BLOG

Stop met negeren keuze verstandelijk gehandicapte

Stop met negeren keuze verstandelijk gehandicapte

Evelien Tonkens heeft voorgesteld om terug te gaan naar de jaren zeventig en ik zou een duit in datzelfde zakje hebben gedaan door te zeggen dat woonwensen van verstandelijk gehandicapten worden genegeerd.

Dit zei Marc van Oijen in zijn blog van 27 januari 2015. Van Oijens conclusies zijn niet op de feiten gebaseerd. Wat hij presenteert als een achterhaalde discussie is in werkelijkheid een poging om nu eindelijk eens de ogen te openen voor de dwang en misleiding waarmee gehandicapten de afgelopen vijftien jaar in de maatschappij zijn geplaatst. En voor de negatieve gevolgen die dat heeft gehad.

Niet integreren

In mijn presentatie op de Cordaan-conferentie besprak ik het vele onderzoek dat aantoont dat zwaarder verstandelijk gehandicapten meestal niet integreren. Zij vereenzamen in woonwijken, komen nooit meer buiten of worden gepest. De meesten willen niet naar woonwijken verhuizen en als dat wel is gebeurd, willen ze vaak terug naar het beschermde terrein. Er komt steeds meer onderzoek dat dat laat zien, zowel in Nederland als in andere landen.

Een kleine groep gehandicapten, meestal van hoger niveau, lukt het wel om te integreren. Daar kunnen we blij mee zijn en dat moet ook zeker gebeuren. Maar de voorstanders van integratie willen alleen deze groep zien. De duizenden gehandicapten die vereenzamen in woonwijken worden genegeerd. Het onderzoek dat dat aantoont, van gerenommeerde, onafhankelijke instituten en universiteiten, ondergaat hetzelfde lot.

Leefwensenonderzoek

Sinds 2005 moeten instellingen eerst een leefwensenonderzoek houden als ze hun terrein voor iets anders willen gebruiken. Doel is om gehandicapten tegen gedwongen verhuizingen te beschermen. De regel is een farce. Instellingen ontwikkelden grootschalige vastgoedplannen voor hun terreinen en daar pasten geen leefwensenonderzoeken bij.

Uit de enkele wél gehouden leefwensenonderzoeken blijkt namelijk dat het grootste deel van de gehandicapten liever op het beschermd instellingsterrein woont. Gehouden leefwensenonderzoeken konden de vastgoedplannen niet tegenhouden. Die werden uiteindelijk toch belangrijker gevonden. Er waren banden tussen een groot bouwbedrijf en instellingsbesturen. Terreinen werden ontruimd voor luxe villa’s.

Pas tijdens de crisis werden enkele megalomane bouwplannen weer stopgezet. Een instelling schrapte eigenhandig de wens van gehandicapten om op het terrein te wonen uit hun zorgplannen. De inspectie deed daar niets tegen en het ministerie ontkende het bij de antwoorden op vele Kamervragen. Slechts de Nationale ombudsman bleek oog voor de feiten te hebben en schreef rapport na rapport waarin hij de familie steeds gelijk gaf.

Zelf kiezen

Ik heb nooit bepleit dat we teruggaan naar de jaren zeventig. Integratie moet plaatsvinden als dat een verbetering is. Maar gehandicapten moeten wel zelf kunnen kiezen. De afgelopen vijftien jaar zijn hun keuzen genegeerd, verdonkeremaand en onder tafel geschoven. Familie die pleitte voor een plek op het instellingsterrein werd belachelijk gemaakt. Er moet dus een inhaalslag worden gemaakt: gehandicapten die niet willen of kunnen integreren moeten een plek krijgen op het beschermd instellingsterrein.

 

Mr. dr. Marijke Malsch
Wetenschappelijk onderzoeker en auteur van Dwang of bevrijding? De invoering van de community care in de zorg voor verstandelijk gehandicapten

 

 

 

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Gerard Nass

11 februari 2015


Ook ik heb grote vragen over de manier waarop de medezeggenschap binnen instellingen is geregeld, ondanks alle visies waarin de cliënt centraal staat. Maar ik vind tevens de beweging naar inclusie een groot goed. Door de nadruk die mevrouw Malsch legt op de onmogelijkheden dreigen we ‘het kind met het badwater weg te gooien’.
Wel doen de we er als voorstanders goed aan haar signalen serieus te nemen, zeker nu met de WMO vol wordt ingezet op (verdere) vermaatschappelijking.
Ik herinner mij het beleid uit de jaren ’90 ook nog. Probleem was toen dat gerechtvaardigde ideeën rond inclusie, Nederland loopt internationaal nog steeds hopeloos achter, (ook) werden gebruikt voor ‘megalomane bouwplannen’. In ieder geval werd inclusie doorgaans georganiseerd op dezelfde manier als de grootschalige instellingen. Of zoals een oud hoogleraar Orthopedagogiek opmerkte; ‘ze verplaatsen alleen maar stenen’.
Ook nu gebruiken overheden en instellingen met de WMO de vocabulaire van de belangenverenigingen ( eigen regie, eigen kracht etc.) voor bezuinigen op de langdurige zorg.
Misschien kunnen we leren van de geschiedenis. In de jaren ’90 was er ook de ontwikkeling van de onafhankelijke belangenverenigingen voor en door mensen met een verstandelijke beperking. Daarvan leerden professionals op allerlei niveaus, beter naar de mensen zelf te luisteren. Vanuit dat perspectief is het ook makkelijker, om samen met hen zelf, instellingen en beleidsmakers aan te spreken op hun daden in plaats van op hun woorden.

Top