Artikel

Laurens loopt vooruit op stelselwijziging

Een deel van de ouderenzorg verdwijnt in 2013 uit de AWBZ. Laurens werkt al met twee centra voor geriatrische revalidatie. Compleet met polikliniek en bekostigd door de zorgverzekeraar.

 

Voorheen was de weg na een opname in het ziekenhuis voor een oudere helder. Wie niet naar huis kon, ging naar een revalidatiecentrum of verpleeghuis. Een tussenweg was er niet. Nu wel. In Rotterdam heeft zorgorganisatie Laurens in twee verpleeghuizen, Antonius Binnenweg en Antonius IJsselmonde, een afdeling revalidatie. Het verpleeghuis is Centrum voor Revalidatie en Geriatrie geworden. Dat betekent dat de samenstelling ingrijpend is veranderd. "Voorheen hadden we in Antonius Binnenweg ongeveer driehonderd bedden met somatische en geriatrische patiënten. Nu nog maar 180 revalidatiebedden en tachtig patiënten die onze speciale polikliniek ouderenrevalidatie bezoeken", vertelt Hans Stravers, directeur Research en Development bij Laurens.
"We hebben echt een keuze gemaakt voor specialiseren. We willen mensen zo snel mogelijk hier hebben na een ziekenhuisopname. Met Rotterdamse ziekenhuizen hebben we afgesproken dat bijvoorbeeld cva-patiënten na vijf dagen naar ons komen. Dat voorkomt dat ze een duur ziekenhuisbed bezetten. En het bespoedigt het herstelproces. Vooral bij ouderen geldt: rust roest. Het mooie is dat wij de doelgroep goed kennen. Kwetsbare ouderen hebben vaak meerdere aandoeningen en gedijen minder goed in een regulier revalidatiecentrum."

 

Wegzakken

 

Op de eerste verdieping van het Centrum voor Revalidatie en Geriatrie zit in de oefenzaal een man in zijn elektrische rolstoel. De zwarte broekspijp hangt vanaf de knie slap naar beneden. Zijn linkerbeen is geamputeerd. Aan zijn rechterbeen zit een prothese. Door vaatvernauwing is hij in twee jaar tijd beide benen kwijtgeraakt. Daarbij is hij nier- en diabetespatiënt. Nu wacht hij op orthopedisch instrumentmaker Arno van der Giessen, die vanmiddag protheses bekijkt, aanpast en met patiënten oefent met lopen. "Komt u maar. Dan gaan we eens kijken of we de prothese kunnen aanpassen." Doordat de patiënt flink is afgevallen na de tweede beenafzetting zit de eerste prothese minder goed. En het lapmiddel van twee dikke kousen voldoet niet meer. Vanuit de rolstoel trekt de 58-jarige man zich op aan de loopbrug en hinkelt hij in de richting van de instrumentmaker. "Even kijken. Ik denk dat ik de voet iets naar buiten draai, zo staat u steviger. Ik kan ook iets aan de lengte doen: des te lager des te stabieler." Na wat gedraai aan het kunstbeen, slaakt de patiënt een zucht van verlichting. "Grandioos, hier ben ik echt heel blij mee. Dit voelt prettiger."
Terug in de rolstoel vertelt de oud-medewerker van een raffinaderij waarom hij voor dit ouderenrevalidatiecentrum heeft gekozen. "Bij het reguliere revalidatiecentrum ging het mij veel te snel. Het oefentraject was te intensief. Ik moet regelmatig dialyseren en hier kan ik mijn oefenschema voor revalidatie naadloos laten aansluiten op de rest van de therapie. Dat werkt beter. Ik woon nog op mezelf en wil dat graag zo houden. Dat kan op deze manier. Ik ben al zo afhankelijk en hier heb ik toch meer regie over mijn afspraken en programma. Daardoor houd ik toch nog wat zeggenschap over mijn eigen leven", vertelt hij met een brede glimlach. "Je kunt wel helemaal wegzakken in je eigen misère. Maar ik heb ervoor gekozen er wat van te maken."

