HRM

CAO-VVT: inzetten op goede arbeidsvoorwaarden

CAO-VVT: inzetten op goede arbeidsvoorwaarden

Eind februari beginnen de onderhandelingen over de CAO-VVT, één van de grootste cao’s in Nederland die de arbeidsvoorwaarden regelt van werknemers in verpleeg- en verzorgingshuizen, de thuiszorg, de jeugdgezondheidszorg en de kraamzorg.

Werk en zorg in een branche die er toe doet en een steeds belangrijker plaats inneemt in onze samenleving; alleen al omdat de vraag, vooral naar ouderenzorg, toeneemt en zal blijven toenemen. Bovendien een bedrijfstak die  aan 430.000 mensen werk en inkomen verschaft. 

Individualisering

Wel wordt er al jaren veel gevraagd van de spankracht van werkgevers en werknemers in de zorg. De branche heeft te maken gehad met forse wijzigingen, zoals de invoering van de WMO en de zorgzwaartebekostiging. Verder zijn en worden verschillende onderdelen van de zorg overgeheveld van het ene naar het andere stelsel. Al die wijzigingen zetten extra druk op de zorg en organisatie daarvan.
Daarnaast speelt de individualisering van de samenleving. Wensen en vragen van cliënten veranderen. De zorgvraag neemt toe en wordt door vergrijzing ook complexer. Cliënten vragen om zorg en ondersteuning die 24/7 volledig is afgestemd op hun situatie en behoefte. Terecht stelt de burger van nu andere eisen aan de zorgverlening. Hij of zij verwacht een flexibele opstelling van de zorg. Dit vereist minder knellende regels en administratieve lasten. Werkgevers passen hun bedrijfsvoering hierop aan binnen hun mogelijkheden. De nog steeds toenemende individualisering leidt ook tot meer zelfbewuste en mondige werknemers die –terecht- verwachten dat werkgevers op hun individuele wensen en mogelijkheden inspelen. Ook worden andere eisen gesteld aan de kwaliteit van arbeid. Grotere autonomie en zeggenschap voor de professional, erkenning en gebruikmaking van vakmanschap en meer ontwikkelings- en opleidingsmogelijkheden.

Beperkte uitstroom

Aan werkgevers de taak om hierop in te spelen. Om nu en in de toekomst medewerkers te behouden én te kunnen voorzien in voldoende gekwalificeerde medewerkers zetten zorgorganisaties sterk in op personeelsbeleid. Uit medewerkertevredenheidsonderzoeken blijkt dat in drie achtereenvolgende jaren meer dan 50.000 medewerkers hun werk een ruime voldoende – in 2011 een 7,2 – geven. De uitstroom uit de branche is, inclusief pensionering slechts zes procent. Daarmee steken we niet slecht af tegen andere bedrijfstakken in ons land, in een aantal gevallen zelfs goed.

Concurrerende voorwaarden

Ook op het gebied van arbeidsvoorwaarden kan de VVT-branche in tegenstelling tot het beeld dat er is zich goed meten met andere bedrijfstakken. Dat blijkt uit een uitgebreid benchmarkonderzoek door werkgeversorganisatie AWVN. De arbeidsvoorwaarden, waaronder het loon, kunnen de vergelijking met die van onder andere de horeca, de metaal en techniek prima doorstaan. De arbeidsvoorwaarden in de VVT zijn absoluut concurrerend. En de werkdruk dan? Die kan inderdaad nog verder omlaag. Niet dat het overal slecht is gesteld, maar om de kwaliteit van zorg een impuls te geven, kunnen we op veel plekken meer zorgverleners gebruiken. In achterliggende jaren zijn te weinig middelen beschikbaar gesteld om de groeiende zorgvraag bij te benen. Gelukkig hebben we vanaf 1 januari van dit kabinet 637 miljoen euro extra gekregen om meer medewerkers voor de ouderenzorg aan te trekken, op te leiden en te scholen. Met deze middelen (bijna 5% van de omzet) kunnen 8.500 mensen extra in de verpleeg- en verzorgingshuizen aan de slag. Daardoor zal de kwaliteit van zorg toenemen en de werkdruk verminderen. Alle zorgorganisaties hebben eind vorig jaar al plannen gemaakt om mensen aan te trekken, te scholen en op te leiden voor een beroep in de zorg. De eerste resultaten worden zichtbaar en we hebben alle vertrouwen dat die 8.500 nieuwe collega’s er gaan komen. Maar als we als samenleving langer thuis willen en moeten blijven wonen, dan moet er ook meer geinvesteerd worden in zorg thuis.

