Tech

Patiënten en artsen huiverig voor e-health

Patiënten en artsen huiverig voor e-health

Gebrek aan kennis bij zowel patiënten als zorgverleners belemmert de inzet van e-health in de eerstelijnszorg. Hierdoor is er bijvoorbeeld weinig animo voor het gebruik van domotica onder thuiswonende ouderen en hun zorgverleners.

Dit blijkt uit het trendboek 'Spelen met de zorg van morgen' van TrendITion, een samenwerkingsverband van Nictiz, het expertisecentrum voor standaardisatie en e-health, en het Radboud REshape Center for Innovation. Het rapport biedt een vergezicht voor de zorg in 2020.

Het inzetten van e-health in de gezondheidszorg wordt gezien als een goede manier om de zelfredzaamheid van de patiënt te vergroten. De opstellers van het rapport verwachten bijvoorbeeld dat als ouderen over vijf jaar zo lang mogelijk thuis wonen met domotica, zij meer zelf kunnen doen en zo meer controle over hun leven behouden om het in te richten zoals zij dat zelf willen. Tegelijkertijd constateren zij dat de senioren die nu en in de komende jaren ondersteuning nodig hebben, nog niet gewend zijn aan het omgaan met technologie.

Ook zorgverleners in de eerstelijn zijn huiverig, uit angst dat technologie de zorg onpersoonlijker maakt, dat ze zelf een bijrol gaan spelen of dat ze er niet mee om kunnen gaan. Zorginstellingen hebben sowieso veel moeite met het implementeren van technologie in hun zorgprocessen. Instellingen in de langdurige zorg zijn vaak nog weinig geautomatiseerd. Een groot deel van de verzorgenden werkt nog met papieren dossiers. Het gebruik van domotica lijkt dan ook nog een brug te ver.

Psychische klachten

Zelftests voor mensen met licht psychische problemen zijn een ander voorbeeld van technologie die veel kan opleveren. Als mensen met licht psychische klachten online een zelftest doen en daarna online een behandeling volgen, dan komen minder patiënten in de specialistische geestelijke gezondheidszorg terecht, schrijven de opstellers van het rapport. Er is wetenschappelijk bewijs dat e-health werkt in de behandeling van licht psychische problemen. Hierdoor wordt de specialistische ggz minder belast en stijgen de uitgaven voor de ggz minder hard.

Een kink in de kabel zijn de huisartsen, die bij online hulpverlening een grotere rol krijgen. Volgens deskundigen gaat er nog de nodige tijd overheen, voordat huisartsen de mogelijkheden van online behandelingen voldoende kunnen inschatten. Enerzijds omdat huisartsen vaak zijn opgeleid in de traditie van face-to-facebehandelingen en doorverwijzen naar de ggz. Anderzijds hebben huisartsen maar beperkt overzicht over de mogelijkheden voor e-health bij psychische problemen. Dit is een van de redenen dat ook cliënten vaak niet op de hoogte zijn van het bestaan van e-health, waardoor het gebruik nog achter blijft.

Altijd toegang tot zorg

Patiënten zouden er veel baat bij hebben als consulten online plaatsvonden. Dan zouden zij namelijk altijd en overal toegang tot zorg hebben. Bovendien kunnen zorgverleners in dat geval met alle andere zorgverleners uit het hele land concurreren. De zorgverlener bespaart bovendien op kosten voor de huisvesting, omdat hij de praktijkruimte kan delen met andere artsen.

Hoewel veel zorggebruikers zeggen graag online te communiceren, is de onbekendheid met de mogelijkheden nog groot. Daar ligt een taak voor de zorgverlener, maar die is vaak nog sceptisch. Dat is een belemmerende factor, want goedkeuring en advies van de zorgverlener zijn voor patiënten cruciaal om dit soort diensten te gaan gebruiken. Dat artsen belemmeringen ervaren of sceptisch zijn, wordt deels verklaard door onbekendheid. Pas sinds kort geeft een aantal faculteiten onderwijs over e-health aan toekomstige zorgverleners. De huidige generatie is in haar opleiding vaak nog niet voorbereid op deze ontwikkeling.

Beoordelingswebsites

De zorg kan meer patiëntgericht worden dankzij beoordelingswebsites en de zogeheten kwaliteitsvensters van ziekenhuizen. Hoe meer patiënten de kwaliteit van zorg beoordelen, des te meer invloed krijgen ze daarop. Volgens patiëntenfederatie NPCF omarmen steeds meer zorginstellingen de beoordelingen op ZorgkaartNederland. Ze krijgen zo op een snelle en efficiënte manier feedback. Met behulp van de reviews kunnen zorgaanbieders achterhalen waar patiënten wel of niet tevreden over zijn. Zo vormt de site een soort continu klanttevredenheidsonderzoek.

Toch maakt, tegen de verwachting van beleidsmakers in, een groot deel van de patiënten niet actief een keuze voor een zorgverlener. Ze gaan bijvoorbeeld naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis of de zorgverlener waar ze al vaker zijn geweest. In dat geval is kwaliteitsinformatie minder van belang; deze patiënten gaan niet op zoek naar beoordelingen door andere patiënten. Niet iedereen is overigens positief over beoordelingssites in de zorg. Tegenstanders vragen zich af of patiënten wel voldoende inzicht hebben om de kwaliteit van zorg te beoordelen.

Zelfredzaamheid

De opstellers van het rapport roepen mensen op om te discussiëren over de zorg in 2020 en hoe die eruit gaat zien. Nictiz-woordvoerder Karin Oost: "Wat betekent e-health voor mij? We zien graag dat zorgverleners en patiënten daarover nadenken."

0 Reacties

om een reactie achter te laten
Top