BLOG

Meetbare uitkomsten maken zorg beter

Meetbare uitkomsten maken zorg beter

De hartcentra van Catharina Ziekenhuis uit Eindhoven en het St. Antonius ziekenhuis uit Nieuwegein maken de weg vrij om transparant te rapporteren over resultaten van de geleverde zorg aan de hand van de meest relevante uitkomstindicatoren. We dagen de cardiologen in heel Nederland uit om deze indicatorenset te omarmen en hun zorg op dezelfde wijze transparant te maken als hun collega’s uit Eindhoven en Nieuwegein.

Mevrouw Haringvliet woont in Rotterdam en is een sportieve en intelligente dame. Mevrouw Haringvliet is op zich goed gezond, en houdt van Nordic Walking met haar vriendinnen. De laatste tijd merkt mevrouw Haringvliet dat ze een beklemmend gevoel op haar borst krijgt als ze een rondje om de Kralingse Plas wandelt. Na een bezoekje aan de huisarts wordt ze voor vervolgonderzoek naar de cardioloog gestuurd. Die komt tot de conclusie dat ze gedotterd moet worden. In een straal van ongeveer 30 kilometer heeft Mevrouw Haringvliet een keuze uit wel 4 ziekenhuizen waar zij gedotterd kan worden. Ze wil graag weten waar zij de beste zorg kan krijgen, met de hoogste uitkomsten voor haar gezondheid en kwaliteit van leven. Zie hier het dilemma waarvoor veel van onze verzekerden staan. Zij willen transparante informatie over de uitkomsten van zorg. Daarvoor doen zij steeds vaker een beroep op de ervaringen en adviezen van hun zorgverzekeraar, naast die van hun eigen huisarts.

Samen werken aan uitkomsten

Wat levert het zorgtraject uiteindelijk op aan gezondheid en herstel, kwaliteit van leven, herwinnen van eigen regie en regelvermogen, aan zelfredzaamheid? Dat zijn essentiële vragen na een ingreep als dotteren bij patiënten met hartklachten. Daarom is Achmea vorig jaar een ambitieus programma Kwaliteit van Zorg gestart om in vier tot vijf jaar 40 tot 50 procent van de zorg transparant te maken via uitkomstindicatoren. Samen met het zorgveld onderscheiden we drie soorten uitkomstindicatoren: de meer technische uitkomsten van behandeling en zorgverlening, kwaliteit van leven en functionele gezondheid en tenslotte uitkomsten over de totale service rondom het zorgtraject. Bij Skipr is hierover een aparte community ingericht. Waar mogelijk sluiten we aan bij zorgverleners die uitkomstindicatoren met ons willen ontwikkelen, zoals de cardiologen in Eindhoven en Nieuwegein.

Meetbaar Beter

Er zijn veel patiënten als mevrouw Haringvliet. Van alle patiënten die bij een cardioloog of hartchirurg komt, ondergaat 5 à 10 procent een operatie. Dit verklaart ongeveer 40 tot 50 procent van de kosten. De dotterbehandeling en bypassoperatie hebben een groot aandeel in deze kosten. Het gaat dus om veel patiënten en er zijn veel kosten mee gemoeid. Wij zijn daarom blij met het  initiatief van de twee ziekenhuizen om een aantal behandelingen van de cardiologische zorg transparant te maken (bypassoperatie, dotterbehandeling, behandeling door middel van geneesmiddelen en pacemakers). Omdat de opzet van het project Meetbaar Beter zo mooi aansluit bij ons programma Kwaliteit van Zorg, hebben wij geparticipeerd in de klankbordgroep en daar ook speciale aandacht gevraagd voor kwaliteit van leven en functionele gezondheid, als essentiële uitkomstindicatoren voor de patiënt zelf. Die zijn er nu, in aanvulling op de al meer gebruikelijke medische uitkomstparameters.

Landelijke uitrol

Het is Meetbaar Beter gelukt om de zorg rondom enkele cardiologische aandoeningen inzichtelijk en transparant te maken. Uiteraard willen we de inzichten gebruiken in ons inkoopbeleid, zodra de indicatoren goed bruikbaar zijn. Daarvoor is een breed draagvlak in het veld onontbeerlijk, te beginnen bij de beroepsgroepen en wetenschappelijke verenigingen. Willen wij zorgverleners, verzekerde patiënten en andere verzekeraars kunnen overtuigen van de juiste keuze, dan is belangrijk dat de initiatiefnemers duidelijk uitleggen waarom ze juist deze indicatoren hebben gekozen. Zo werken we inmiddels met zo’n twintig aandoeningen en zorgvelden samen om de toegevoegde waarde van zorg te “vangen” in uitkomstindicatoren. De zorg maakt zijn resultaten transparant, samen gaan we die zorg verbeteren en daarbij is de waarde voor de patiënt leidend. Deze kwaliteitsambities houden bovendien de kosten beheersbaar, als aspecten die geen waarde toevoegen ook worden afgeschaft.

