BLOG

Ziekenhuizen zetten kwaliteit op de kaart

Ziekenhuizen zetten kwaliteit op de kaart

‘Het feit dat in Nederland veel gegevens openbaar zijn en vergelijkingen gemaakt kunnen worden tussen verschillende zorgaanbieders, geeft wel aan dat er intensief in kwaliteit wordt geïnvesteerd. Dat is van groot belang, omdat pas wanneer je inzicht hebt in de kwaliteit die je levert, je verbeteringen gestructureerd vorm kunt geven.’

Deze mooie quote komt uit het IGZ-rapport ‘Het resultaat telt, ziekenhuizen 2012’.

Jaarlijks beantwoorden ziekenhuizen meer dan 3400 vragen vanuit het voormalig programma Zichtbare Zorg en de basisset kwaliteitsindicatoren van de IGZ. Dit blijkt uit het rapport ‘Kwaliteit op de kaart’ dat we zojuist gepubliceerd hebben. Ik geef het toe, dat zijn veel vragen die beantwoord moeten worden. En wij, als NVZ, zijn zeker geen voorstander van overmatig bevragen en registreren. Maar we zijn wel voorstander van meten en op basis daarvan verbeteren.

Transparantie

Dat is niet eenvoudig. Want stel u gaat Nederlandse ziekenhuizen met elkaar vergelijken. Alleen, geen patiëntenpopulatie of regio is hetzelfde, dus hoe moet dat dan? U begrijpt, het ontwikkelen van valide indicatoren duurt lang en is arbeidsintensief. Maar als we de zorg transparanter willen maken, dan moeten we die tijdsinvestering ook doen. Het één kan niet zonder het ander. En gelukkig zijn er al goede voorbeelden te noemen.

Volume en veiligheid

In 2004 introduceerde de IGZ een ondergrens voor het aantal uitgevoerde procedures als prestatie-indicator voor hoogcomplexe chirurgische ingrepen. Dit gebeurde omdat er een  verband werd gelegd tussen ziekenhuisvolume en sterfte voor verschillende chirurgisch-oncologische behandelingen.  Ook zijn er goede resultaten geboekt op het gebied van veiligheid dankzij het VMS Veiligheidsprogramma waar Nederlandse ziekenhuizen aan meededen. Door het invoeren van een veiligheidsmanagementsysteem en de implementatie van interventies op tien inhoudelijke thema’s, werd een daling van ruim vijftig procent vermijdbare sterfte bereikt.  

Indicatoren

Dit zijn natuurlijk twee prachtige voorbeelden met mooie resultaten waarvan het leuk is ze te delen. Maar transparantie betekent ook dat je minder positief nieuws aan het licht brengt. De NVZ wil toewerken naar indicatoren die iets zeggen over uitkomsten van de zorg. Bijvoorbeeld behandeluitkomsten die voor de patiënt belangrijk zijn om te weten. ‘Kwaliteit op de kaart’ neemt een schot voor de boeg. De basis van het rapport is het Kwaliteitsvenster dat de NVZ dit voorjaar lanceert. In het kwaliteitsvenster toont een ziekenhuis zijn resultaten aan de hand van tien kwaliteitsthema’s. Eén indicator is de patiëntervaring - uit verschillende onderzoeken blijkt dat Nederlanders veel of zeer veel vertrouwen hebben in ziekenhuizen. Een andere indicator is medicatieverificatie - daar zien we dat er nog verbeteringen kunnen plaatsvinden.

Er is nog veel meer te vertellen over kwaliteit en over wat de NVZ daar nu en in de toekomst mee wil doen. Ik nodig u dan ook van harte uit het rapport te lezen. We zetten hiermee een stap naar verbetering van zorg op basis van zinvolle kwaliteitsregistraties. Met de nadruk op zinvol.

