Artikel

Skipr 99 Uitvergroot: Jan Fidder – 52

De volstrekt gelijkwaardige  positie van gehandicapten in de maatschappij blijft een lastige kwestie. Het beleid van de VN is geënt op volwaardig burgerschap in de maatschappij. Een handicap mag nooit een  maatschappelijke belemmering zijn. Gechargeerd komt dat erop neer dat een handicap het probleem is van de maatschappij, stelt voorzitter raad van bestuur van gehandicapteninstelling Ipse De Bruggen Jan Fidder. Dat is lovenswaardig, maar in de praktijk werkt het zo natuurlijk niet, aldus Fidder.

In Nederland is het niet slecht gesteld met de participatie. Er zijn zo’n 120 tot 130 duizend gehandicapten in Nederland. Maar de gemeenschap heeft wel een tolerantiegrens, waarschuwt Fidder. Uiteindelijk draait het ook om geld: een dynamische uitdaging.

Netwerk

Jan Fidder staat op de 52e plaats van de Skipr 99, de ranglijst van de invloedrijkste zorgbeslissers. Hij kan zich daar wel in vinden: om invloed uit te oefenen is een netwerk vereist. Fidder gelooft in win-win en samenwerken. “Om effectief te kunnen zijn, is een netwerk nodig. Dit netwerk kun je inzetten om vraagstukken op te lossen. Nevenfuncties zijn daarom ook zinvol om ergens binnen te kunnen komen.” Fidder is echter niet veel te vinden op bijvoorbeeld recepties. Zijn netwerk is niet afhankelijk van dergelijke ‘verplichtingen’. Als voorzitter van de raad van bestuur van Ipse de Bruggen en bestuurslid van brancheorganisatie Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) ontmoet hij veel gesprekspartners.

Samenwerking

Een brede organisatie als Ipse de Bruggen vraagt volgens Fidder om kennis van andere sectoren, zoals GGD’s en jeugdzorg. Hoe vul je elkaar aan? Is er samenwerking mogelijk?  Uit het jaardocument van Ipse de Bruggen blijkt dat de organisatie over ‘een batterij aan samenwerkingsverbanden’ beschikt. Het gaat echter niet om de kwantiteit, maar om het aanbieden van het hele spectrum van zorg. Zo is de organisatie bijvoorbeeld bezig met ontwikkelingen in de jeugdzorg en de combinatie van verstandelijke beperkingen en psychiatrie. Partnerships opbouwen dus. Alles valt of staat met de bestuurlijke klik, vertelt Fidder. “Samenwerking is gebaseerd op vertrouwen.”

Daarnaast moet er vertrouwen zijn in de medewerkers. Ipse de Bruggen kent bijna 6.000 medewerkers, 2.100 vrijwilligers en 5.000 cliënten. Een organisatie van formaat die kleinschalige zorg aan wil bieden, is dat niet tegenstrijdig? Juist niet, vindt Fidder. Cliënten merken niets van de grootschaligheid van de organisatie. Decentraal wordt er zoveel mogelijk regelruimte gegeven aan de professionals, zodat zij tot een juist zorgplan voor de individu kunnen komen.

Besturen

Uitblinken in een vakgebied is een kwestie van expertise, stelt Fidder. Je moet in staat zijn om ook moeilijke dingen te doen en ingewikkelde thematieken te versterken. “Als je het moeilijkste kan, dan gaan mensen ervan uit dat je de rest ook wel kan.” Dat geldt voor hem persoonlijk op het gebied van besturen. “Besturen is leuk. Vooral bij complexe organisaties. Dat kan ik ook goed.  Als bestuurder heb je een faciliterende rol. Je vangt de klappen op en gunt je mensen hun succes. Vaak zie je dat bestuurders in financieel slechte tijden zelf aan het regelen gaan en de taken van de medewerkers overnemen. Maar besturen is ook dat je je niet gek laat maken: vertrouw je mensen.” Hij is graag innovatief bezig. “Maar het is in Nederland verdomde ingewikkeld om buiten de gebaande paden iets op te bouwen.”

Doorontwikkelen

Ipse de Bruggen, dat na de fusie in 2008 het hele spectrum van gehandicaptenzorg aanbiedt, is gespecialiseerd in ingewikkelde vraagstukken. Het specialisme is helder en op dat gegeven wil Fidder doorontwikkelen. Hij spreekt van een zeer geslaagde fusie. De  financiën en de kwaliteit zijn op orde. De organisatie heeft onlangs het nieuwe gedachtegoed gelanceerd onder het motto ‘iedereen is bijzonder’. Dit nieuwe merk is bewust niet direct bij de fusie ingezet. “We wilden het eerst doen, eerst neerzetten. Ik ben van walk the talk.”

Werkgeversportefeuille

Bij de  VGN is Fidder verantwoordelijk voor de werkgeversportefeuille en houdt zich veel bezig met de strategie.  Met het oog op de moeizame cao-onderhandelingen voor de VVT-sector is Fidder blij dat de cao gehandicaptenzorg tot en met 2011 loopt. Speerpunten zijn de komende tijd de invulling van pensioenen en het behouden en verkrijgen van kwalitatief goed personeel. Kwantitatief zit het wel goed, in financieel lastige tijden kiezen meer mensen voor zekerheid op de arbeidsmarkt en daarom voor de zorg of de overheid.

Financieringsstelsel

Voor Ipse de Bruggen is de grote vraag hoe het financieringsstelsel zich onder het nieuwe kabinet gaat ontwikkelen. De organisatie heeft te maken met een grote hoeveelheid regelingen: de Zvw, AWBZ, Wmo, justitie enzovoorts. Over de invulling van de bezuinigingen moet zeker gepraat worden, vindt Fidder. Als je maatschappelijk meedenkt, kun je immers niets anders concluderen dan dat er bezuinigd moet worden.  Het doorduwen van bezuinigingen is volgens Fidder niet wenselijk. De pgb-stop vormt daarvan een goed voorbeeld. Het idee van het pgb is an sich niet verkeerd, meent hij, maar er is absoluut een nieuwe definitie van wat zorg is nodig. De stop treft nu echter ook de verkeerde mensen.

Ipse de Bruggen werkt met scenario’s voor de bezuinigingen. Voor Fidder is het vooral belangrijk dat de organisatie zich kan onderscheiden binnen het bezuinigingsproces en dat de NZa de bezuinigingen niet dicteert. De scenario’s geeft Fidder echter niet prijs: “Dat mag VWS zelf bedenken.”

Kwaliteitskader

Het kwaliteitskader is een ander hoofdpijndossier in de zorg. Fidder plaats vraagtekens bij de huidige manier van kwaliteit meten. De wetenschappelijke basis ontbreekt. “Het huidige meten stimuleert leren niet. Wat zegt een score van drie sterren op bijvoorbeeld een heupoperatie nou? En bejegening is niet te meten.” Initiatieven als ZorgkaartNederland bekijkt Fidder daarom argwanend. Het geheugen van de mens is selectief, stelt Fidder. “Als iemand uit het ziekenhuis wordt ontslagen, is hij blij dat hij naar huis mag. Dan is hij al lang vergeten dat hij een keer op de bel heeft gedrukt en dat de zuster maar niet kwam.”

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top