BLOG

Toch marktwerking ambulancezorg?

“Geen aanbestedingsavonturen en geen marktwerking met concurrerende aanbieders”, zei Tweede Kamerlid Edith Schippers in 2004 toen minister Hoogervorst probeerde de ambulancezorg naar de markt te brengen.

Waar Schippers het als Kamerlid nog heel goed zag, probeert ze nu echter als minister om de marktwerking in de ambulancezorg door te zetten.

“Mijn doel is om een deugdelijk wetsvoorstel te maken waarin wij goede ambulancezorg en acute zorg regelen. Mevrouw Leijten zegt echter steeds dat dit niet zo is omdat ik een verborgen agenda zou hebben, en zij waarschuwt voor ambulances uit Roemenië omdat ik een vrije markt zou willen. Dat zijn haar woorden maar niet de mijne. Ik ben niet van plan om de hele tijd hetzelfde te moeten zeggen, namelijk dat ik helemaal geen marktwerking in de ambulancezorg wil.”

Gepikeerd

Ze was gepikeerd, nieuwbakken minister Schippers, toen ik haar bij de behandeling van de Tijdelijke Wet Ambulancezorg in 2012 bleef uitdagen om definitief afscheid te nemen van aanbestedingen voor de ambulancezorg. Ze nam afstand voor vijf jaar en per 2018 loopt de tijdelijke wet af. In juni kondigde ze aan dat er vier scenario’s voor de toekomst van de ambulancezorg denkbaar zijn:
1. de huidige situatie van gunning per regio maar dan wel via aanbestedingen tussen concurrerende aanbieders,
2. een publieke uitvoering door of een landelijke ambulancedienst te vormen of de gemeenten de regie te geven,
3. een scenario waarin de traumacentra de ambulance-inzet per regio aansturen
4. de inkoop door zorgverzekeraars, wat ook uitmondt in aanbesteding per regio met concurrerende aanbieders.

In de brief zegt ze dat er bij haar gesprekspartners enkel draagvlak is voor scenario 1 en 4. het eerste en het laatste scenario. Deze twee zal ze verder uitwerken met die partners: Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de aanbieders verenigd in Ambulancezorg Nederland (AZN). Onderzoek naar scenario 2 met de publieke variant valt dus af.

Draagvlak

Het onderzoek is gedaan. Een zeer select groepje van werkgevers, zorgverzekeraars en een paar patiëntenclubs mocht daarbij kiezen uit de twee voorkeursvarianten van Schippers. De andere varianten, zoals de publieke, zijn niet eens ter sprake gekomen en personeel kwam niet aan het woord.

Dat de minister het personeel vergeet, is een gemiste kans. Uit eerder onderzoek van de SP kwam naar voren dat het personeel een duidelijke visie heeft op het werk op en rond de ambulance. Daarom startten we in de zomer een nieuw onderzoek en legden de vraag voor welke toekomst zij voor de ambulancezorg zien.  Een vijfde van mensen die werken in de ambulancezorg deed mee aan het onderzoek. Van de 950 deelnemers geeft driekwart de voorkeur aan scenario 2, de publieke variant. Slechts 1 procent wil scenario 4, de variant waarbij de ambulancezorg onder regie van de zorgverzekeraars komt. Er gaapt dus een gigantische kloof tussen de minister en de zorgbobo’s enerzijds en de werkvloer anderzijds.

Ondanks dit niet mis te verstane signaal van het ambulancepersoneel steekt Schippers haar middelvinger op. Acht partijen in de Tweede Kamer willen graag dat de publieke variant ook onderzocht wordt, maar Schippers is óók doof voor dit signaal.

Roemeense aanbieder

Een van de veel gehoorde argumenten van mensen die graag marktwerking willen introduceren in de publieke sector is: ‘Het moet nu eenmaal van Europa’. Dat is onjuist. In de aanbestedingsrichtlijn wordt ruimte gelaten aan hogere en lagere overheden om publieke diensten anders te organiseren dan via concurrentie tussen aanbieders. Zij moeten dan wel goed omschrijven waarom een dienst van publiek belang is en daar lijkt Schippers niet eens aan te willen beginnen. Omgekeerd is het zo dat als iets via de markt wordt geregeld, je buitenlandse aanbieders volgens Europees recht niet kunt weren. Het zou dus toch heel goed kunnen dat een Roemeense aanbieder hier de markt verovert.

