BLOG

Zorg en gemeenten

AWBZ naar de WMO per 1 januari van dit jaar, krijgen gemeenten en geestelijke gezondheidszorg nog intensiever met elkaar te maken. Deze ontwikkeling was al in gang gezet door de komst van de WMO, die gemeenten de verantwoordelijkheid geeft voor het welzijn en de maatschappelijke ondersteuning van hun inwoners.

Elkaar vinden

Op zichzelf is de gemeente de meest logische partij om regie te voeren over dit beleid. Zij staat dicht bij haar burgers. Dit gaat zo ver, dat veel inwoners die intensieve ondersteuning en begeleiding nodig hebben bij gemeentelijke instanties met naam en toenaam bekend zijn. Veel van deze mensen hebben ook psychiatrische zorg nodig. Daarom is het zonder meer positief dat overal in het land gemeenten en psychiatrische zorg elkaar steeds beter weten te vinden.

Succes

Op sommige plekken levert dit onmiskenbare successen op. Zo lopen in de vier grote steden tal van initiatieven om verkommerden en verloederden, daklozen en verslaafden van straat te halen, een woning te bieden, te ondersteunen bij afkicken en een nieuw perspectief in het leven te vinden. Voor deze mensen een nieuwe kans; hun medestadsbewoners ervaren een veiliger en leefbaarder buurt.
Een stad als Den Haag is dankzij dit beleid, in goede samenwerking met de Parnassia Bavo Groep en Anton Constandse, op de ladder van onveilige gemeenten gedaald van de 3e naar de 21e plaats.

Angst

Helaas zijn er ook gemeenten waar de samenwerking met de geestelijke gezondheidszorg veel minder goed verloopt. Soms heeft dit te maken met (gebrek aan) politieke moed. Bewoners komen steeds vaker aanvankelijk in opstand als er in een buurt plannen bestaan om verslaafdenopvang of begeleid wonen te realiseren. Vaak leert de praktijk dat als mensen zich serieus genomen voelen in hun vrees en de voorziening goed leren kennen, hun bezwaren veel kleiner worden of zelfs verdwijnen. Toch zijn er wethouders die zich door buurtprotesten laten meeslepen en het ontstaan van voorzieningen daarom frustreren. Of weigeren om opvangplekken of voorzieningen te creëren uit angst voor een aanzuigende werking op verslaafden of daklozen uit de omgeving.

Coördineren

Voor de instellingen van geestelijke gezondheidszorg is het ook een hele klus om rekening te moeten houden met alle verschillende uitgangspunten en kwaliteitseisen van beleid die gemeenten hanteren –naast die van inkopers als zorgverzekeraars, zorgkantoren en justitie. Het zou daarom een goede zaak zijn als de centrumgemeenten hierin een coördinerende taak kregen. Dat vergemakkelijkt de communicatie aanzienlijk. En het vergroot de kans dat beleid ook raak schiet.

Samenwerking

Het is nog niet zo lang geleden, dat zwerven en verloederen beschouwt werd als een autonome uiting van menselijke zelfbeschikking. In de praktijk kwam het er op neer dat ernstig zieke mensen aan hun lot werden over gelaten. Het is een teken van beschaving dat hier een einde aan is gekomen. Niemand schaamt zich meer voor bemoeizorg, de samenleving is zich actief gaan bekommeren om het lot van iedereen. In de uitvoering van deze ambities valt nog een wereld te winnen, als geestelijke gezondheidszorg en gemeenten daarbij als volwaardige partners de handen ineen slaan.

Marleen Barth
Voorzitter GGZ Nederland

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top