Margot van der Starre
Directeur Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ)

5 Reacties

om een reactie achter te laten

Robbert Huijsman

19 maart 2014

Yes, mijn ochtend kan niet meer stuk! Wie stuurt op kosten, ziet energie en kwaliteit inzakken; wie stuurt op kaliteitsuitkomsten, ziet zorg verbeteren, innoveren en ook nog verspilling (kosten) verminderen. Al bijna 3 jaar is Achmea bezig met het programma Kwaliteit van Zorg, dat geheel is gericht op uitkomsten van zorg. Uitkomsten vanuit de professies, maar vooral uitkomsten voro de patient, over diens gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven, dagelijks functioren, zelfredzaamheid en welbevinden. De trouwe Skipr lezer kan dat niet ontgaan zijn, via onze Skiprcommunity over kwaliteit, de verslaglegging rondom het congres Zorguitkomsten van september vorig jaar en mijn eigen blogs. Vele ziekenhuizen, maar ook eerstelijns-, GGZ- en AWBZ-organisaties doen daar aan mee. Ontzettend goed dat de ziekenhuizen nu sectorbreed kiezen voor de weg van uitkomsten. Laten we de handen ineen slaan, resultaatgericht en projectmatig, samen successen boeken in het terugdringen van registratielast (die bijna altijd gaan over proces- en structuurindicatoren). En laten we vooral een grote slag slaan in transparantie, naar elkaar maar vooral naar onze patienten/verzekerden. Zonder inzicht geen keuze. Patienten willen weten wat behandeling en zorg opleveren in toegevoegde waarde, het liefst in positieve parameters als snel herstel, kwaliteit van leven; liever niet in negatieve parameters als sterfte en complicaties. Zorgverzekeraars willen weten wat ze eigenlijk inkopen met het premiegeld van hun verzekerden. En vooral: sturen op uitkomsten levert de hefboom voor verbeteren en innoveren!

Diana Delnoij, kwaliteitsinstituut

19 maart 2014

Ik sluit me aan bij het enthousiasme van Robbert. Goed om in het NVZ-rapport te lezen dat hun speerpunten voor de toekomst naadloos aansluiten bij wat het Kwaliteitsinstituut ook graag wil: meer uitkomsten meten, efficiënter registreren en zorgen voor eenheid van taal. Dat klinkt ons als muziek in de oren. Ook de ontwikkeling van die uitkomstindicatoren kan nog wel wat efficiënter. Zoals de NVZ terecht schrijft in haar rapport: "Het meten van uitkomsten van zorg is moeilijk. Het maken van valide indicatoren vergt veel onderzoek en ontwikkeling." Juist omdat dit zo ingewikkeld, tijdrovend en kostbaar is zouden we dit in internationaal verband moeten doen. Het International Consortium for Health Outcomes Measurement (ICHOM) brengt gerenommeerde professionals, onderzoekers en patiëntvertegenwoordigers van over de hele wereld bij elkaar om uitkomstindicatoren te ontwikkelen. Die sets zijn vervolgens in het publieke domein beschikbaar. Voor lage rugpijn, staar, prostaatkanker en coronaire hartziekten zijn de ICHOM-indicatoren al gereed. Dat werk hoeven we in Nederland dus niet over te doen. We zouden ons energie dan volledig kunnen richten op de vraag hoe deze indicatoren in ons systeem op een gestandaardiseerde en efficiënte manier kunnen worden geregistreerd. Dat is al ingewikkeld genoeg.

Mauk van Heemstra - ZorgSteedsBeter

19 maart 2014

Ik ben perplex!

De patiënt is echter vooral gebaat bij informatie over de uitkomsten van zorg bij bepaalde aandoeningen” schrijft de NVZ in het rapport. “Bijvoorbeeld behandeluitkomsten” zijn voor de patiënt belangrijk om te weten”
En "Het meten is nodig om betere zorg te kunnen bieden, maar dit moet niet ten koste gaan van de aandacht voor de patiënt’.

Laat ik nou denken dat goede behandeluitkomsten realiserende de enige reden om zorg te verlenen is! En als je als behandelaar niet van te voren weet wat goede behandeluitkomsten zijn, hoe kun je dan goed behandelen?

Alice (in Wonderland) aan de kat: “Would you tell me, please, which way I ought to go from here? ''That depends a good deal on where you want to get to'.' Said the Cat.

Daarom propageert Lean het stellen van heldere doelen. Zonder het stellen van doelen, richt je je inspanningen daar niet op en is de kans dat je ze haalt toeval, terwijl je het ook niet in de gaten hebt.

Daarnaast dienen die doelen volgens Lean waarde toe te voegen aan de patiënt. Dat is de enige reden van je bestaan als behandelaar. En welke patiënt wenst geen aandacht?! Als je metingen doet aan kwaliteit ten koste van aandacht voor de patiënt, span je het paard achter de wagen.

