BLOG

Ondernemingskamer waarborgt medezeggenschap?

Als medezeggenschapsorganen vinden dat het bestuur (raad van bestuur en / of raad van toezicht) zich niet aan de regels houdt of er bestuurlijk gezien en janboel van maakt, kunnen zij de rechter vragen in te grijpen. Deze gang naar de Ondernemingskamer wordt in de Governance-code als een ‘belangrijke waarborg voor een correcte afweging van alle aan de orde zijnde belangen’ gezien. Tot op heden is van deze mogelijkheid nog maar beperkt gebruik gemaakt.

Meerwaarde enquêterecht

Zolang de reden hiervoor is dat medezeggenschapsorganen erin slagen om eventuele onvrede over het bestuur intern op te lossen, is dit natuurlijk prima. De vuile was buiten hangen is immers nooit bevorderlijk voor de onderlinge verstandhouding tussen de diverse bestuursorganen, noch voor het imago van de organisatie. Als de reden echter is dat medezeggenschapsorganen zich niet of nauwelijks bewust zijn van deze mogelijkheid of er geen gebruik van durven maken, omdat ze de mogelijke meerwaarde ervan niet zien, dan is dit zogenaamde ‘enquêterecht’ een wassen neus.

Spanning tussen bestuursorganen

De ondernemingsraad van gehandicaptenzorg organisatie Sherpa is recent naar de Ondernemingskamer gestapt. De formele reden hiervoor is dat de raad van toezicht haar geen advies heeft gevraagd bij de aanstelling van een interim bestuurder. In hoeverre dit formeel wel had gemoeten, zal beantwoord moeten worden door juristen. Het antwoord zal afhangen van de inhoud van de statuten en reglementen. Los daarvan is het natuurlijk zeer onverstandig van een raad van toezicht als de medezeggenschapsorganen niet worden betrokken bij de aanstelling van een interim-bestuurder (vóór diens benoeming uiteraard). Deze interimmer zal immers toch ook zaken moeten doen met de medezeggenschapsorganen. Het punt is echter dat dit formele geschil slechts de spreekwoordelijke druppel is die de emmer deed overlopen: er is al lange tijd sprake van spanning tussen de diverse organen. Het gaat kortom om meer dan de adviesaanvraag voor een interim bestuurder, terwijl dit issue er nu wordt uitgelicht.

Goed bestuur

De Ondernemingskamer heeft inhoudelijk nog geen uitspraak gedaan, maar al wel opgemerkt dat dit een bijzondere zaak is, omdat weinig medezeggenschapsorganen uit de gehandicaptenzorg zich melden met een klacht. Deze opmerking rechtvaardigt de vraag in hoeverre de Ondernemingskamer daadwerkelijk gebruikt wordt / gaat worden als een onafhankelijk toetsorgaan van de kwaliteit van het bestuur van organisaties. Een tweede vraag is in hoeverre de Ondernemingskamer hier daadwerkelijk een rol voor zichzelf ziet. Hoe ruim zal zij de wet- en regelgeving gaan interpreteren? We moeten hierbij niet vergeten dat een rechterlijke organisatie doorgaans vooral beziet of organen zich aan de regels en afspraken hebben gehouden, in relatie tot de doelstellingen van de betreffende rechtspersoon. Dat is slechts een zeer beperkte interpretatie van wat inmiddels ‘goed bestuur’ is gaan heten.

Machtsevenwicht

Het is een goede zaak dat de weg naar een rechterlijke instantie aanwezig blijft voor de medezeggenschapsorganen, om in uiterste noodzaak het bestuur op andere gedachten te brengen. Er zal echter meer nodig zijn om tot een beter ‘machtsevenwicht’ te komen in de interne bestuurlijke verhoudingen. De Governance-commissie Gezondheidszorg zou misschien een belangrijke rol kunnen spelen in de overbrugging van de afstand tussen intern overleg en externe juridische toetsing.


Marc van Ooijen

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top