 

Pijn verzachten

 

Tegenover hem zit een oudere Latijns-Amerikaanse man. Na een beroerte kan hij maar moeilijk zijn rechterschouder bewegen. "Ik kan niet slapen van de pijn", zegt hij zacht. Na een opname op de revalidatieafdeling is hij enkele weken geleden naar huis vertrokken, maar de klachten zijn er nog. In een brief kreeg hij een uitnodiging voor verdere poliklinische revalidatie, maar de patiënt kwam steeds niet opdagen. Specialist ouderengeneeskunde Herbert van der Sande belde er achteraan en trof op een dag zijn zoon aan de telefoon. "Toen bleek dat meneer niet kon lezen. Vandaar dat hij nooit kwam", vertelt Van der Sande. Nu komt hij trouw en hebben we alles weer opgepakt." Vandaag geeft de specialist hem een injectie met ontstekingsremmers en pijnstillers om de pijn te verzachten en de schouder te versoepelen. Met zijn linkerhand peutert de patiënt voorzichtig de knoopjes van zijn overhemd los om de schouder vrij te maken. Na de injectie duurt het ook weer enige tijd om alles weer aan te trekken. "Goed zo, ik zie dat u de mouw eerst aan de aangedane kant aantrekt. Dat werkt het beste", zegt de arts.
Terwijl de man de deur uitloopt om met de lift naar de begane grond te gaan, legt Van der Sande uit hoe het verpleeghuis is veranderd met de komst van de polikliniek. "Het is eigenlijk wonderlijk dat er niet meer van dit soort poliklinieken bestaan in de verpleeghuiszorg. In de ziekenhuiswereld, maar ook in de ggz is het de normaalste zaak van de wereld. We merken dat het klantvriendelijker is, doelmatiger en individueler. Mensen kunnen veel eerder naar huis na hun intramurale revalidatie. Soms zelfs zes weken eerder. Vroeger waren we huiverig iemand naar huis te sturen die nog niet perfect kon lopen. Nu kan dat wel, omdat we daarna verder gaan met revalideren via de poli. Het gros vindt deze aanpak fantastisch. Mensen zijn door de bank genomen liever thuis dan in een verpleeghuis of revalidatiecentrum."
Marcel van Woensel, lid van de raad van bestuur van Laurens, over de nieuwe weg die Laurens is ingeslagen: "Eigenlijk hebben wij een vrij unieke keuze gemaakt door onze verschillende verpleeg- en verzorgingshuizen te specialiseren. We hebben echt ZZP9-locaties en locaties waar patiënten komen met een ZZP6 tot ZZP8-indicatie. Die keuze was best spannend. Je moet lef tonen. Behalve dat je met die twee revalidatiecentra meer revalidatiepatiënten naar je toe trekt, verliezen de professionals in de andere huizen deze categorie cliënten. Dat wordt niet altijd gewaardeerd, maar wij willen ons graag onderscheiden door het goed te doen."

 

Proeftuin

 

De nieuwe aanpak in Rotterdam is onderdeel van de proeftuin voor vernieuwend aanbod van geriatrische revalidatiezorg van ActiZ, Zorgverzekeraars Nederland, NPCF en het Ministerie van VWS. De directe aanleiding van de in totaal achttien proeftuinen is de beoogde overheveling van de geriatrische revalidatiezorg van de AWBZ naar de zorgverzekeringswet in 2013.
Van Woensel is trots op de voortrekkersrol van Laurens. "Die hebben we eigenlijk altijd al in ons vaandel. Nu we meedoen aan deze proeftuin, krijgen we er ook erkenning voor. Het mooie aan de opzet is dat je een nieuw product in de markt zet vanuit een zorginhoudelijk en kwalitatief besef. Daarbij is het prettig dat dit wordt begeleid door een systeemverandering, zoals de overheveling van de geriatrische revalidatie van de AWBZ naar de zorgverzekeraars."
Directeur Hans Stravers vult aan: "In het huidige zorgklimaat is het belangrijk vooruit te kijken en niet alleen te reageren als de regels al zijn aangepast. Op dit moment krijgen we transitiegeld van de zorgverzekeraar om dit te kunnen betalen. Daarna moet het uit de reguliere middelen. Deze proeftuin is echt een uitdaging. We ontwikkelen een triage-instrument om onderscheid te maken tussen klanten voor de reguliere revalidatie, de geriatrische revalidatie en de reactivering. Daarnaast onderzoeken we het nut en de noodzaak om patiënten met hogere intensiteit te behandelen. Alles evidence-based. Als derde onderdeel van de proeftuin gaan we een zorgketen en behandelprotocol opzetten voor copd-patiënten. We zien deze proeftuin als een erkenning voor de weg die we zijn ingeslagen en de kwaliteit die we al jaren leveren."
"Deze aanpak is voor de patiënt prettiger", vervolgt Stravers. "In het ziekenhuis wordt met name naar de ziekte gekeken, wij kijken naar het totale plaatje, dat is het verschil. Mensen hoeven zich niet af te vragen wat de volgende stap in hun revalidatietraject is. Het hele traject is transparant, snel en gebaseerd op een stevige inhoudelijke en kwalitatieve zorg. De zorgpaden zijn helder omschreven en we werken met een scala aan professionals, zoals ergotherapeuten, specialisten ouderengeneeskunde, logopedisten, fysiotherapeuten, psychologen en diëtisten."