Kortom: zet de essentie van de reden van je behandelign voorop: waardetoevoeging aan de patiënt, en stel (SMART) doelen, waaruit blijkt dat je daar ook komt. ‚Outcome’ doelen, in termen van verbeteringen in het welbevinden van de gehele mens. Dat is een stapje dichter tegen de gewenste waarde dan alleen resultaat-doelen, zoals sterftecijfers. Want wie wens je dat als outcome?

Frank Conijn

20 maart 2014

Inderdaad een zeer goede zaak dat de ziekenhuizen nu ook waar mogelijk kiezen voor uitkomstindicatoren. Maar het meten van uitkomsten hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn.

Het gaat bij de uitkomsten om twee deeluitkomsten: het ziektelastverloop en de patiënttevredenheid. Gebaseerd op o.a. ervaring als zorgverlener (fysiotherapie, dat een voorloper was/is qua PROM-gebruik), een zelfstudie klinimetrie (tegenwoordig onderdeel van de studie epidemiologie, in ieder geval aan de VU) en een zelfstudie klantonderzoek (marketingonderdeel), heb ik de Universele Ziektelastschaal (UZ-schaal) en dito Patiënttevredenheidsschaal ontwikkeld.

Het grote voordeel van een universele schaal is drieledig:

1. Hij kan al gebruikt worden als de diagnose nog niet duidelijk is of tussentijds wijzigt. Voor een accurate ziektelastverloopmeting dient er een nulmeting gedaan te worden. Bij aanvang van het zorggebeuren, omdat ook in de eerste periode de klachten kunnen verbeteren of verslechteren.

2. 2020, dat door de politiek is vastgesteld als invoeringsdatum van uitkomstfinanciering ("liefst eerder"), wordt er een haalbare mee. Men zou twee jaar moeten uittrekken om een nieuw kwaliteitsassessment te implementeren, uit te testen en te finetunen. Dat maakt dat de benodigde PROM's, voor in principe alle aandoeningen/condities, in 2018 al beschikbaar dienen te zijn. Ik zou denken dat zelfs de ICHOM dat nooit redt.

3. Eenheid van taal is gegarandeerd.

De genoemde schalen zijn ontwikkeld met in het achterhoofd de strengste eisen qua:
-- reproduceerbaarheid;
-- validiteit;
-- responsiviteit;
-- correctie voor confounders (geïntegreerd in de UZ-schaal vanaf v. 4.1, inmiddels v. 4.6);
-- nuttigheid van de meetresultaten voor de drie principiële partijen in de zorg (zorgfinanciers, patiënten en zorgaanbieders), voor de zorgaanbieders concrete verbeter- en complimentpunten opleverend.

Verder is met de erbij beschreven assessmentwerkwijze de administratieve belasting voor de zorgaanbieders er zeer laag mee. De patiënttevredenheidsmeting geschiedt zelfs helemaal geautomatiseerd, na aan- of afmelding van de patiënt (afhankelijk van langdurige of niet-langdurige zorg).

En voor de patiënten zijn de schalen zeer snel in te vullen. Een niet onbelangrijk punt, want hen zal steeds vaker gevraagd worden een PROM in te vullen. Tot slot zijn de meetresultaten voor alle partijen makkelijk op te zoeken en te interpreteren.

Mocht dit alles 'too good to be true' klinken, dan nodig ik de lezer -- en de NVZ, Achmea en het Kwaliteitsinstituut in het bijzonder -- graag uit de schalen en de zorperformancemodule (= resultaten opzoeken) aan een kritisch onderzoek te onderwerpen. (Officiële aanbieding aan de partijen volgt.) De schalen zijn te vinden op de betreffende pagina's behorende bij http://www.gezondezorg.org/p4p (Pay 4 performance).

Frank Conijn

20 maart 2014

De eerste zin van de tweede alinea had moeten lezen: "Het gaat bij de uitkomsten primair om de twee deeluitkomsten ziektelastverloop en patiënttevredenheid." De sterftecijfers zijn uiteraard ook belangrijk, en daarvoor is ook een plaats gereserveerd in het performance-assessment -- zie de gelijknamige pagina.

Top