BLOG

Professionele standaard brengt zorg op hoger plan

Professionele standaard brengt zorg op hoger plan

Standaardisatie van zorg in Nederland is mogelijk. Dat tonen twee voorbeelden aan. Standaardisatie wordt beloond met betere en meer effectieve zorg waarin de patiënt volwaardig participeert, met minder kosten.

Dit realiseren voor een veel breder pallet van aandoeningen, is de eerste opdracht van het Kwaliteitsinstituut dat woensdag 2 april officieel is opgericht binnen het Zorginstituut Nederland. 

Patiënten met ALS

Pieter Steinz, schrijver, columnist en marathon loper, werd vorig jaar gediagnosticeerd met ALS. Sindsdien schrijft hij hierover aangrijpende columns in NRC Handelsblad. Hij verbindt het verloop van zijn ziekte met de boeken die hij leest en herleest. In navolging van Tony Judd (De Geheugenhut) geeft hij ons inzage in een leven met deze degeneratieve, onbehandelbare en snel fatale aandoening.

Patiënten met ALS kunnen in Nederland goed terecht, met enkele expertisecentra waaronder het UMC Utrecht, waar zorg en begeleiding worden gegeven op een gestandaardiseerde manier. Fundamenteel en translationeel onderzoek worden gekoppeld aan big data van een groot cohort patiënten, allen verwezen naar een enkel academisch centrum door neurologen van heel Nederland. Door dit onderzoek wordt de zorg op termijn vernieuwt. Patiënten werken mee aan dit onderzoek in de hoop op een effectieve therapie op korte of lange termijn.

Parkinsonpatiënten

In het UMC St Radboud in Nijmegen heeft Bas Bloem de zorg voor patiënten met de ziekte van Parkinson gestandaardiseerd en zijn aanpak beschikbaar gemaakt voor alle Parkinsonpatiënten en alle behandelaren van Nederland. Patiënten hoeven minder te reizen, verstandig gebruik van e-health brengt de beste zorg en begeleiding dicht bij huis. Iedereen erkent de autoriteit van Bloem, en door forse participatie van de patiënten in het behandelprotocol, is er breed draagvlak bij de doelgroep. Tenslotte kan de zorg efficiënter en dus goedkoper worden geboden.

Kwaliteitsinstituut is nodig

Het Kwaliteitsinstituut is nodig, broodnodig. Voor ALS en Parkinson hebben de veldpartijen en de patiënten verenigingen zich spontaan gevonden, en hebben ze prachtige resultaten laten zien. Maar we kunnen het nog altijd niet eens worden over de behandeling van prostaatkanker. Hoeveel patiënten moet je opereren om het goed in de vingers te krijgen en te houden? Moet dat dan met de robot of op de klassieke manier? Is Prostaat Specifiek Antigeen (PSA) een betrouwbare screeningsparameter? En welke rol speelt PSA bij de follow-up? Behandelen we per definitie een hoge PSA? En op elke leeftijd van de patiënt? Moeten we snel opereren of bestralen we eerst? En dan klassiek of met brachytherapie? De verschillende combinaties worden in verschillende ziekenhuizen toegepast.

Wat is goede zorg voor patiënt met beroerte

Een tweede voorbeeld. Wat is goede zorg voor patiënten met een beroerte? Wat is de ideale grootte van een centrum, in aantallen patiënten? Is alleen een geriatrische afdeling een vereiste in een behandelcentrum? Of moeten we de focus richten op snelle revalidatie in samenwerking met een revalidatiecentrum? Of is het allerbelangrijkste een multidisciplinair team dat met de revalidatie start enkele dagen na het begin van de ziekte? En wat willen familieleden van de patiënten, als deze terug thuis komen en zorg aan huis nodig hebben? Omdat we dit niet met elkaar eens kunnen worden, dreigen patiënten in Nederland het slachtoffer te worden van een ongefundeerde concentratiebeweging, in gang gezet door de zorgverzekeraars. Dit gaat mogelijks leiden tot goedkopere zorg voor patiënten met een beroerte, maar ook zeker tot een stijging in de mortaliteit en wellicht de lange termijn morbiditeit, omdat de tijd tot antistolling gemiddeld zal toenemen.

Samenwerking

Het afspreken van professionele standaarden, gevalideerd met een beperkte set van solide meetinstrumenten, kan de zorg in Nederland op een (nog) hoger plan brengen. We kunnen dan verstandiger nadenken over taakverdeling en concentratie. We bieden alle patiënten in Nederland de noodzakelijke zorg, die bewezen effectief is, of tenminste door de veldpartijen als beste wordt bestempeld. We stoppen met onbewezen en onzinnige zorg, en we doen dat allemaal.

We kunnen in samenwerking met de relevante veldpartijen en de patiënten, professionele standaarden ontwikkelen waarom wordt geschreeuwd: aanpak van gedragsproblemen bij gehandicapte jongeren, voedingsproblematiek bij bejaarden in verzorgingstehuizen, de beste aanpak voor patiënten met depressies en schizofrenie, oncologische standaarden, de aanpak van patiënten met pijn op de borst.

