HRM

RVS: wet BIG gaat ten onder aan eigen succes

De huidige wet BIG dreigt aan zijn eigen succes ten onder te gaan door het uitdijende aantal beroepen. Niet bevoegdheid maar bekwaamheid moet centraal komen te staan. Dat stelt de Raad voor de Volksgezondheid (RVS) in een advies over de toekomstbestendigheid van de Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG).

Meer dan 2.400 beroepen telt de zorg inmiddels. Bij lang niet alle beroepen is duidelijk waar zij voor staan. Denk daarbij aan de bachelor medisch hulpverlener, de klinisch technoloog of de regieverpleegkundige. Dat zorgt voor onduidelijkheid en versplintering in plaats van samenwerking over domeinen heen. Dat constateert de RVS in het advies ‘Neem bekwaamheid als uitgangspunt bij beroepenregulering in de zorg’. 

Wildgroei aan beroepen

Om paal en perk te stellen aan de wildgroei aan beroepen pleit de RVS ervoor de wet BIG om te vormen tot de Wet op de Bekwaamheden in de Individuele Gezondheidszorg. Dat wil zeggen: regel alleen basisberoepen in de wet. Verdere bekwaamheden, die zorgverleners door opleiding en vooral in de praktijk verwerven, moeten worden vastgelegd in een persoonlijk portfolio.

De raad denkt dat een klein aantal in de wet geregelde basisberoepen, aangevuld met een persoonlijk portfolio van vastgestelde bekwaamheden per zorgverlener, meer duidelijkheid geeft voor de burger. Voor zorgverleners biedt dat meer mogelijkheden om zich gericht te bekwamen en flexibeler ingezet te kunnen worden. Deze flexibiliteit is fijn voor patiënten, en biedt soelaas bij de oplopende personeelstekorten in de zorg, aldus de RVS.

Alleen basisberoepen in wet BIG

In het model van de RVS zijn alleen basisberoepen bij wet vastgelegd: bijvoorbeeld arts of verpleegkundige. Verpleegkundigen en artsen kunnen zich aanvullend bekwamen in voorbehouden handelingen en andere competenties en deze verworven bekwaamheden worden dan opgenomen in het persoonlijke bekwaamhedenportfolio.

Het door de RVS voorgestelde model is daarmee een mogelijke oplossingsrichting voor de discussie onder verpleegkundigen over het voornemen om de regieverpleegkundige, een nieuw beroep, in de wet BIG op te nemen. Het beroep regieverpleegkundige komt dan niet voor in het BIG-register. Minister Bruins heeft dit wetsvoorstel inmiddels ingetrokken.

Meer flexibiliteit

Voordeel van deze aanpak is meer flexibiliteit. Bekwaamheden van beroepsbeoefenaren worden op deze manier wel geborgd, maar zowel zorgorganisaties, zorgverleners als patiënten kunnen meer flexibel inspelen op de veranderingen in de zorg en samenleving. Het basisberoep blijft op deze manier voornaam, maar is er ook ruimte om in de praktijk verworven vaardigheden te waarderen. Tegelijkertijd is dit volgens de RVS de weg om de intentie van de wet – namelijk patiënten beschermen tegen onzorgvuldig handelen van zorgverleners – te borgen.

Nauwe afstemming

De RVS geeft dit advies, maar hecht er veel waarde aan dat de uitwerking van deze nieuwe oplossingsrichting in nauwe afstemming verder plaatsvindt met alle relevante belanghebbende partijen. Dat betekent dat beroepsorganisaties samen met patiëntvertegenwoordigers en de overheid zouden moeten werken aan de definitie van een portfolio van bekwaamheden.

Welke bekwaamheden zouden een plaats in moeten krijgen? De sector zelf speelt een grote rol bij de uitwerking. Deze nieuwe richting heeft ook gevolgen voor de opleiding van zorgverleners. Voor de korte termijn luidt het advies aan de minister om terughoudend te zijn met het toelaten van nieuwe beroepen tot de wet BIG.

Lees ook het interview met Bas Leerink van de RVS over het advies op Zorgvisie.

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Peter Koopman

10 oktober 2019

Prima advies van de RVS: eigenlijk is de basiswet hier “bekwaam is bevoegd”, maar het is voor cliënten ( vragers om zorgprofessionals hulp ) en patiënten ( samen met zorgprofessionals beschikken over Zorgplan ) onduidelijk wie bekwaam is. Eens: de negen basisberoepen in BIG handhaven ( art. 3 ). Maar naast voorbehouden handelingen zijn er vele risicovolle bezigheden. Vraag is of de niet-BIGger daarbij “onder” gezag of verantwoordelijkheid van een wel-BIGger acteert. Gemakkelijk is ieder de eigen verantwoordelijkheid toe te kennen of de “spelverdeler” ( i.c. Bestuurder ingevolge de kwaliteitswet )aansprakelijk te stellen. Maar hoe vanuit het perspectief van de hulpvrager “op zeker spelen”? Een zinvol advies dat breed besproken moet gaan worden.

Top