BLOG

Zorgvrager moet nut overstap zorgverzekering zien

We kunnen alleen van goede zorg spreken wanneer de juiste zorg wordt geleverd. Niet teveel, niet te weinig, op de juiste plaats, zonder wachttijden en tegen een betaalbare prijs. Bij goede zorg verleent de zorgaanbieder die zorg die het antwoord is op de specifieke zorgvraag van de patiënt. Met een doelmatig inkoopbeleid spoort de zorgverzekeraar de zorgaanbieder daartoe aan. Vandaar de keuze voor vraagsturing in de zorg. Aanbodsturing sluit niet aan bij de vraag: er is of een te groot aanbod van zorg of juist een tekort. Slecht voor de patiënt en voor de beheersbaarheid van de kosten in de gezondheidszorg.

Theorie nieuwe zorgstelsel

Bij de introductie van het nieuwe zorgstelsel is het uitgangspunt geweest dat er een goed evenwicht is tussen de invloed van zorgverzekeraar, zorgaanbieder en zorgvrager. Bij aanbodgerichte zorg slaat de balans door naar de zorgaanbieder met als risico minder doelmatige zorg en minder aandacht voor kwaliteit: de patiënt komt toch wel. Door vraagsturing proberen we dat evenwicht aan te brengen. Daarbij treedt de zorgverzekeraar op als een verlengde arm van de verzekerde. De verzekerde kan gemakkelijk van zorgverzekeraar veranderen. Dat is de theorie.

Overstappen verzekeraar

Op dit moment heeft de verzekerde hier nauwelijks behoefte aan. Slechts zes procent stapt jaarlijks over naar een andere zorgverzekeraar. De meeste verzekerden zijn kennelijk tevreden over hun zorgverzekeraar. Er zijn veel mensen die niet weten dat ze over kunnen stappen en er zijn nog veel meer mensen die geen zin in het gedoe hebben: ze zijn keuzemoe. Bovendien hebben mensen helemaal niet het idee dat de zorgverzekeraar in principe hun belangenbehartiger is.

Zorgverzekeraars passen zich hierbij aan. Zij hebben met bijna alle ziekenhuizen contracten. En als zorgverzekeraars selectief contracten sluiten en aan hun verzekerden aanbieden, wordt dit ervaren als gedwongen winkelnering door diezelfde verzekerde. Het maakt zorgverzekeraars huiverig voor selectief contracteren, terwijl zij daarmee juist wel meer kwaliteitseisen zouden kunnen afdwingen. Zorgverzekeraars maken ook niet of nauwelijks gebruik van de mogelijkheid om bepaalde specifieke zorg buiten het eigen risico te houden. Om precies dezelfde reden. De verzekerde ziet zijn zorgverzekeraar niet als verlengde arm. Hij heeft geen idee dat de wet de zorgverzekeraar via de zorgplicht opdraagt goede zorg te leveren en dat hij zijn zorgverzekeraar daarop kan aanspreken.

Groeiproces

Theorie en praktijk sluiten dus niet op elkaar aan. Nu mag er best sprake zijn van een groeiproces, maar dan moet de groei er wel in zitten. Op dit moment zien we alleen beweging bij zorgaanbieders en zorgverzekeraars. De verzekeraars kopen meer in op kwaliteit en betrekken hierbij patiëntenorganisaties. Zorgaanbieders zijn zich steeds meer bewust van de eisen van de zorgverzekeraars. Nog meer prikkels voor goede zorg liggen in meer selectief contracteren, maar dat heeft alleen zin als de verzekerde dat waardeert. Zoals we eerder aangaven, is dat (nog?) niet het geval.

Informatieoffensief

De bal ligt dan ook bij de verzekerde. Hij moet weten dat het hem wat oplevert, als hij zich wel verdiept in zijn zorgverzekering. Dat dit kan, hebben we gezien toen mensen eind 2005 de overgang moesten maken naar de Zorgverzekeringswet. Veel mensen zagen toen voor het eerst voor welke aanvullende verzekering ze eigenlijk hadden gekozen. Het aantal mensen dat overstapte en ook nog bewust een andere aanvullende verzekering nam, was groot.

Een waar informatieoffensief lag hieraan ten grondslag. Daaraan moeten strenge eisen worden gesteld, willen mensen zich erin verdiepen. Het kan alleen als het betrouwbare informatie is, in begrijpelijke taal geschreven en waarbij het goed mogelijk is te vergelijken tussen de verschillende zorgverzekeraars. Overzichtelijk, kort en bondig. Daar is volgens mij nog een wereld te winnen voor zorgverzekeraars en voor de websites die de keuzemogelijkheden aanbieden. Hoe eenvoudiger, hoe beter. Het zal niet voldoende zijn om de verzekerde meteen enthousiast te maken voor vraagsturing, maar wel een eerste stap.

Margreeth Smilde
Tweede Kamerlid CDA

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Anonym

21 september 2010

Het betoog begint zo helder. De conclusie is voor mij een raadsel. Er wordt uitgegaan van de driehoeksrelatie zorgverzekeraar-zorgaanbieder en zorgvrager. Die allen een rol toebedeeld krijgen om de zorg middels marktwerking in een gezonde balans te krijgen wat betreft kosten en kwaliteit. Duidlijk is dat de driehoek niet werkt, dat de zorgvrager niet de rol pakt die voor hem bedacht is! En daar zit ook de verrassing. In plaats van de conclusie dat het theoretische model in de pratkijk niet werkt en dat de consument zich niet laat dwingen in een rol, wordt gezegd dat er harder geduwd moet worden om de zorgvrager in zijn rol te krijgen. Ik wordt er doodmoe van (dit werd overigens in het betoog erkent). M.i. overvraag je de zorgvrager en de consument in zijn algemeenheid als het gaat om z'n rol om steeds als kritische gebruiker te handelen. Iedere maand nadenken over de prijs/kwaliteit verhouding van alles wat ik consumeer. Ik ben van mening dat het preventieve zorg is wanneer we het de mensen gunnen over sommige zaken niet na te hoeven denken. Levert veel minder stress, lees verzuim, lees ziekte op. Lastig te meten maar m.i. een zeer kosten besparende maatregel! Wat meer vertrouwen in de gemiddelde professional in de zorg, lees arbeidsvreugde, lees levensgeluk biedt andere mogelikheden om te werken aan een gezonde balans in kosten en kwaliteit.

Eugenie

Top