BLOG

De regiomaatschap bevordert kwaliteit

De regiomaatschap bevordert kwaliteit

Enige tijd terug heeft de NZa het succes afgekondigd van de invoering en uitrol van de nieuwe zorgverzekeringswet. De NZa zag nog twee problemen die moesten worden opgelost.

De NZa adviseerde de minister om de budgettering te staken, zodat de zorgverzekeraars echt vrij spel hebben en om de NZa verdergaande bevoegdheden te geven om de vorming van regiomaatschappen te (ver)hinderen. De onwenselijkheid van dit laatste bespreek ik hier graag met u.

Geld volgt macht

Na invoering van de zorgverzekeringswet volgde direct een forse consolidatieslag bij de zorgverzekeraars. Het gevolg is dat er effectief nog maar vier grote zorgverzekeraars over zijn die de macht in handen hebben en de prijzen bepalen. Hen werd door de diverse toezichthoudende instanties geen strobreed in de weg gelegd. Het antwoord van de ziekenhuizen werd gezocht in fusies en grotere samenwerkingsverbanden die tot doel hadden verkoopmacht te organiseren. De ziekenhuiswereld is echter een andere dan de financiële wereld van de zorgverzekeraars en fusieprocessen verliepen traag en niet altijd succesvol. Het organiseren van verkoopmacht is dan ook maar gedeeltelijk gelukt. Dit heeft geleid tot een disbalans tussen inkoop en verkoopmacht. Geld volgt macht en het duurde dan ook niet lang of het werd duidelijk dat verzekeraars winsten maken en dat de ziekenhuizen financieel onder druk staan.

Regiomaatschappen

Wat deden de medisch specialisten? Aanvankelijk niets, totdat vanuit de beroepsgroep zelf een kwalitatief inhoudelijke discussie op gang kwam over kwaliteits- en volumenormen in de steeds complexer wordende medisch specialistische zorg. De inspectie dacht mee en besloot te gaan handhaven op de door de beroepsgroep zelf bedachte kwaliteits- en volumecriteria. Afspraken tussen maatschappen moesten worden gemaakt over laag volume, hoogcomplexe zorg, maar ook steeds meer over hoog volume, hoog complexe zorg. Het ligt voor de hand om dit regionaal te organiseren, dat is voor de patiënt het fijnst. Om financiële belangen niet in de weg te laten staan van deze medisch inhoudelijke overwegingen, zijn nogal wat maatschappen in regio’s gefuseerd. Dus niet uit oogpunt van macht of financieel gewin, maar uit oogpunt van kwaliteit van zorg.

Kwaliteitgedreven

De heer Langejan, bestuursvoorzitter van de NZa is tegen regiomaatschappen. Hij komt van het ministerie van financiën en denkt dat de wens tot het behoud van het fiscaal ondernemerschap van de medisch specialist de drijfveer is om te komen tot een regiomaatschap. Er zijn echter ook mogelijkheden voor het behoud van het fiscaal ondernemerschap binnen de stafmaatschap van het eigen ziekenhuis. Daar hoeft geen regiomaatschap voor te worden gesticht. Dit argument is dus onjuist. Ergo, met een invalide financieel argument wordt een door kwaliteit gedreven fusie van maatschappen gehinderd, terwijl de door macht en geld gedreven fusies van andere partijen in de zorg, zoals zorgverzekeraars, nauwelijks een strobreed in de weg is gelegd. Het lijkt erop dat medisch specialisten zoveel mogelijk macht moet worden ontnomen. Dit sluit helemaal aan bij het gevoel van vooringenomenheid van de heer Langejan dat werd gesignaleerd door Prof. mr. Steyger en mevrouw Visser in hun blog Toezichthouder houdt zorgverzekeraars uit de wind ‘ van 26 november 2013. Zij duidden hierin de uitspraak van de heer Langejan die hij deed in zijn interview in het NRC van 11 oktober, “dat het hele zorgstelsel is gebouwd op vertrouwen in de zorgverzekeraars”. Terwijl iedereen weet dat het in de zorg juist gaat om het vertrouwen dat de patiënt in de dokter moet kunnen hebben. De patiënt moet er vanuit kunnen gaan dat de dokter state of the art zorg biedt. Het inrichten van regiomaatschappen als randvoorwaarde voor kwaliteits- en volumecriteria, om zodoende de kwaliteit van zorg te verbeteren, past in deze gedachte. Het bemoeilijken of verbieden hiervan mag worden uitgelegd als het moedwillig remmen van kwaliteitsontwikkeling en het ondermijnen van het vertrouwen van de patiënt in de dokter. Ik hoop dan ook dat de minister de NZa niet volgt in haar advies regiomaatschappen te (ver)hinderen.

Peter Paul van Benthem Van Benthem is KNO-arts. Daarnaast is hij opleider, lid van de kwaliteitskoepel van de Orde van Medisch Specialisten, lid van het Strategiecomité van de Gelre Ziekenhuizen en lid van de ZonMw programmacommissie "kwaliteit van zorg".