Individuele wensen

Wat willen we nu regelen in de komende cao-onderhandelingen? Wij staan voor goede arbeidsvoorwaarden; voorwaarden die aansluiten bij en ruimte geven voor de individuele wensen van werknemers. Met regelingen op maat en mogelijkheden voor mensen om zelf keuzes te kunnen maken. Met de bonden willen we afspraken maken over de kaders waarbinnen individuele werknemers vervolgens zelf kunnen kiezen. Ook wij als grote bedrijfstak kunnen niet voorbij gaan aan de recessie in Nederland. Maar uiteraard willen wij onze werknemers niet achterstellen bij de rest van werkend Nederland. Een passende loonontwikkeling -al is die net als in de rest van Nederland bescheiden- is onderdeel van het pakket.

Prijsdumping stoppen

Belangrijk is ook dat wij de prijsdumping in de huishoudelijke zorg (WMO) tot staan weten te brengen. Met de bonden willen wij nagaan of het mogelijk is om gemeenten, die de huishoudelijke zorg aanbesteden en daarmee de prijzen dicteren, te binden aan goed opdrachtgeverschap. En dat is dus niet prijzen hanteren waarmee geen cao-lonen kunnen worden betaald.

Al met al zullen werkgevers in de VVT de komende cao-onderhandelingen inzetten op goede arbeidsvoorwaarden. Voorwaarden die aansluiten bij de ontwikkelingen en wensen van cliënten en werknemers. Tegelijkertijd werken we aan het terugdringen van de werkdruk door het werven van extra medewerkers en het terugdringen van administratieve lasten. De extra kabinetsmiddelen geven ook ruimte voor meer scholing van het huidig personeel. Dit alles moet bijdragen aan een betere kwaliteit van zorg, met meer aandacht voor de cliënt en ruimte voor de professional. Een VVT-branche waarin het goed en bevredigend werken is, dat is onze inzet!

Godfried Verkerk                                                         Aad Koster
Voorzitter onderhandelingsdelegatie ActiZ                       Directeur ActiZ

2 Reacties

om een reactie achter te laten

Anoniem

10 februari 2012

Prijsdumping wordt hier te snel gebruikt. Op dit moment lijkt het erop dat de werkgevers die voor de lage tarieven werken in veel gevallen niet failliet gaan en dus blijkbaar kunnen rondkomen van de lage tarieven. Ook is er geen reden om aan te nemen dat enkele aanbieders veel geld inzetten en verliezen accepteren om hun concurrenten uit de markt te drukken. Dat zou onverstandig zij. Omdat het opzetten van een nieuwe organisatie weinig kost en de verliezen dus laten niet kunnen worden terugverdient met extra hoge tarieven. Kortom, er is economisch gezien geen bewijs voor prijsdumping.

Anoniem

11 februari 2012

Eigenlijk best breed dat ActiZ het woord prijsdumping zo publiekelijk gebruikt. Het was verstandiger geweest als het alleen in overleg tussen de onwetende ambtenaren en de leden van ActiZ zou zijn gebruikt. De kans is nu groot dat de VNG een economisch adviesbureau met veel mededingingskennis zal vragen om te onderzoeken of de term prijsdumping wel gerechtvaardigd is.

Top