Robbert Huijsman is senior manager Kwaliteit en Innovatie bij de divisie Zorg & Gezondheid van Achmea
Frederique van Duuren is projectmanager van het programma Kwaliteit van Zorg

 

 

 

 

10 Reacties

om een reactie achter te laten

Anoniem

11 oktober 2012

Nee meetbare uitkomsten verleggen de aandacht naar dat wat meetbaar is. Of de zorg daar beter van wordt is nog onduidelijk.

Frank Conijn

12 oktober 2012

Met de identificatie van de drie soorten uitkomstindicatoren (de meer technische uitkomsten van behandeling en zorgverlening, kwaliteit van leven c.q. functionele gezondheid en uitkomsten over de totale service rondom het zorgtraject) zit Achmea duidelijk op het goede spoor.

Het gaat in de (curatieve) zorg uiteindelijk om het klachtenverloop en de patiënttevredenheid. Soms echter zijn er nog weinig of geen symptomen; in dat geval blijven biomedische onderzoeksresultaten nodig.

Het is echter wel van belang om het allemaal zo simpel mogelijk te houden, want er mag geen onnodige bureaucratie ontstaan en er mag geen discussie ontstaan over de interpretatie. Derhalve zou het gebruik van de biomedische onderzoeksuitkomsten beperkt moeten worden tot die soorten patiënten waarbij de klachtenverloopmeting geen of onvoldoende informatie oplevert.

Het klachtenverloop kan gemeten worden met behulp van een Quality of Life-vragenlijst, maar ik vraag me af of die sensitief genoeg zijn. Ik zou denken van niet. En de QoL-vragenlijsten zijn (tamelijk) tijdrovend, vooral omdat er ook altijd een nulmeting gedaan moet worden, aan het begin van een zorgperiode. Vooral in de poliklinische zorg mag dat weinig tijd kosten.

De Universele Ziektelastschaal (UZschaal) ondervangt die problemen, althans is met dat idee ontwikkeld. Zie www.gezondezorg.org/kwaliteitsmeting.php.

De patiënttevredenheid dient wel altijd ook gemeten te worden, omdat die lang niet altijd gelijk opgaat met het klachtenverloop. Aan een korte maar wel de lading dekkende patiënttevredenheidsvragenlijst wordt gewerkt.

E.Kriek

12 oktober 2012

Het voelt alsof ik in een Kafka scenario terecht gekomen ben.
Als professional, zorgverlener, oefen ik mijn vak uit. Naar beste kunnen. Ik volg de standaarden van mijn vak ( die uitgaan van gezondheidswinst en maatschappelijk verantwoord behandelen) . Ik heb mijn eed afgelegd ( niet lachen) .
Ik verantwoord mijn handelen ( patiënten, collega's, specialisten, klachtencommissies, tuchtcommissie, NZa, NMa, IGZ, NPCF, richtlijnen en vele anderen) .
Ik volg nascholingen, verplicht, maar vaak erg leuk.
Sterker nog, zonder nascholingen mag ik niet meer werken in dit vak.
Maar dat terzijde.
En nu komen allerlei deskundigen, gogen en logen, met hun laptop mijn werk analyseren!
"Kwaliteit, innovatie, samenwerking, transparantie, inzichtelijk, kostenpercentage, inkoopbeleid, indicatoren....."
Mijn stelling: zonder de spreadsheet- gogen en logen zou de zorg aanzienlijk goedkoper en efficiënter zijn.
Dus: WEG ermee!

Frank Conijn

13 oktober 2012

@ E. Kriek:
Gezien de uit onderzoek gebleken grote praktijkvariaties tussen ziekenhuizen, huisartsen en fysiotherapiepraktijken (en waarschijnlijk overal), en de enorm sterk stijgende zorguitgaven, is kosteneffectiviteitsmanagement (Kem) onontbeerlijk.

Voor goed Kem is uitkomstfinanciering -- koppeling van beloning aan kwaliteit -- essentieel. En daarvoor is het nodig dat de kwaliteit van zorg bepaald wordt. Daar houden Huijsman, Van Duuren, ik en anderen ons mee bezig.

