BLOG

Zorgverzekeraars: stroperigheid remt inzicht kwaliteit

Als het aan voorzitter Theo Langejan van de NZa ligt, krijgen zorgverzekeraars nog één kabinetsperiode om te bewijzen dat ze een meerwaarde hebben binnen het huidige bestel. Lukt dat ze niet dan gaat de zorg wat hem betreft verder zonder zorgverzekeraars.

Langejan, pas begonnen als NZa-voorzitter, laat blijken weinig vertrouwen te hebben in de inkooprol van zorgverzekeraars. Prikkels ontbreken om te concurreren en hij betwijfelt of zorgverzekeraars wel voldoende gemotiveerd zijn om selectief in te kopen. En er wordt te weinig geïnvesteerd in het inzichtelijk maken van verschillen in kwaliteit tussen zorgaanbieders.

Wondermiddel

Het wondermiddel: afschaffen van de ex-post risicovervening. Pas dan zouden de zorgverzekeraars voldoende prikkels hebben om te concurreren met elkaar en scherp in te kopen op basis van kwaliteit.

Rol van de zorgverzekeraar

De ‘voor de vuist weg’ reactie van Langejan duidt op miskenning van de rol van zorgverzekeraars of in ieder geval een gebrek aan kennis over wat er nu werkelijk allemaal al op het gebied van kwaliteit gebeurt. We zijn nu vier jaar onderweg met dit nieuwe stelsel en in die tijd is er veel gebeurd op het gebied van kwaliteit, zowel door Zorgverzekeraars Nederland als door individuele zorgverzekeraars.

Zo hebben zorgverzekeraars al in 2002 de CAhPS (Consumer Assessment of Healthcare Providers and Systems) naar Nederland gehaald, later omgebouwd tot CQ-index (Consumer Quality-Index) , een erkende methode om klantervaringen en daarmee kwaliteit van zorg te meten. Sinds 2006 zijn er landelijke metingen gehouden, eerst van heup-, knie- staaroperaties en sinds vorig jaar van bijna alle veelvoorkomende aandoeningen in het B-segment.

Bij zo’n meting zijn 60.000 patiënten betrokken, enkele honderden per ziekenhuis. Dit levert een schat aan data op over de door patiënten ervaren kwaliteit. Deze uitkomsten worden direct gebruikt bij de inkoopgesprekken met zorgaanbieders. Het Centrum Klantervaring Zorg is opgericht en overheid en andere belanghebbenden kunnen volop meeprofiteren van de data die dankzij de inzet en investeringen van zorgverzekeraars beschikbaar zijn.

De ontwikkeling van indicatoren binnen Zichtbare Zorg is mede op gang gekomen na sterk aandringen door zorgverzekeraars die vonden dat er nu eens goede en onderling vergelijkbare indicatoren moesten komen. Dat het proces van de ontwikkeling ervan zo stroperig verloopt, is niet te wijten aan de zorgverzekeraars. Sterker nog, hand in hand met de consumenten dringen we op snelheid aan. Combinatie van CQ-Index en Zichtbare Zorg-indicatoren geeft een goed inzicht in de kwaliteit van zorg en vormt de basis voor soms pittige inkoopgesprekken met ziekenhuizen over de geleverde kwaliteit van zorg en hoe dat beter kan.

Spiegelinformatie

In Friesland hebben we een goed systeem ontwikkeld van spiegelinformatie voor huisartsen. Op basis van deze gegevens kunnen we het verwijsbeleid van huisartsen in een regio vergelijken. Waarom verwijst de ene huisarts veel meer mensen met diabetes door naar het ziekenhuis dan zijn collega een dorp verderop. Soms is er een goede verklaring voor de verschillen, soms ook niet en dan bepalen we gezamenlijk hoe we de situatie verbeteren.

Andere initiatieven die de kwaliteit van zorg een stevige impuls hebben gegeven en waar zorgverzekeraars aan de wieg hebben gestaan, zijn de invoering van ketenzorg voor mensen met een chronische aandoening en de invoering van de praktijkondersteuner voor huisartsen. Pas vorig jaar is het NZa met een tarief gekomen voor ketenzorg, terwijl zorgverzekeraars de zorg al jaren ‘experimenteel’ uitvoerden. Betere afstemming van zorg in een keten, met de patiënt en zijn zorgvraag centraal, leidt tot betere zorg èn een hogere kwaliteit van leven.

Inkopen op kwaliteit

Specifiek inkopen op basis van kwaliteit doen we wel degelijk. Als voorbeeld kopen wij  binnen Friesland bariatrische chirurgie (maagbandjes) alleen in bij het MCL. Dat heeft in de regio veel gedoe opgeleverd met andere ziekenhuizen, maar voor de patiënt is dit de beste keus. Het aantal ingrepen, dus de ervaring en daarmee de kwaliteit is daar hoger, evenals de psychische begeleiding en de voor- en nazorg van patiënten. Daar heeft de patiënt direct baat bij en wij zijn er van overtuigd dat het op termijn door een hogere kwaliteit en door het stimuleren van preventie van overgewicht ook geld gaat opleveren.

