BLOG

Budgetplan Klink zorgt voor Aha-Erlebnis

Hahahahahahah … Tja, wat is dit nu voor aanhef voor een blog? Het lijkt wel op een liedje van Vader Abraham. Welnu, ik geef u snel duidelijkheid. Deze aanhef geeft het leedvermaak weer van de auteur van deze bijdrage. Ik geef toe dat leedvermaak niet het beste sentiment is van de mens, maar ik zal het u uitleggen.

Complimenten

Als voormalig voorzitter van het College Tarieven Gezondheidszorg (CTG) en van het College Bouw Zorginstellingen (CBZ) (organisaties die allerlei tarieven en budgetten regelden, onder andere voor de ziekenhuizen en de medisch specialisten, alsmede de planning van de ziekenhuisbouw, waaronder ook het aantal bedden en bijzondere medische voorzieningen) werd ik om die reden door de marktfetisjisten uitgemaakt voor Stalinist, Stasi Hoofd, Brezjnev van de zorg en andere soortgelijke typeringen. Ik heb dat altijd als een compliment beschouwd en dat ook proberen over te brengen op mijn medewerkers bij die Colleges. We deden immers wat de wetten ons voorschreven en wat de politici in Den Haag van ons eisten: kosten beheersen via de tarieven en de planning en bouw.

Regelmechanisme

Welnu, na slechts een paar jaar van gedeeltelijke invoering van een vorm van hybride marktwerking, slaat wederom het regelmechanisme in volle hevigheid toe. Minister Klink die eerst miljarden wilde bezuinigingen door een verdergaande marktwerking en liberalisering van de ziekenhuistarieven, waaronder die van de specialisten, keert terug naar het Stalinisme van het voormalige CTG: de herinvoering van de budgettering van de tarieven, lees kosten, van de medisch specialisten. Het heette vroeger de lump sums per ziekenhuis, nu heet het de budgettering van de specialistische hulp binnen de financiering van de ziekenhuizen.

Bewijs van onvermogen

Er is één verschil: deed vroeger het CTG het vuile werk door de lump sums te verdelen zonder dat de ziekenhuisbestuurders het op hun bordje kregen, nu krijgen deze bestuurders het zelf voor hun kiezen. Tja, en dat is wel terecht, want zij waren er vroeger te laf voor en nu met een marktconform salaris en de schijn van ondernemerschap op zich geladen, kunnen zij dit varkentje natuurlijk gemakkelijk wassen. Althans, dat zou je denken. Maar het blijkt geenszins het geval: de hele dappere vereniging van ziekenhuizen staat op zijn kop en beweert dat zij daarvoor geen verantwoordelijkheid kunnen dragen. Wederom een bewijs van onvermogen als het gaat om het integrale bestuur van een ziekenhuis inclusief de medische staf. Een grote mond dus maar met een heel klein hartje. Het komt weer bekend voor.

Herintrede van planning

Een tweede reden voor mijn leedvermaak is gelegen in de plotseling weer opkomende roep om de ziekenhuizen en de bijzondere voorzieningen weer te gaan plannen en dus niet over te laten aan het vrije spel van de krachten van de markt. Bekende liefhebbers van de marktwerking gaan ineens overstag als het gaat om de invulling van de nodige bezuinigingen in de zorg. De spraakmakende marktman van de zorg, de ondernemer Jaap Maljers, pleit nu ineens dat de overheid in Amsterdam maar even de eerste hulp moet gaan concentreren, in plaats dat de markt dat doet. Hij pleit ook voor andere concentraties en taakverdelingen in de zorg.

Een zelfde geluid klinkt door in een recent, ongevraagd advies van de Raad van Zorg, de RVZ. Deze pleit ook voor een herintrede van de planning en voor een door de overheid afgedwongen herschikking van de ziekenhuiscapaciteiten en voorzieningen. Eveneens opmerkelijk omdat de RVZ altijd zo trouw en kritiekloos de wind van de marktwerking van Den Haag volgde. Dit keer heeft zij wederom de windrichting feilloos aangevoeld door nu ineens weer te pleiten voor een heroriëntatie op de planning van het ziekenhuisaanbod.

Geloof in illusies

U begrijpt, hoop ik, nu een beetje beter waarom bij mij het leedvermaak even de overhand kreeg boven de gevoelens van medeleven die ik normaliter pleeg te hebben voor de beleidsmakers in de zorg. Wat mij wel opvalt, is dat niemand minister Klink een Stalinist noemt. En dat ook niemand de zorgondernemer Maljers de nieuwe Breznjev van de zorg noemt. Dat zal wel zijn oorzaak hebben in het gebrek aan recente historische kennis. Het is tenslotte al weer vier tot vijf jaar geleden dat het oude regime van harde feiten werd vervangen door een nieuw geloof in illusies.

Rob Scheerder

4 Reacties

om een reactie achter te laten

Keuzenkamp

4 mei 2010

Beste Rob,



hoe ging dat gezegde ook alweer... precies: wie het laatst lacht lacht het best. Want leg eens uit: dat genormeerde uurloon, met per dbc vastgestelde normtijden - is dat nu iets waar het woord 'marktwerking' bij hoort? Brezjnev kon er slechts over dromen. Een extremer voorbeeld van (mislukte) centrale planning zou ik zo snel niet kunnen bedenken.

