niet wat ik wil.”
Op zijn zestiende besloot hij naar de Montessori-school in De Bilt te gaan: “De enige keer dat ik mijn vader heb zien huilen, was toen ik hem zei dat ik het huis uit ging om op kamers te wonen. Voor zijn gevoel was dat zijn falen. Dat ik die katholieke school niet afmaakte, was ook zijn nederlaag.”
De vernieuwende sfeer en cultuur van het Montessori-onderwijs deden hem goed. Hij kon zich ontplooien en deed eindexamen VWO met een acht gemiddeld: “Ik heb daar geleerd te kiezen voor de dingen waarin ik werkelijk geïnteresseerd ben”.
Damen had ook kunnen ontsporen. “Ik heb een vriend gehad die dacht dat hij Jezus was. Hij ging aan de LSD. Hij is in de psychiatrie terechtgekomen en er niet meer uitgeraakt. Ik dacht: dat niet. Ik heb nooit drugs gebruikt.”

Tropenjaren

Hij is geen jobhopper. Na bijna vijf jaar Groningen vertrok Damen naar de Riagg in Zwolle. Zijn directeur was bijzonder vernieuwend en inspirerend: “Die man heeft me enorm  gestimuleerd. Door hem heb ik me kunnen ontwikkelen”. Vijf jaar later was Damen zelf directeur beheer: “Ik realiseerde me dat je de inhoud niet voor elkaar kunt krijgen zonder een goede bedrijfsmatige aanpak.” Hij leidde enkele nieuwbouwprojecten, werkte aan de vernieuwing van de geestelijke gezondheidszorg in Overijssel en bevorderde de samenwerking tussen de psychiatrische ziekenhuizen en de instellingen voor beschermd wonen.
Elf jaar geleden volgde Amsterdam; in Zwolle kon hij inhoudelijk niet verder: “Ik hou van beslissen. Afwachten is zonde.”  Hij werd verantwoordelijk voor een organisatie in de verstandelijke gehandicaptenzorg die in grote financiële problemen bleek te zijn geraakt.  “Ik ben twee jaar bezig geweest een faillissement af te wenden. Geweldige stress. Tropenjaren. Het ging om een bedrag van 50 miljoen gulden dat niet was gedekt op een omzet van 70 miljoen. Dat zou in de huidige tijd niet meer denkbaar zijn.”
Damen saneerde en reorganiseerde. Dat kan alleen als je een visie hebt, zegt hij: “Mensen met verstandelijke beperkingen hebben ook veel mogelijkheden. Ze kunnen nog heel veel. Op die mogelijkheden moet je je richten. Je moet ze niet uitsluiten van de samenleving. Je moet ze helpen zichzelf te ontwikkelen, een rol te vervullen en te participeren.”
Uiteindelijk ging zijn organisatie op in Cordaan. Waarom hij in Amsterdam gebleven is? “Bijna de helft van de Amsterdamse bevolking heeft een niet-Nederlandse herkomst. Als je het goed wilt doen in die stad, moet je zorgen dat mensen ongeacht hun herkomst een aanbod krijgen dat aansluit bij hun behoeften en rekening houdt met hun cultuur. Dat boeit mij.”

Oude schoenen

Nog altijd werkt hij hard, al wil hij zich geen worhaholic noemen. Ja, hij maakt dagen van twaalf uur en altijd staat zijn agenda vol met afspraken. “Soms is er bijna geen tijd voor de persoonlijke verzorging”. Maar thuis trekt Damen zijn oude schoenen aan en holt hij meteen de polder in, ten noorden van de hoofdstad waar hij sinds kort woont. In Zwolle hockeyde hij. Hij eindigde als voorzitter van de hockeyclub. Nu tennist hij met zijn vrouw.
Vroeger was hij linkser georiënteerd, maar sinds vele jaren is hij lid van de Partij van de Arbeid. Toch heeft hij het SP-manifest ‘Stop de marktwerking in de zorg’ ondertekend. De PvdA laat zich volgens hem de kaas van het brood eten door de SP die wél ziet wat er mis is, bijvoorbeeld in de thuiszorg. “De PvdA laat kansen liggen om de vernieuwing van het publieke domein in relatie tot de marktwerking tot haar eigen terrein te maken. Ze moet veel creatiever zijn en met oplossingen komen. Maar de visie op de toekomst onbreekt en er is geen ruimte voor vrije discussie. Alles wordt ondergeschikt gemaakt aan de korte termijn politieke doelstellingen.”

Aandacht

Zijn meest relevante persoonlijke ervaring met de zorgsector was het dementeringsproces van zijn moeder: van thuiszorg naar verzorgingshuis. Toen haar ‘zorgvraag’ volgens het huis te zwaar werd, vonden de kinderen een klein woonzorgcentrum waar acht ouderen wonen en zorg krijgen. Er moest worden bijbetaald bovenop de AWBZ: “Zij heeft er terwijl ze ernstig dementeerde en niemand herkende een humaan levenseinde gehad.”
Inderdaad: er moet veel worden gedaan om de kwaliteit te verbeteren. Welke kwaliteit? “De kern van de kwaliteit van zorg is de relatie tussen de zorgverlener en degene die zorg nodig heeft. Er moet meer aandacht komen voor de patiënten.” Medewerkers moeten beter worden opgeleid. “We trainen ze en helpen ons personeel zich te ontwikkelen. Dat gaan we samen doen met het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam en met andere onderwijsinstellingen in de hoofdstad. Je moet investeren. Je komt er niet door de zorg uit te kleden en laaggeschoolde schoonmakers van niet-Nederlandse origine in de thuiszorg in te zetten.”

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Anoniem

17 april 2014

Wel in de top vijf van zorggraaiers.

Top