BLOG

ZZP’er toont lacunes in kwaliteitsborging

Er is in de media veel te doen over ZZP’ers in de zorg. Allereerst door een tweede kort geding van ActiZ dat eind december diende over de constructie van bemiddelingsbureaus en ZZP’ers in de AWBZ. Afgelopen week kwam daar een uitspraak van de rechter bij over ZZP’ers in de Wmo. Dit gaat niet over marktbehoud of het weren van nieuwkomers, maar over de essentiële vraag hoe we in Nederland de kwaliteit van de zorg borgen.

Fiscale problemen

Het begon allemaal in 2007 toen de fiscus vaststelde dat er bij zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers) die werken via een bemiddelingsbureau sprake is van een arbeidsrelatie. De fiscus wilde daarom geen Verklaring arbeidsrelatie (VAR) meer afgeven. Die constatering legde een bom onder de hele werkwijze, aangezien ZZP’ers en bemiddelingsbureaus daarmee forse aanslagen tegemoet konden zien voor niet afgedragen werknemers- en werkgeverspremies. Voor veel bureaus zou dit een faillissement betekenen. Om die situatie te voorkomen en de problematiek op te lossen stelde het ministerie van Volksgezondheid samen met de Belastingdienst in 2008 een convenant op over bemiddelingsbureaus en ZZP’ers in de AWBZ. In dat convenant werd een zeer gekunstelde splitsing aangebracht tussen de verantwoordelijkheid voor de bemiddeling en de verantwoordelijkheid voor de zorg. Hoewel het bemiddelingsbureau slechts verantwoordelijk was voor de bemiddeling en niet voor de zorg, werd deze in het convenant wel als zorgorganisatie erkend met contracteerpositie naar de zorgkantoren. Dat was aanleiding voor het eerste kort geding van ActiZ tegen VWS eind december 2008 . De rechter oordeelde dat de constructie van het convenant in strijd was met de AWBZ, de Kwaliteitswet Zorginstellingen en de WTZi.

Angst voor concurrentie?

Precies een jaar later volgde een tweede kort geding omdat VWS in november 2009 de verboden constructie van het eerdere convenant weer op tafel legde. De rechter bepaalde vervolgens opnieuw dat dit in strijd is met de wet. Maar waarom maakt ActiZ daar nu zo’n punt van? Met het dicht houden van de markt zoals ZN eerder stelde, heeft onze opstelling niets te maken. ActiZ is voorstander van eerlijke concurrentie, maar daar was nu juist geen sprake van. Volgens de VWS constructie zouden bemiddelingsbureaus zich namelijk niet hoeven te houden aan allerlei kwaliteitswet- en regelgeving, daar waar reguliere zorgorganisaties dat wel moeten. Dat zorgt voor een ongelijke concurrentiepositie. Bemiddelingsbureaus sluiten tegelijkertijd ook contracten af met zorgkantoren; inmiddels al voor circa 200 miljoen euro. Cruciaal is dat de ongelijkheid gaat over de kwaliteit van de zorg. Dat gaat veel verder dan vermeende angst voor concurrentie; dat raakt direct aan de cliënt.

Kwaliteit in het geding

Laat één ding duidelijk zijn: een individuele ZZP’er zal in de meeste gevallen een vakbekwame zorgprofessional zijn. In Nederland hebben we de kwaliteit en continuïteit van zorg hoog in het vaandel staan. En terecht. Daarom hebben we via allerlei wetten geregeld dat die kwaliteit geborgd is voor de cliënt. Vierentwintig uur per dag en zeven dagen per week. Zorgorganisaties zijn eindverantwoordelijk en moeten dat waar maken anders hebben ze een probleem. In het VWS-construct werd alle zorgverantwoordelijkheid echter volledig neergelegd bij de ZZP’er en daar wringt de schoen. Het gaat immers om vele wetten, regels en kwaliteitsnormen.

Aan banden

Je kunt van een individuele ZZP’er niet verwachten dat hij of zij dat allemaal waar kan maken. Wie bel je als cliënt op als jouw ZZP’er ineens door ziekte is uitgeschakeld? Kortom, kwaliteit, continuïteit en controle kan je nooit volledig borgen door deze neer te leggen bij een individuele ZZP’er. Die kan als individu nooit voldoen aan alle kwaliteitseisen van de AWBZ en WTZi. Hoe vakbekwaam en professioneel hij of zij ook is. Er is altijd een vorm van organisatie nodig om kwaliteit en continuïteit en de controle daarop waterdicht te borgen. Die organisatie moet dan dus ook vallen onder de wet- en regelgeving over kwaliteit. Dat was ons punt. Regel je dat niet goed, dan weet de cliënt ook niet waar hij aan toe is. Dat geldt voor de AWBZ maar ook voor de Wmo. Was dat ook niet een van de redenen dat de staatssecretaris de inzet van alfahulpen in de Wmo aan banden heeft gelegd?

Schokkend onderzoek

ActiZ vindt dat iedereen zich dient te houden aan dezelfde kwaliteitswetgeving. Dan is er eerlijke concurrentie. En dat zorgt ervoor dat de kwaliteit beter geborgd is en getoetst kan worden door de Inspectie. Die kan nu namelijk geen controle uitvoeren bij nieuwkomers, veelal bemiddelingsbureaus, omdat zij niet onder de kwaliteitswetgeving vallen. En dat de kwaliteit van zorg bij die nieuwkomers vaak onder de maat is, bleek uit een schokkend eigen onderzoek van de Inspectie van afgelopen zomer.

En nu?

Uit het tweede kort geding van ActiZ is duidelijk geworden dat bemiddelingsbureaus die contracteren met een zorgkantoor verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit. Dat is een goede zaak. Maar dat geldt alleen voor bureaus die een contract met een zorgkantoor sluiten. Het blijft daarom noodzakelijk dat bij wet wordt vastgelegd dat iéder bemiddelingsbureau dat pretendeert zorg te leveren, moet voldoen aan de kwaliteitswetgeving. Want waar hebben we die wetgeving anders voor? Gelijke monniken, gelijke kappen; dat is eerlijke concurrentie waarbij de kwaliteit geborgd is en door de Inspectie bij iedereen kan worden getoetst.

Aad Koster

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top