U mag eisen dat e.e.a. zo weinig mogelijk tijd en moeite kost, maar niet dat er niet aan kwaliteitsassessment gedaan wordt.

En u mag weer wel eisen dat het kwaliteitsprogramma van uw beroepsvereniging, en wat u al niet meer beschrijft dat u moet doen, sterk gecorreleerd is met waar het in de zorg om gaat: een hoge kosteneffectiviteit en patiënttevredenheid. Ik zou u aanraden uw beroepsvereniging eens te bevragen hoe het zit met die correlatiesterkte.

Ik weet van het kwaliteitsprogramma van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie dat van niet één onderdeel daarvan wetenschappelijk is aangetoond dat het zelfs maar enigszins gecorreleerd is met die einddoelen! Het is allemaal gebaseerd op aannames. Dus ik ken uw frustratie maar al te goed. Maar 'the way out' is een andere dan u suggereert.

Frank Conijn

13 oktober 2012

@ E. Kriek:
Er zij nog vermeld dat voor de huisartszorg een aangepast kwaliteitsassessment ontwikkeld moet worden, omdat huisartsen vaak niet zelf behandelen.

En er zij vermeld dat u ook mag eisen dat het 'dealen' met de zorgverzekeraars en andere instanties zo weinig mogelijk tijd en moeite kost. Zo mag u op zijn minst eisen dat zorgverzekeraars één, uniform kwaliteitsbeleid c.q. kwaliteitsbeloningsbeleid voeren.

Mitrasing, huisarts

14 oktober 2012

Nou, begin maar eerst met handhaving hygiëne in de ziekenhuizen. Wrs geweldig effect op de uitkomsten.

E.Kriek

14 oktober 2012

Ik wrijf opnieuw even in mijn ogen.
Ik schijn ook aan Kem te moeten doen!
Inderdaad, ik zal de LHV attenderen op deze belangwekkende ontwikkeling.
Ik schijn ook vaak niet zelf te behandelen! Meneer Conijn, u fungeert echt als eye opener!
Ik werk 60 uur per week, en ik zie per week pakweg 200 patiënten. En ik moet ze allemaal nu namens u gaan uitleggen dat ik ze niet behandel? En dat ik meer aan Kem en aan kwaliteitsassessment moet doen?
Graag volg ik bij u een workshop.
Ook zou ik graag van u horen hoe ik aan die 200 patiënten per week uit kan leggen dat ik ze NIET behandel!

E.Kriek

14 oktober 2012

@ Conijn: schaamtevol moet ik u bekennen dat ik er nog voor word betaald ook!

Niet behandelen.......

Tijd voor Kem en kwaliteitsassessment!!

E.Kriek

14 oktober 2012

psssssssssssssssst

@ Conijn: heeft u ooit wel eens een patiënt gezien?

Doen! Een aanrader!!

Ze zijn echt niet eng!

En nu houd ik op. Succes.

Frank Conijn

14 oktober 2012

@ E. Kriek:
Met dat huisartsen vaak niet zelf behandelen bedoel ik dat ze patiënten regelmatig doorverwijzen voor behandeling door andere clinici zoals medisch specialisten en fysiotherapeuten. Dan zou het unfair zijn als het klachtenverloop (c.q. beperkingenverloop) van die patiënten meegenomen zou worden in het assessment van de kwaliteit van de huisarts.

De huisartsen zelf hoeven uiteraard niet aan kwaliteitsassessments en kosteneffectiviteitsmanagement te doen. Dat is een taak voor de zorgverzekeraar.

Verder heb ik genoeg praktijkervaring om te weten hoe vervelend het is om je te moeten bezighouden met secundaire en tertiaire zaken die geen sterke correlatie hebben met kosteneffectiviteit en/of patiënttevredenheid (primaire zaken = patiënten helpen). U had dat volgens mij ook kunnen opmaken uit mijn bijdrage hier.

En als u de moeite neemt om mijn site door te nemen ziet u dat ik pleit voor één, publieke zorgverzekeraar. Dat scheelt al behoorlijk in die secundaire en tertiaire zaken, want veel minder onderhandelingen.

Tot slot, ik pleit -- ook hier -- voor een kwaliteitsbeloningssysteem dat minimale tijd vergt van de clinicus. Dat kunt u niet gemist hebben als u de moeite heeft genomen mijn bijdrage normaal te lezen. Uw cynisme vind ik dan ook onterecht.

Top