BLOG

Ouderenzorg heeft goed professioneel statuut nodig

Ouderenzorg heeft goed professioneel statuut nodig

Specialisten ouderengeneeskunde hebben zich vaak niet of onvoldoende georganiseerd en in verpleeghuizen is niet altijd een professioneel statuut ingevoerd. Dat is een gemis. Niet alleen voor de artsen zelf, die zich goed georganiseerd beter gehoord kunnen weten, maar ook voor het bestuur van een zorginstelling. Hoe is de verantwoordelijkheid voor een goede organisatie van de zorg waar te maken als er geen gestructureerd overleg plaatsvindt met de hulpverleners?

Onvoldoend aandacht

Raden van bestuur en raden van toezicht besteden onvoldoende aandacht aan de kwaliteit van zorg. Aldus de toelichting bij het Wetvoorstel cliëntenrechten zorg (Wcz) dat begin juni 2010 bij de Tweede Kamer is ingediend. De wetgever verwijst naar onderzoek dat laat zien wat er mis is: de verantwoordelijkheden van de verschillende partijen zijn onvoldoende geëxpliciteerd. Vooral voor bestuurders in de ouderenzorg is het oppassen geblazen.

Geen misverstand

In de nieuwe wet kan er geen misverstand over bestaan: de raad van bestuur is eindverantwoordelijk voor de kwaliteit van de geleverde zorg. Op zichzelf is die eindverantwoordelijkheid van de raad van bestuur niet nieuw. Wat wel nieuw is, is het boeket van cliëntenrechten dat de positie van de cliënt tegenover de zorgaanbieder moet versterken. Verplichtingen van hulpverleners worden geformuleerd als cliëntenrechten jegens de instelling. Dat geldt ook voor rechten die in de praktijk door individuele beroepsbeoefenaren gerealiseerd worden, zoals het bijhouden van een dossier.

Verantwoording

Het belangrijkste cliëntenrecht is het recht op goede zorg. Een zorgaanbieder moet de zorgverlening zo organiseren dat er sprake kan zijn van goede zorg. Het bestuur moet de medische professional aanspreken op de kwaliteit en veiligheid van de geleverde zorg. Omgekeerd is de medische professionalverantwoording schuldig aan het bestuur over de zorg die hij levert.

Werk aan de winkel

Er is werk aan de winkel voor de raden van bestuur. Bestuurders kunnen het zich niet meer veroorloven om de kwaliteit van de zorg en de naleving van patiëntenrechten als een zaak van de werkvloer te beschouwen. Eventuele onduidelijkheden in de "verantwoordelijkheden van de verschillende partijen" worden niet door de wetgever opgelost. De zorgaanbieder moet zelf zorgen voor een goede interne verantwoordelijkheidsverdeling.

Qui-vive

Om een aantal redenen denk ik dat met name bestuurders in de ouderenzorg op hun qui-vive moeten zijn:

1.  Als bonus bovenop de Wcz krijgt de ouderenzorg ook nog met de Beginselenwet zorginstellingen te maken. Deze wet moet concrete rechten (zoals "snelle hulp bij de toiletgang") voor cliënten in de intramurale AWBZ-zorg gaan bevatten. Zorgverleners moeten het met hun leidinggevenden bespreken als zij afspraken over deze rechten niet kunnen nakomen. De leidinggevenden moeten dergelijke signalen serieus nemen "en er wat mee doen", schrijft de staatssecretaris. In de wet moet geregeld worden dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) onmiddellijk kan optreden bij zeer ernstige individuele klachten "op het gebied van verzorging en bejegening".

2.  De inspectie ontwikkelt een toezichtkader voor de invulling van de bestuurlijke verantwoordelijkheid van zorginstellingen voor kwaliteit en veiligheid. Aankomend voorjaar wordt het definitieve toezichtkader verwacht. Eén van de vragen waarmee de inspectie bestuurders tegemoet wil treden is of er een professioneel statuut is met een verantwoordelijkheidsverdeling en communicatieafspraken.

3.  Professionals moeten zich laten leiden door de regels voor zorgverlening die de instelling vaststelt, zo bepaalt de Wcz. Maar die regels mogen geen afbreuk doen aan de eigen verantwoordelijkheid die uit de professionele standaard voortvloeit. Sterker, de instelling is er (eind)verantwoordelijk voor dat de medische professionals handelen conform de professionele standaard. Die verantwoordelijkheid kan een bestuurder niet waarmaken zonder gestructureerd overleg met de professionals. Een andere voorwaarde is een heldere verantwoordelijkheidsverdeling die is neergelegd in een professioneel statuut.