Gevecht op prijs

Dat aanbestedingen leiden tot een gevecht tussen aanbieders dat zich concentreert op prijs, hebben we bijvoorbeeld gezien bij de thuiszorg en de hogesnelheidslijn. Dat prijsgevecht gaat ten koste van materieel en arbeidsvoorwaarden. Daarnaast kijk je als aanbieder wel goed uit om te investeren: het is kapitaalvernietiging, want bij de volgende aanbesteding kun je zo de opdracht verliezen.

Het is onbegrijpelijk dat minister Schippers, die dit als Kamerlid nog heel goed zag, nu als minister probeert om de marktwerking in de ambulancezorg door te zetten. Ondanks haar neoliberale stoottroepen in de Kamer, die tot nu toe debat over de toekomst van de ambulancezorg blokkeren, zal haar aanbestedingswetsvoorstel op veel verzet kunnen rekenen. Het ambulancepersoneel zal dit niet zomaar accepteren. Om oud-voorzitter Franssen (VVD) van het Interprovinciaal Overleg (IPO) te citeren: “Ongelukken doen niet aan marktwerking.”

Renske Leijten

Tweede Kamerlid voor de SP

 Renske Leijten_311

  

2 Reacties

om een reactie achter te laten

Frank Conijn

8 januari 2016

Ook ik heb grote vraagtekens bij de plannen van de minister, zelfs al ben ik geen principiële tegenstander van marktwerking in de zorg (mits niet alleen op basis van prijs maar ook kwaliteit, en onder regie van een single, publieke zorgverzekeraar).

Nederland is qua ambulancezorg opgedeeld in 24/25 regio's, die elk één ambulancezorgorganisatie hebben. De minister wil met haar aanbesteding bewerkstelligen dat de kwaliteit omhoog gaat en de prijs naar beneden. Maar ik heb nergens gelezen dat de kwaliteit onvoldoende of de prijs te hoog zou zijn.

Bovendien zitten we voorlopig nog met een hoge werkloosheid. En het is zo dat de ambulancezorg zeer strak geregeld is, qua o.a. standplaatsspreiding, aanrijtijden, samenwerking ingeval van calamiteiten en kwaliteitseisen van materiaal, methoden en medewerkers.

Dus wat zouden we met een aanbestedingsavontuur gaan winnen? Zouden we er per saldo überhaupt iets mee gaan winnen? Kan de minister dat aantonen middels benchmarks, tussen de Nederlandse regio's of tussen landen? Dat lijkt me toch een minimale voorwaarde voordat een high-tech systeem dat nu goed functioneert overhoop gehaald wordt.

Remco den Hartog

11 februari 2016

Ik blijf het bijzonder vinden dat daar waar op het ene vlak eenheid wordt nagestreefd: een landelijke organisatie voor de meldkamers, een landelijke politie en dan een landelijk versnipperde ambulancezorg?

Mogelijke gevolgen:
Een commerciële partij zou in zijn/haar regio een deel van zijn spoed-ambulances (advanced life support = ALS) kunnen vervangen door zorgambulances (basic life support BLS). Dat lijkt geen probleem, zowel ALS-personeel als ook het BLS-personeel is begaan met de zorg voor zijn/haar patient. En de ambulance-aanbieder de minimale spoedzorg zijn gebied garanderen. Maar het verlaagd het beschikbare potentieel enorm! Wanneer er nu een groot incident plaatsvind zijn er minder ALS-ambulances achter de hand. ALS-personeel kan wel extra worden opgeroepen, maar de ALS-voertuigen om op ingezet te worden zijn verruild voor BLS-voertuigen...
Illusie? Kijk eens naar de huidige Amsterdamse regio; ongeveer de helft van wat vroeger beschikbaar was als ALS-voertuig is nu een BLS-voertuig en dus niet inzetbaar voor een ALS-taak bij rampen.

Top