BLOG

Vragenlijstonderzoek kan ook inspireren

Er is veel, begrijpelijke kritiek op vragenlijstonderzoeken in de zorg. Toch kunnen deze ook als bron van inspiratie en verbetering dienen.

De afgelopen 10 jaar heb ik zorgorganisaties door het hele land, zowel in de 'care' als de 'cure', mogen helpen bij het optimaliseren van hun marktgerichtheid. Tientallen casestudies hebben geleid tot twee boeken die ik hierover schreef, samen met Karel Jan Alsem (Rijksuniversiteit Groningen & Hanzehogeschool Groningen). In een serie korte blogs doe ik enkele voorname bevindingen uit de doeken.

In deze blog aandacht voor de rol van onderzoek binnen zorgorganisaties. Een thema dat vaak nogal kritisch wordt benaderd. Dat is logisch, begrijpelijk en (voor een deel) terecht.

'Verplichte nummertjes'

In de voorbije jaren hebben de nodige zorgorganisaties onderzoek als 'verplichte nummertjes' gezien. Bijvoorbeeld in de VVT-sector, waar organisaties tot voorkort verplicht waren om cliëntervaringen met CQI- vragenlijsten (Consumer Quality Index, red.) te meten. Het betrof hier een vragenlijst die op de nodige kritiek kon rekenen. Zo vonden velen de vragenlijst (veel) te lang, maar bovenal waren beleidmakers vaak ontevreden over de concrete aanknopingspunten voor verbetering die de onderzoeken opleverden. CQI-onderzoek werd daardoor vaak een verplicht nummertje, een onderzoek ter externe verantwoording aan bijvoorbeeld de verzekeraars.

Ondanks de (begrijpelijke) kritische houding tegen het werken met vragenlijsten, zijn er ook prachtige voorbeelden van organisaties die in onderzoek juist heel veel aanknopingspunten vinden voor interne sturing. Deze organisaties doen onderzoek niet alleen ter externe verantwoording, maar juist ook om er zelf echt beter van te worden. Want dat kan ook écht met het doen van goed onderzoek.

Een aantal voorbeelden:

•    Allereerst over de CQI. Ik gaf al aan te begrijpen dat organisaties soms kritisch tegen dit instrument aankijken. Maar toch is er veel meer mee mogelijk. Aan de CQI-vragenlijst mogen bijvoorbeeld, naast het standaardgedeelte, ook 10 ‘eigen vragen’ worden toegevoegd. En dat kan heel waardevol zijn. Denk aan het toevoegen van vragen over het doorlopen oriëntatie- en keuzeproces, de bekendheid van concurrenten of het meten van imago-aspecten.

•    Een ander goed voorbeeld vind ik de mooie inzichten die ontstaan door het koppelen en verbinden van onderzoeken. Bijvoorbeeld de koppeling tussen cliënt- en medewerkersonderzoek, een methode die vaak een schat aan nieuwe, verrassende en inspirerende inzichten oplevert om als organisatie écht mee te verbeteren. Zo bleek uit een onderzoek van ZorgfocuZ voor een ouderenzorginstelling uit de provincie Utrecht dat de té sterke ambitie van medewerkers om servicegericht te werken juist een negatieve invloed had op de klanttevredenheid. Dit bleek te komen doordat de medewerkers zó hun best deden om de bewoners in de watten te leggen, dat dit op een onnatuurlijke manier door de cliënten werd ervaren.

•    Onderzoek kan daarnaast een prachtige methode zijn om te segmenteren. Segmenteren houdt in het opdelen van de doelgroep in subgroepen van mensen met bijvoorbeeld dezelfde eigenschappen, kenmerken of behoeften. In ons boek 'Zorg met liefde en lef' (2016) vertelt Marloes Lok, leidinggevende Marketing & Communicatie van ZINN, bijvoorbeeld over de wijze waarop ZINN dit in de praktijk toepast. Ze geeft hierbij aan sterk rekening te houden met verschillende wensen en behoeften die de cliëntpopulatie heeft.

•    Tot slot nog een voorbeeld van hoe onderzoek kan bijdragen aan effectief beleid. In dit geval onderzoek onder verwijzers. In de praktijk blijkt dit vaak een lastige klus, maar met een aantal slimmigheden is het echt mogelijk om deze doelgroep bereid te vinden om een vragenlijst in te vullen. Huisartsen, medisch specialisten maar vooral ook POH’ers hebben zeker invloed op het oriëntatie- en het keuzeproces van cliënten. Door gericht onderzoek te doen naar kennis- en houdingaspecten ten opzichte van bepaalde zorg-/ondersteuningsvragen én de eigen organisatie, ontstaan al snel inzichten over op welke wijze het (verwijs-) gedrag beïnvloed kan worden.

Het zijn zomaar enkele voorbeelden van de meerwaarde die (vragenlijst-)onderzoek ook kan hebben. Hoewel begrijpelijk, is de kritische houding ten opzichte van vragenlijstonderzoek in de zorg in mijn optiek dan ook niet altijd terecht. Goed opgezet en uitgevoerd onderzoek kan een bron van inspiratie zijn.

Robbert Klein Koerkamp

Onderzoeker en adviseur bij ZorgfocuZ

Robbert Klein Koerkamp_311

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Bielderman

30 mei 2017

De kritiek op traditioneel vragenlijst onderzoek is m.i. te begrijpen.
Door veel onderzoekers worden respondenten gezien als "vraagbaak". Met weinig begrip voor omstandigheden en gering respect voor de respondent worden uitsluitend vragen gesteld waarop antwoorden gewenst zijn. Veel vragenlijsten zijn niet afgestemd op de specifieke situatie van de (individuele) patiënt.

Door de patient veel meer zelf aan het woord te laten en zijn/haar verhaal te laten vertellen, komen aspecten naar voren die de onderzoekers zelf niet hebben bedacht en daardoor extra waardevol zijn om een goed inzicht te krijgen in de belevingswereld van patiënten. Kortere, meer relevante vragenlijsten dus met veel ruimte voor eigen inbreng van de patiënt!

Top