 

Tongbrekers

 

De polikliniek ouderenrevalidatie is inmiddels volgestroomd. Bij de receptiebalie maken enkele bezoekers nieuwe afspraken voor volgende week. In de oefenruimte begeleiden verschillende fysiotherapeuten mensen op de loopband en allerhande fitnessapparaten. Logopediste Simone van Leeuwen neemt een cva-patiënt mee haar behandelkamer in. Hij moet oefenen met zijn spraak. Op tafel ligt een blaadje met tongbrekers. Ieder woord moet hij drie keer achter elkaar opzeggen. "De biezen pakken, potten en pannen, prikkebeen, prullenbak, pindakaas", lepelt hij keurig op. Wat trager dan normaal, maar goed verstaanbaar.
"Merkt u nu het verschil?", vraagt de logopediste. "Als u de woorden wat langer en vaker achter elkaar opzegt, gaat het wat lastiger. U wordt moe, of niet?" "Nee hoor, totaal niet", antwoordt de man ferm. Maar zijn vrouw knikt. Dan is het oefenmoment voorbij. Het echtpaar vertrekt door de gang richting de lift.

Smash

 

Even moeten ze wachten, want op de gang tennist een zwaarlijvige heer in een rolstoel met de fysiotherapeut. Fanatiek slaan ze beiden met een softtennisracket tegen een rode ballon. Het plezier straalt ervan af. "Nog één smash en dan gaan we weer naar de oefenzaal", zegt de therapeut.
Naast alle lichamelijke oefeningen bij de diverse therapeuten biedt de polikliniek indien nodig ook psychische hulp. Met name patiënten na een beroerte hebben kans op depressies. Psychologe Marieke Terwel ziet veel patiënten die ook een fysiek traject volgen. "Wij werken aan geheugentraining, gedragstherapie en verwerking na een trauma. Je ziet zoveel mensen hier helemaal opknappen en als ze dan thuis komen, vallen ze in een diep gat. Thuis lopen ze pas echt tegen de problemen aan en dat veroorzaakt vaak veel verdriet. Doordat wij elke dag open zijn, komen mensen graag hier. Het is vertrouwd en ze zitten tussen mensen die hetzelfde hebben meegemaakt. Dat maakt zo’n polikliniek vooral voor ouderen heel toegankelijk."

Snel naar huis

 

In de oefenzaal begeleidt fysiotherapeut Lara Batenburg een fragiele oudere heer. "Ik heb de ziekte van Kahler en heb zowel mijn armen als benen meerdere keren gebroken. In mijn bovenbeen zit een ijzeren pin. Die spieren moeten beter aansterken." Hij woont niet thuis, maar verblijft op de revalidatieafdeling enkele verdiepingen hoger. "Hier word ik prima verzorgd hoor. Nu ik weer leer lopen op de loopbrug en mijn beenspieren versterk op dit fitnessapparaat, hoop ik toch snel weer naar huis te kunnen." De fysiotherapeut: "We willen dat meneer zich straks kan redden met één kruk in huis. Met de rollator moet hij ook een boodschapje kunnen doen." Als de patiënt klaar is met het apparaat, staat de volgende al te wachten.

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top