HRM

'Niet pluis gevoel' van verpleegkundigen kan levens redden

Ervaren verpleegkundigen hebben het soms: een onderbuikgevoel dat het slechter gaat met een patiënt. Dat er iets 'niet pluis is', bijvoorbeeld omdat de patiënt zich anders gaat gedragen of er anders uitziet. Verpleegkundigen gaan zich zorgen maken en praten er ook onder elkaar over. Maar wat kunnen ze er verder mee?

De drempel om dat onderbuikgevoel ook te melden en een arts op te roepen is hoog. Bijvoorbeeld omdat de signalen van achteruitgang die verpleegkundigen menen te zien subjectief en subtiel zijn, en dus ook moeilijk onder woorden te brengen. Vooral onervaren verpleegkundigen zijn soms bang dat ze niet serieus worden genomen en dat een verzoek om assistentie op basis van hun niet-pluis gevoel als onnodig en overbodig wordt gezien. En dus verzoeken ze pas om assistentie op het moment dat een objectieve meting van vitale functies van de patiënt een achteruitgang signaleert: het SIT (Spoed Interventie Team) wordt dan pas opgeroepen als de EWS (Early Warning Score) hoog is.

Misschien is dat jammer. Misschien is dat subjectieve niet-pluis gevoel van verpleegkundigen wel degelijk een goede voorspeller van naderend onheil, nog voordat objectief onderzoek van vitale functies dat signaleert. Misschien is eerder ingrijpen mogelijk als het niet pluis gevoel serieus genomen wordt. Gooske Douw heeft het onderzocht in haar proefschrift Just Worry: Exploring triggers used by nurses to identify surgical patients at risk for clinical deterioration. Ze zal er 4 oktober 2018 op promoveren aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Objectiveren en meten

De eerste stap die Douw zet in haar onderzoek is om te proberen dat niet pluis gevoel van verpleegkundigen te objectiveren. Op basis van literatuurstudie komt ze tot een negental indicatoren, zoals een verandering in ademhaling (bijvoorbeeld kortademigheid), een verandering in circulatie (bijvoorbeeld een grauwe kleur of koud aanvoelen) en mentale veranderingen (zoals apathie). Die set van indicatoren noemt ze DENWIS (Dutch Early Nurse Worry Indicator Score).

De volgende stap die Douw zet is nagaan of gebruik van die indicatoren in de praktijk van een ziekenhuis ook daadwerkelijk ongeplande IC opname of  onverwacht overlijden kunnen voorspellen. Verpleegkundigen van drie chirurgische afdelingen van Ziekenhuis Gelderse Vallei scoorden een jaar lang prospectief elke patiënt bij elke dienst op de indicatoren in DENWIS. Daaruit bleek dat het niet pluis gevoel van verpleegkundigen een potentieel vroege indicator van verslechtering is waarop adequate actie ondernomen wordt, nog voordat vitale functies verslechteren.

De toegevoegde waarde van DENWIS

Middels verder onderzoek en analyse kan Douw de toegevoegde waarde van DENWIS bevestigen. Zo zijn de DENWIS indicatoren goede voorspellers van bijvoorbeeld ongeplande opname op een bewakingsafdeling of onverwacht overlijden, ook in een vroeg stadium wanneer vitale functies nog niet sterk afwijkend zijn. Het gebruik van DENWIS in combinatie met het EWS geeft het beste resultaat. De negen indicatoren van DENWIS zijn niet alleen gezamenlijk een goede voorspeller van achteruitgang bij de patiënt, maar ook afzonderlijk is elke indicator significant.

Het onderzoek van Douw helpt patiënten, verpleegkundigen en artsen verder omdat het niet pluis gevoel van verpleegkundigen is geobjectiveerd en meetbaar is gemaakt middels het DENWIS meetinstrument. Patiënten zijn gebaat bij een snelle signalering van achteruitgang zodat eerder (medisch)  handelen mogelijk wordt. Verpleegkundigen kunnen DENWIS gebruiken bij de beoordeling van een patiënt, de communicatie bij de overdracht en het oproepen van een arts. En artsen hebben meer en betere gegevens om te beoordelen of vroege escalatie en behandeling noodzakelijk is. Het niet pluis gevoel van verpleegkundigen kan daardoor inderdaad levens redden.

Voorbeeldig

Maar niet alleen daarom is het onderzoek van Douw voorbeeldig. Het toont aan dat gevoel en intuïtie van ervaren professionals waardevol en bruikbaar kunnen zijn in wetenschap en praktijk. Ervaren rechters voelen soms aan of een verdachte schuldig is of onschuldig. Ervaren managers selecteren personeel op basis van hun voorgevoel. Ervaren marketeers voelen aan welk product succesvol gaat zijn. Maar uiteraard is een subjectief voorgevoel niet altijd een goede voorspeller van de uitkomst. Het kan de wetenschap en de praktijk vooruit helpen als geprobeerd wordt deze subjectieve percepties serieus te nemen, te verzamelen, te objectiveren en te valideren. Zo kunnen evidence-based en best practices ontwikkeld worden, ook voor andere domeinen binnen of buiten de zorg.

Herm Joosten

Lector bij NCOI University te Hilversum en Universitair Docent bij het Institute for Management Research van de Radboud Universiteit Nijmegen

Herm Joosten_311

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Mauk van Heemstra ZorgSteedsBeter

4 oktober 2018

Gelukkig kan zo ook het 'niet-pluisgevoel' tot indicatoren worden teruggebracht.

Zo wordt deze waardevolle, oermenselijke intuïtie, waar vele vakmensen dagelijks gebruik van maken toch weer als Chinees kruid in de hoek gezet.
Dan toch maar hopen dat die Chinese kruiden definitief door de WHO worden toegelaten?

Top