BLOG

Innovatief partnership voor publieke zaak

Het is rond de jaarwisseling psychologisch schier onvermijdelijk te reflecteren op ervaringen uit het oude jaar en ambities voor het nieuwe jaar. In drie grote stappen van een persoonlijke reflectie, via de huidige positie, naar een wens voor de komende tijd.

Louterend jaar

Bovenop een hoogleraaraanstelling die zorgt voor structurele verbinding met de academische denkwereld, wisselde ik van een commerciële baan in de adviespraktijk naar een directiepositie in de publieke sector. Dat was een noodgedwongen wisseling die mij als relatief zondagskind ingrijpend terugwierp op onverkende grenzen en beperkingen in en rond mijn eigen persoon. Maar die, achteraf, ook louterend werkte, doordat ook bleek waar je werkelijke krachten, vrienden en bindingen liggen. Ook de binding tussen hoofd en hart, tussen gelijk hebben en gelijk krijgen. Je eigen stijl en kracht niet verloochenen, maar wel werken aan realisme en persoonlijke effectiviteit.

De publieke arena

In die turbulente fase kwam ook de erkenning dat mijn hart ligt bij de publieke zaak. Een goed zorgstelsel voor de kwetsbare medemens die minder goed kan leunen op zelfregie en keuzevrijheid, die je niet wilt en kunt overlaten aan allerlei zelfgeproclameerde zaakwaarnemers en woordvoerders. Wiens fluisterstem verloren gaat in de meerstemmige belangenstrijd tussen politieke partijen, (afdelingen binnen) ministeries, zorgaanbieders, zorgverzekeraars, gemeenten en ga zo maar door. Deze arena zal alleen maar heftiger worden in de gemeentelijke en nationale verkiezingen die hun schaduwen vooruitwerpen in allerlei debatten, tactisch positiespel en coalitiewisselingen.

Publieke zaak als energiebron

Waar anderen mij meewarig aankeken, was de keuze voor het CIZ voor mij vanzelfsprekend. Op verschillende manieren is de cirkel rond, want in 1994 was ik lid van de NRV-commissie die het voorstellen lanceerde voor onafhankelijke, objectieve en integrale indicatiestelling. De start van de regionale indicatieorganen mocht ik als onderzoeker monitoren. Vervolgens was ik in 1997/1998 extern lid van de VWS-groep rondom staatssecretaris Vliegenthart die zorgde voor de modernisering van de AWBZ, met onafhankelijke indicatiestelling als een van de hoekstenen. In de tussentijd deed ik allerlei onderzoek naar kosteneffectiviteit van zorggebruik, behoeftebepaling en preferenties van zorggebruikers, ketenzorg en innovatie.

Les uit het oude jaar

Ruim tien jaar later ben ik nu zelf bij het CIZ verantwoordelijk voor de innovatie van indicatiestelling, als toegangspoort tot een krimpende AWBZ. Die lijkt op dit moment nog weinig echte aanhangers over gehouden te hebben. Maar het historisch geheugen over de ontstaansgeschiedenis van indicatiestelling lijkt teloor gegaan en er zijn vrijwel geen uitgewerkte alternatieven. Wat we niet willen, is altijd makkelijker te articuleren dan wat we wel willen. Het is makkelijk scoren met incidenten, het is lastiger mee te bouwen aan structurele oplossingen die je eigen schaduw overstijgen. Dat is ook een les uit het oude jaar: minder afgeven of wat je niet aanstaat, meer bijdragen aan gemeenschappelijke doelen.

Uit je eigen schaduw

De publieke zaak verdient herbezinning vanuit een positieve grondhouding over ieders inbreng en bijdrage. Laten we ten dienste van de kwetsbaren in onze samenleving komen tot een constructieve dialoog en een inhoudelijke verkenning van de voor- en nadelen van het huidige systeem, de (internationale) alternatieven en het bijpassende instrumentarium. Innovatieve veranderingen kunnen snel tot stand komen als de leidinggevenden in staat zijn een toekomstgerichte visie te articuleren en over te brengen, als alle medewerkers hierdoor duidelijkheid krijgen wat beter moet en waarom en als het management de afzonderlijke organisatie- en ketenonderdelen tot één vloeiend geheel smeedt.

Innovatief partnership

Dat kan alleen als we de focus op de klanten richten. Publieksgericht verandermanagement heet dat in organisatie-jargon of ketenmanagement in het Porteriaans denken dat steeds meer voet aan de grond krijgt. Niet de eigen positie van de afzonderlijke organisatie, maar de bijdrage aan het eind-resultaat voor de klanten telt. We werken met gemeenschaps¬gelden, dus hoe beter de klanten en maatschappij worden bediend, hoe beter elke organisatie functioneert. Daarom luidt mijn nieuwjaarswens: innovatief partnership om gemeenschappelijke klantdoelen te realiseren. Dat vergt management met visie, durf en passie!

Robbert Huijsman

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top