Bij fysiotherapeuten passen wij al enkele jaren gedifferentieerde tarieven toe waarbij fysiotherapeuten die aantoonbaar betere kwaliteit leveren op basis van indicatoren van Zichtbare Zorg en doelmatig werken, een andere beloning ontvangen. Kortom vormen van selectieve zorginkoop die zorgverleners prikkelen hun kwaliteit te verbeteren en ons alert waar we inkopen.

We schuwen selectieve inkoop niet. De meetinstrumenten om kwaliteit inzichtelijk te maken komen nu eindelijk tot volle wasdom. Wij zijn van mening dat zorgaanbieders die minder goed scoren wel eerst de gelegenheid en tijd moeten krijgen om hun zorg te verbeteren. Hoeveel tijd is afhankelijk van het soort zorg. Dat is niet vrijblijvend. Als ze die kans niet pakken, kiezen we als dat mogelijk is voor andere zorgaanbieders of bieden geen contract aan.

Door de kwaliteit inzichtelijk te maken, op een eigen site of in samenwerking met patiëntenverenigingen, kan de cliënt zelf kiezen welke zorgaanbieder voor hem of haar de beste is. Vaak zal dat de aanbieder zijn met de meeste sterren. De zorgaanbieders die slechter scoren zullen dat merken in hun toestroom van patiënten. Dit is wel degelijk een prikkel om de zorg te verbeteren.

Compensatiemechanismen

En dan het afschaffen van de ex-post compensatiemechanismen. Dit hoeft geen bezwaar te zijn mits het ex-ante model goed functioneert. En dat is nog steeds niet geheel het geval. En bij een niet goede verdeling vooraf zijn het vooral de regionale zorgverzekeraars die risico lopen.

Zij hebben te weinig mogelijkheden om de goede en minder goede risico’s uit te middelen. We moeten bovendien niet vergeten waarom risicoverevening in het leven is geroepen. Om de solidariteit in het stelsel overeind te houden hebben zorgverzekeraars een acceptatieplicht en mogen ze geen differentiatie in premie toepassen. Om een gelijk speelveld te creëren moet je ze daarom compenseren voor relatief slechte risico’s.

Financiële prikkels

Langejan haalt dan wel uit naar de zorgverzekeraars en zegt dat ze niet gemotiveerd zijn om te concurreren op kwaliteit en zorginkoop omdat de financiële prikkel daartoe ontbreekt, maar niets is minder waar. Zoals uit de gegeven voorbeelden blijkt, doen we dat wel degelijk. En het loont ook.

Wat wel vervelend is, is dat een deel van de onzekerheid en risico’s die zorgverzekeraars lopen, het gevolg is van beleidsmaatregelen die worden afgekondigd en die lastig voorspelbaar zijn. Zorgverzekeraars moeten half november hun premie bekend maken, maar de NZa presteert het al een paar jaar achtereen om voor de farmaceutische zorg in december met een tariefregel te komen die direct van grote invloed is op kosten en inkomsten van zorgverzekeraars.

Dat is lastig plannen voor zorgverzekeraars. Het alternatief zou zijn hogere premies om deze onvoorspelbare (maar te vermijden) risico’s op te vangen. En dat is wat wij niet willen. Wanneer de overheid consequent is in haar beleid en op tijd en de ex-ante verdeling van middelen is goed, dan kan de ex-post verevening prima worden afgeschaft. Daarbij moet gezegd dat de zorgverzekeraars nu al voor 75 procent van hun kosten direct risico lopen.

Het is te vroeg en te gemakkelijk om nu na amper vier jaar te roepen dat het systeem niet werkt en dat zorgverzekeraars hun rol niet goed oppakken. Er zijn belangrijke stappen gezet om kwaliteit te verbeteren en daar ligt zeker concurrentiekracht. Goede zorginkoop levert zorgverzekeraars wel degelijk wat op. En de verzekerde ook, want het biedt de mogelijkheid om de premie laag te houden of minder snel te laten stijgen. En dat is prikkelend genoeg.

Diana Monissen
Voorzitter raad van bestuur De Friesland Zorgverzekeraar

3 Reacties

om een reactie achter te laten

Anonym

2 juli 2010

prima actie!

jacco visser

7 juli 2010

De NZa gaat volledig voorbij aan de resultaten die geboekt zijn op het gebied van transparantie van kwaliteit bij de B-segment behandelingen in de ziekenhuiszorg. Momenteel wordt de slag gemaakt van vertaling van deze informatie naar verzekerden en patienten. Het gekke is dat dit momenteel nog in de kinderschoenen staat voor behandelingen in het A-segement. Het feit dat verzekeraars nog niet selecteren op basis van kwaliteit heeft niets te maken met slappe knieen van verzekeraars maar met principes binnen de Zorgverzekeringswet. Patienten hebben ten alle tijde recht op vergoeding van deze zorg. Het heeft dus vooralsnog weinig zin om clienten hiervan uit te sluiten. Wel kunnen verzekeraars in samenwerking met patienten en consumentenorganisaties de kwaliteit verder inzichtelijk maken, zodat er voor de klant wat te kiezen valt.

Zorg

3 september 2010

Ik ben benieuwd waar dit toe leidt.

Top