En dan is het voorstel van Klink eigenlijk wel aardig en zou het zomaar een stap kunnen zijn naar iets dat meer op een gewone markt gaat lijken. Het hangt een beetje van de uitvoering af. Dat we verpleegsters in loondienst hebben en een cao met hun belangenbehartigers afspreken heeft meer met de markt van doen dan het systeem van de huidige specialistenhonoraria met verzonnen prijzen en verzonnen tijden.

Hahaha.



Hugo Keuzenkamp

Joep Heesters

4 mei 2010

Jarenlang verliep de financiering van reparaties bij Renault garages in Frankrijk als volgt. In grote boeken stond voor elk mogelijke ingreep standaard beschreven hoeveel tijd en materiaal mocht worden besteed. Op de garagedeur stond onder een grote klok met koeieletters en dus voor iedereen waarneembaar "Horraire", het uurtarief. Voorwaar de kern van een systeem dat voor de gezondheidszorg toepasbaar is.

scheerder

4 mei 2010

beste hugo



er is sprake van een groot misverstand als je er van uitgaat dat het CTG bij monde van de voorzitter destijds een voorstander was van het DBC systeem. Ik heb dat systeem altijd naar de prullenbak verwezen omdat het te ingewikkeld was, er niet veel van klopte en de normtijden in een schoenendoos thuis hoorde. Dat laatste heb ik letterlijk tegen minister Hoogervorst gezegd in mijn laatse overleg met hem als voorzitter CTG. Hoe anders: ik hield een pleidooi voor een eenvoudiger systeem van productprijzen om te beginnen en dan vervolgens geleidelijk naar een geavanceerder systeem te gaan. een roepende in de woestijn was ik. De honderden miljoenen besteed aan het DBC systeem moesten een vervolg hebben. In feite vind ik voor een echt concurrentiemodel ook gestandaardiseerde producten niet relevant. Laat het gewoon aan de ziekenhuizen en de dokters over hoe zij een diagnose en behandeling doen. Maar ja voor de zekerheid wilden de ziekenhuizen een level playing field afspreken zodat iedereen over dezelfde producten moest onderhandelen. Een soort cao maar dan in termen van een productsysteem: een regeling dus die de concurrentie in feite teniet zou moeten doen, behoudens wat marginaal gedoe over de prijzen door onmachtige verzekeraars.



met vriendelijke groet en dank voor je reactie

rob scheerder

P.H.Draaisma

9 mei 2010

De discussie over de beste vorm van financiering van de ziekenhuizen en beloning van specialisten is geen verheffende. Ego's zijn hier kennelijk belangrijker dan de resultaten. De forse uitspraken van Maljers vind ik daarvan een voorbeeld, maar het verhaal van Scheerder is ook niet vrolijk makend.

Ik werk nu bijna drie jaar in deze sector en kan niet anders dan concluderen dat het financieringssysteem een drama is. Elke organisatie is in staat kostprijzen en tarieven te bepalen en daarmee te sturen, in de gezondheidszorg werken we voor 70% van de dekking van de ziekenhuiskosten met een systeem waarvan het hoogste goed is dat het gemiddeld ongeveer uitkomt. Als Scheerder vol enthousiasme over het verleden spreekt loopt hij wel wat gemakkelijk heen over het feit dat een dergelijk systeem de efficiency niet bevorderen kan. In ieder geval is een dergelijk systeem niet van deze tijd.



Wat de uitspraken van Maljers betreft: ik vind het opmerkelijk dat bij een groeiende vraag minder verkooppunten geld oplevert. Tot nu toe niet een strategie die in enige sector gevolgd werd. Zeker wanneer die strategie werkelijkheid moet worden volgens planning gaat dit handen vol geld kosten omdat de overblijvende centra de efficiency zullen willen realiseren door verbouw, relocatie van activiteiten etc. Veel en grote transitie-uitgaven dus. Ik geloof er niets van dat we de komende jaren daar besparingen door zullen zien.



Waar ik op hoop is dat we de gezondheidszorg proberen verder te brengen op basis van gezonde spelregels die ertoe bijdragen dat goede kwaliteit wordt geleverd tegen de laagste kosten. Dat wordt niet gerealiseerd via planning, wel door de creativiteit van de afzonderlijke spelers te benutten. Kortom; laten we niet te vroeg bang worden en proberen outputbekostiging leidend te laten zijn bij het zoeken naar een optimum.



Wat de opmerkingen betreft over de lafheid van ziekenhuisbestuurders: zinloze teksten. De problematiek die op mijn bordje komt en die van mijn collega's wanneer een systeemwijziging wordt doorgevoerd zoals minister Klink voorstelt ten aanzien van de beloning van specialisten is doodgewoon bizonder complex als gevolg van de aard van de relatie tussen het ziekenhuis en de zelfstandig gevestigde specialisten, de krappe arbeidsmarkt van specialisten en het experimentele karakter van de systeemwijziging onder andere tot uiting komend in het wellicht achteraf door de belastingdienst constateren van een loondienstverhouding met alle interessante naheffingen die dat weer oplevert en uiteraard de consequenties voor de geinvesteerde goodwillbedragen. Iets meer zorgvuldigheid past hier wel.

Top