BLOG

Staart van de zorg

Verspilling in goederenstromen in de zorg is veruit de grootste winstpost die geen enkel negatief effect heeft op de kwaliteit van zorg. Beschikbaarheid van goederen in de zorg is veruit de grootste kwaliteitswinst die te realiseren is zonder dat dit geld kost.

Verspilling van goederen is, tot nu toe, nog een non-topic. Grote besparingen zijn mogelijk zonder dat dit de kwaliteit van zorg zelf raakt. Toch heeft nog niemand aandacht hiervoor. Een aantal inkoopcombinaties richt zich op gezamenlijk inkopen en daarmee het drukken van de inkoopprijs. Dit levert meestal 5 procent tot maximaal 10 procent besparing op (vaak alleen in het begin) maar vermindert de bereidheid tot samenwerking binnen het gehele proces. Echter de verspilling in goederen en arbeidskracht door de hele keten is meer dan 20 procent van de totale inkoopkosten (dit is iets anders dan de inkoopprijs)! Aandacht richt zich voornamelijk op de geneesmiddelen, weinig focus is gericht op voeding en geen aandacht op verbruiksgoederen en hulpmiddelen.

Als we alleen al kijken naar verbruiksgoederen waaronder medische disposables zoals naalden, catheters, spuiten, enz. of niet medische goederen zoals incontinentiematerialen en facilitaire disposables. De totale waarde in de zorg van deze verbruiksgoederen ligt op ongeveer 2,5 miljard euro. Omdat nog nooit aandacht is gegeven aan deze groep goederen, zijn hier nog enorme besparingen te realiseren. Die 2,5 miljard is nog exclusief het personeel in de zorg dat zich bezighoudt met de aanschaf.

Besparingspotentieel

Wist u dat in een gemiddelde zorgorganisatie slechts 65 procent van de inkooporders via de inkoopafdeling loopt? 35 Procent wordt dus niet ingekocht door een eigen inkoper. In zo'n proces ligt het besparingspotentieel op 20 tot 25 procent – anders gezegd op zo'n 650 miljoen euro. Deze is echter alleen te realiseren met medewerking van alle partijen in de gehele toeleveringsketen. We hebben het hier nog niet over bijvoorbeeld implantaten die een zelfdeproces kennen en verspilling in dezelfde orde van grootte ligt.

Wat verstaan we onder verspilling? Enkele voorbeelden: Een gemiddeld ziekenhuis heeft achthonderd tot twaalfhonderd leveranciers en een organisatie in de langdurige zorg tussen vijfhonderd en achthonderd leveranciers. Weet u wat dit, binnen uw eigen organisatie, kost in aansturing? Nog maar niet te spreken over verspilling/onnodig verbruik in het proces en gebrek aan voorraadbeheer. Zo wordt jaarlijks heel veel weggegooid omdat de houdbaarheid is verstreken of omdat het product reeds vervangen is door een alternatief.

Ja ook non-food heeft zijn uiterste houdbaarheidsdatum, al wordt dit vaak vergeten. Ook het verbruik op afdelingen is totaal niet gecontroleerd. De meeste zorgorganisaties weten niet wat ze in totaal op voorraad hebben. Sterker nog in ken niet 1 zorgorganisatie die exact weet wat zij centraal en decentraal totaal aan voorraad hebben.

Staartleverancier

Alleen al het onderbrengen van alle staartleveranciers bij een groothandel, levert direct een besparing op in personeel. Ook kunt u beslissen om die besparing niet te realiseren maar het personeel meer aandacht te laten geven aan kritische goederen. U zult tot de ontdekking komen dat met name in die staart veel buiten de inkoopafdeling omgaat. Staartleveranciers zijn 80 procent van alle toeleveranciers van goederen, denk aan disposables, linnen en voeding. Deze toeleveranciers vertegenwoordigen een waarde van slechts 20 procent, toch zit er wel ontzettend veel werk in voor een zorgorganisatie.

Maar wat is nu die kwaliteitswinst? Aandacht voor kritische goederen, beschikbaarheid altijd, maar natuurlijk het belangrijkste; meer tijd voor de patiënt of cliënt. Omdat minder arbeid nodig is voor goederenstroombeheersing, blijft meer tijd over voor echte zorg. Jammer dat daar geen aandacht voor is.

Jan Scheffer

Specialist zorglogistiek

Jan Scheffer_311

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top