BLOG

Het bestaansrecht van de huishoudelijke hulp

De Wmo begint een zorgenkindje te worden. Het moet anders. En het kan ook anders. Dat vergt alleen wel een beetje durf.

Het lijkt er soms wel op dat overheden de huishoudelijke hulp het liefst in zijn geheel willen wegbezuinigen, ook om maar van alle organisatorische problemen af te zijn. Dat zou echter penny wise, pound foolish zijn. Huishoudelijke hulp is de lichtste vorm van ondersteuning thuis. Als we die wegbezuinigen neemt het risico op zwaardere en duurdere vormen van zorg toe. Maar hoe organiseren wij effectieve ondersteuning met kleinere budgetten? Volgens Wouter Hart, auteur van 'Verdraaide organisaties', kun je de systeemwereld doorbreken door terug te gaan naar de oorspronkelijke bedoeling van een product of dienst.

Dat werkt ook bij de huishoudelijke hulp. Waarom is de gemeente ooit begonnen met het financieren van huishoudelijke hulp? Niet om mensen comfort te bieden of te helpen om hun huis schoon te houden. Huishoudelijke hulp is bedoeld om de zelfredzaamheid van mensen te vergroten en er zo voor te zorgen dat ze mee kunnen in de maatschappij.

Grotere zelfredzaamheid

Cruciaal is natuurlijk wel dat de dienstverlening daadwerkelijk bijdraagt aan een grotere zelfredzaamheid. Is een bewoner niet in staat om zelf zijn huis schoon te maken, dan liggen vervuiling en hierdoor sociaal isolement op de loer. Dan is de functie schoonmaken wel degelijk van belang. Maar het kan ook anders. Bijvoorbeeld samen met de klant schoonmaken, waarbij een klant zoveel mogelijk zelf doet.

Of de zorgverlener verbindt de klant met andere personen of initiatieven. De taak van de hulp ligt dan veel meer in het activeren en actief signaleren als het minder gaat met een klant. Per klant doen wat nodig is. Niet de financiering zou daarbij leidend moeten zijn, maar wat een klant echt helpt en sterker maakt. Een goed opgeleide hulp kan ook best ondersteunen bij het eten, een koppeling maken met een vrijwilliger of ondersteunen bij eenvoudige persoonlijke verzorging.

Helaas biedt de huidige wijze van financieren niet de mogelijkheid om op een écht vernieuwende manier aan de slag te gaan. Aanbieders zouden veel meer vrijheid moeten krijgen. Gemeenten zouden de durf moeten hebben om het gehele Wmo-budget op wijkniveau over te hevelen naar één of enkele aanbieders. Zonder ordnerdikke overeenkomsten, want één opdracht volstaat: verhoog aantoonbaar de zelfredzaamheid in deze wijk.

Stappen maken

Nu kunnen we natuurlijk makkelijk naar de overheid wijzen en zeggen dat er geen ruimte geboden wordt om te doen wat nodig is, maar dat is te makkelijk. Er zijn best een aantal gemeenten die mooie stappen maken en experimenten op dit vlak. Zoals de gemeente Amsterdam die met een verkenning is gestart om de rol van de huishoudelijke hulp te integreren met ambulante begeleiding.

Dat kan wat mij betreft meer en sneller, maar het euvel ligt zeker ook bij de aanbieders. Ook zij zouden meer moeten focussen op de bedoeling van de huishoudelijke hulp: het realiseren van zelfredzaamheid. De resultaten hiervan zouden ze inzichtelijk moeten maken. Sommige gemeenten zullen dat waarderen. De gemeenten die echter blijven kiezen voor lagere tarieven, kiezen daarmee ook voor verdere ontmanteling van ondersteuning bij het huishouden. Dat betekent ook voor aanbieders keuzes maken. Wij zijn gestart, wie durft te volgen?

Wouter Poels

Manager Markt en Ontwikkeling Axxicom

Wouter Poels_311

3 Reacties

om een reactie achter te laten

Edo Paardekooper Overman

18 augustus 2015

Het heette dan ook: Hulp BIJ het huishouden ... formeel [ Wmo 2007 art. 1.1.h. : "huishoudelijke verzorging: het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van het verzorgen van het huishouden van een persoon dan wel van de leefeenheid waartoe een persoon behoort;" Nu, in de Wmo 2015, komt het woord 'huishouden' niet eens meer in de wet voor ...

L S

19 augustus 2015

Gezien de honderden miljoenen overheidssubsidie zijn Nictiz en het LSP feitelijk gezien genationaliseerde projecten zonder dat de overheid er aansprakelijk of verantwoordelijk voor is. Tegenwoordig het gangbare beleid.

Het enige dat nu nog moet gebeuren is de wettelijke eigenaar van het digitale dossier, de patiënt zelf, de regierol geven. Dit kan door simpelweg een chip in het verzekeringspasje. Pasje verplicht meenemen naar zorgverlener of in de portemonnee voor noodgevallen. OPT-in bureaucratie opgelost.

Frits van Vugt

24 augustus 2015

Dit is een veel te makkelijke stellingname van Wouter Poels, manager van Axxicom (aanbieder van thuiszorg). Allereerst is huishoudelijk hulp niet "door gemeenten uitgevonden", maar hebben zij deze klus in 2007 doorgedecentraliseerd gekregen vanuit de AWBZ. En terecht hebben gemeenten toen flink het mes gezet in de vééél te hoge tarieven, die tot dan toe door de zorgkantoren betaald werden.
Nog afgezien dat in veel gevallen betaald werd voor te hoog ingeschaalde zorg (hh2) waar simpele hulp (poetsen) (hh1) had volstaan.

Bovendien is het hoofddoel niet het voorkomen vaan eenzaamheid, zoals Poels wil doen voorkomen teneinde een belangrijke (en relatief dure) schakel in de zorgketen te worden, maar om te voorkomen dat kwetsbare mensen in een vervuild huis wonen.
Vandaar dat het gewenste resultaat in steeds meer contracten "schoon huis" wordt.

Zijn pleidooi is een iets te makkelijk te doorziene poging van een marktaanbieder om rendement te halen.

Top