Jilles Heringa

2 Reacties

om een reactie achter te laten

Gericke

31 januari 2011

Het cliëntenrecht Wcz is de zoveelste volksverlakkerij en is enkel bedoeld om de machtspositie van de zorgaanbieder te handhaven. Hierboven kakelt iemand over het recht op goede zorg maar nergens kun je concreet die zogenaamde goede zorg waarnemen. Met IGZ en zijn kwaliteit en veiligheid, en die zogenaamde indicatoren kun je als zorgvrager/ zorggebruiker helemaal niets. Dat is zo opgezet dat het een onderonsje blijft tussen de zorgmaffia waar je als burger niet kan tussenkomen.
Die nieuwe rechten beginnen met: "goede zorg begint met een goede relatie tussen cliënt en zorgaanbieder".
En met die ene zin haal je al die misleidende rechten onderuit.
Want vanuit de gevestigde machtspositie bepaalt de zorgaanbieder de relatie. Neem je, net als nu, geen genoegen met de miserabele zorg, is de relatie verstoord en wordt je buitengezet. Want ook dat buitenwerken uit een zorginstelling is heel goed geregeld in de nieuwe rechten. Maar dan wel als een recht van de zorgaanbieder.
In het geheel van die rechten dient men meer te spreken van de rechten van de zorgaanbieder dan die van de zorggebruiker.
Het kan slechts in een bananen republiek gebeuren dat op een verholen wijze de rechten van de zorgaanbieder geregeld worden binnen de rechten van de cliënt.
Die nieuwe rechten zijn geen verbetering voor de positie van de cliënt, maar een verslechtering. Met die rechten worden nml. de smerige, onrechtmatige streken van de zorgaanbieder gelegaliseerd. Waar de client tot heden volgens de huidige wet-en regelgeving recht op had wordt nu helemaal gekoppelt aan de zorgaanbieder.
Wat te denken van rechte op goede zorg terwijl de zorgvrager die zorg zelf met de zorgaanbieder moet afspreken. Dat moest nu ook al, maar je trok als zorgvrager altijd aan het kortste eind.
En dat verandert nu geen sikkepit. Binnen die nieuwe rechten heeft de zorgaanbieder nog steeds de overhand en ontbreekt elke mogelijkheid om rechten af te dwingen.
Er bestaan nu voldoende rechten voor de cliënt. Die blijkbaar slechts voor de schijn dienst doen want je kunt als cliënt nauwelijks of niet gebruik maken van die rechten. Geen kip die er op toeziet dat die regels en rechten gerespecteerd worden.
Als je van je recht gebruike maakt wordt je als het ware geliquideerd door de hele zorgmaffia en kom je van de regen in de drop. Niemand pakt de zorgaanbieders aan die over de schreef gaan.
Het zou mogelijk helpen als het negeren van rechten strafbaar wordt met een flinke boete er op. Een klachtenregeling waarbij de belangen van de cliënt voorop staan ontbreekt ook nu weer.
Kortom: de burger wordt weer een rad voor ogen gedraaid. Zoals vele veranderingen betreft het ook hier een achteruitgang van de positie van de burger. Mede door de marktwerking worden zorgaanbieder en zorgverzekeraar de partijen die de zorg gaan regelen. En daar heeft de cliënt met zijn neiuwe rechten totaal geen invloed op.
Tenslotte heel vreemd dat in het artikel helemaal niet vermeld staat dat het om een voorstel gaat dat door de kamer niet is behandelt. Het zal wel weer een manier zijn om het ongemerkt met wat gemanipuleer aangenomen te krijgen. De kans is er, nu de grootste schreeuwer over de slechte zorg kennelijk meer gedoogd zonder dat het in het programma van de PVV staat.

jansen

1 februari 2011

Ik vind dat een medisch professional in eerste instantie altijd verantwoording schuldig is aan de patient.
Is er conform de behandelovereenkomst geleverd waar de patient recht op heeft.
Pas daarna komt een verantwoording naar de raad van bestuur in beeld.

Top