5 Reacties

om een reactie achter te laten

Schulte

19 december 2013

Natuurlijk is de motivatie van de medisch specialist wel het behoud van het fiscaal ondernemerschap. Kijk maar naar het moment van het ontstaan van de regiomaatschappen, en naar het minimale aantal ziekenhuizen dat wordt bediend.

Ik snap niet dat Peter-Paul zijn eigen geloofwaardigheid zo te grabbel gooit door te suggereren dat dit anders is. Had hij hier een pleidooi gehouden voor de voordelen van het (fiscaal) ondernemerschap dan hadden we kunnen praten.

CB Leerink

20 december 2013

Het gaat er volgens mij vooral om dat regiomaatschappen een gelijkgerichte strategie volgen als de ziekenhuizen waar de medisch specialisten uit die maatschap werken. Als die gelijkgerichtheid er onvoldoende is, kan het ziekenhuis en de regiomaatschap niet effectief bestuurd worden, en dat is nooit goed. zeker niet in deze tijd waarin medisch specialisten en ziekenhuis elkaar hard nodig hebben. Daarnaast neemt voor de complexe zorg het belang van multidisciplinair werken toe.
De macht van zorgverzekeraars is er, en blijft er. Daar moeten wij als ziekenhuizen en medisch specialisten goed mee leren omgaan. En dat kan prima, als we het samen doen.

Jan willem Thissen

20 december 2013

Met zekere regelmaat spreek ik leden van regionale maatschappen. Wat mij opvalt is dat de kwaliteit bij deze maatschappen vrijwel altijd voorop heeft gestaan bij de vorming van de regiomaatschap. Op de tweede plaats de betere onderhandelingspositie. Het fiscaal ondernemerschap is pas actueel geworden nadat landelijk besloten is tot integrale tarieven met mogelijk verlies van declaratierecht en fiscaal ondernemerschap. Ik vind het verhaal van van Benthem dus geloofwaardig. Met nastreven van (fiscaal)ondernemerschap is overigens niks mis. Ondernemerschap door medisch specialisten mede-eigenaar te maken van het ziekenhuis staat ook als aanbeveling door de RVZ in het rapport 'garanties voor kwaliteit van zorg' en heeft dus meerde dimensies/voordelen.
Ten aanzien van 'gelijkgerichtheid' is het afwachten of medisch specialisten zelf de keuze krijgen/houden tussen loondienst of vrije vestiging. De landelijke modellen komen binnenkort. Afgedwongen gelijk gerichtheid werkt niet bij professionals. Het is dus zaak voor ziekenhuizen en specialisten gelijkgerichtheid de komende tijd in goed overleg zelf inhoud te geven.

Lindenbergh

20 december 2013

Goed verwoord door Van Benthem. Regiomaatschappen zijn een logisch antwoord op het vraagstuk van spreiding en concentratie van zorg. Door samenwerking verbetert de kwaliteit van zorg voor de patient. Teleurstellend dat sommigen, op grond van feitelijk onjuiste argumenten, aan medisch specialisten de mogelijkheid willen ontnemen om nieuwe organisatievormen te kiezen teneinde de kwaliteit van zorg voor de patient te optimaliseren.
Advies aan de minister: doe onderzoek! Ik ben er van overtuigd dat onderzoek zou uitwijzen dat goed georganiseerde regiomaatschappen bijdragen aan betere zorg voor het zelfde of minder geld.

Hogervorst

24 december 2013

Van Benthem legt de vinger op een zere plek.

Door diverse beleidsmakers wordt spreiding en concentratie van zorg gepropageerd als middel om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Wanneer dit echter in praktijk gebracht wordt door regionale samenwerking komt een ander aspect van het beleid in de zorg om de hoek kijken: de gelijkgerichtheid van professionals en de zorg instelling.

Er zit natuurlijk een zekere strijdigheid tussen beide aspecten, maar met het juiste doel voor ogen (kwaliteit van zorg) moet het midden gevonden kunnen worden. En ik ben het met van Benthem eens dat nu de nuance ontbreekt.

Nog niet zo lang geleden waren regiomaatschappen een eenvoudige en geaccepteerde vorm voor medisch specialisten om (gewenste) samenwerking gestalte te geven (zie reactie Thissen). Maar na het rapport Meurs werd het tijd voor een jaartje demoniseren van de mega(!)maatschappen.

En ja hoor, er kwam daadkracht: regiomaatschappen werden via de RvB flink aan banden gelegd! Het doel is bereikt en de verwaring is compleet: spreiding en regionalisering moet, maar mag niet. En waarop is deze angst gebaseerd? Aanmerkelijke marktmacht? Hmm, het huidige model met collectieven lijkt me prima in staat om samen met de RvB de balans voor de ziekenhuizen in de gaten te houden. Maar daar wringt misschien de schoen: dat betekent vertrouwen schenken aan de medisch specialist!

Top