Als we het willen, kunnen we het. Een mooie zorgstandaard dementie is inmiddels te vinden op de website van het Kwaliteitsinstituut. Maar het gaat om het willen. Dan kan het Kwaliteitsinstituut instrumenteel worden in betere, door het veld gedragen en door patiënten gewaardeerde zorg. 

Jan Kimpen
Voorzitter raad van bestuur UMC Utrecht
Voorzitter Adviescommissie Kwaliteitsinstituut

11 Reacties

om een reactie achter te laten

Mauk van Heemstra - ZorgSteedsBeter

4 april 2014

Precies, want alleen vanuit standaarden kun je verbeteren.

Beter een matige standaard, die je als referentie neemt om te kijken hoe het beter kan, dan geen standaard, waarmee je elke keer het wiel uitvindt. Dat geldt al bij individueel werk.

Het delen en benoemen van de standaard met vakgenoten verheft je individuele standaard tot beroepsstandaard. En omdat teveel partijen, ook degenen wiens kern-activitieit en expertise dat niet is (verzekeraars) tot nu toe standaarden ontwikkelden, ligt hier een prachttaak voor het kwaliteitsinstituut.

Het is toch eigenlijk beschamend wat wij pas in 2014 met een kwaliteitsinstituut beginnen?

Peter Koopman

4 april 2014

En naast het "wat" ook het "wie" standaardiseren kan veel opleveren. Bijvoorbeeld voldoende op bachelor-niveau (Niveau 6) opgeleide verpleegkundigen in de directe zorg inzetten of verpleegkundig specialisten vanuit de vijf erkende verpleegkundige specialismen in patiëntgerichte functies aanstellen. En daartoe in alle branches voldoende stageplekken beschikbaar stellen. Ja, de zorg kan echt nog veel beter!

Marlieke de Jonge

4 april 2014

Ik zie de bui al hangen voor mijzelf en mijn collega-patiënten met cross-morbiditeit: weinig overlevingskansen.
Bovendien ben ik niet van plan voor de standaard-kwaliteit van uw zorg mijn leven in te leveren. Sorry, ik heb meer te doen. Ik ga voor co-creatie in de zorg als actief-handelend, zelfdenkend subject en pas dus niet meer in de rol van 'ziektebeeld op pootjes'.

Ben Starink

4 april 2014

@Mauk: ik hoop dat mijn zorgverzekeraar wel verstand heeft van zorg. Zij kopen dit immers jaarlijks voor mij in. Sterker nog: ik hoop dat zorgverzekeraars zich regelmatig druk maken over kwaliteit. Namens mij als verzekerde.

Gert-Jan Scheers

4 april 2014

Een uitstekend verhaal!
Maar het vraagt wel om verandering van mensen die gewend zijn om "onaantastbaar" te zijn. Dus de grootste uitdaging ligt denk ik om de juiste mensen mee te krijgen met deze professionele benadering. Meetbaar Beter geeft ook aan dat het kan. Maar zelfs daar wordt de opname van de goed doordachte standaard nog tegengehouden door de bestaande cultuur bij de medische wereld.
Wat je kunt dromen kun je waarmaken, dus Jan....zet 'm op!

Frank Conijn

5 april 2014

Ik pleit ervoor om de term "standaard" terug in te ruilen voor "richtlijn". De termen "standaard" en "standaardisatie" suggereren namelijk dat ze hetzelfde inhouden, terwijl ze toch wezenlijk verschillend kunnen zijn.

Het hebben van een richtlijn mag de zorgaanbieder namelijk niet doen verworden tot een standaard(procedure)gerichte aanbieder. Marlieke de Jong geeft duidelijk aan waarom -- waar maatwerk mogelijk is, moet die ook gegeven worden. En dat geldt ook voor single-morbiditeit, want ook daarbij hoeft de ene patiënt de andere niet te zijn.

Richtlijnen kunnen uitermate nuttig zijn, en zorgverleners zouden hun richtlijnen in meer of mindere mate dan ook wel moeten kennen. Er zouden zelfs richtlijnvaardigheidstoetsen moeten komen.

Zie voor de uitwerking daarvan de pagina Kosteneffectiviteitsmanagement op http://www.gezondezorg.org/kem. De essentie van welke pagina vrij dicht ligt bij "Beter een matige standaard, die je als referentie neemt om te kijken hoe het beter kan, dan geen standaard, waarmee je elke keer het wiel uitvindt."

Maar we moeten oppassen met "standaardisatie".

Jaap van den Heuvel

6 april 2014

Mooie blog. CVZ zorg wordt zelfs niet goedkoper door concentratie. @Ben Starink: wordt wakker!

Jaap van den Heuvel

6 april 2014

Freudiaanse verspreking: "CVA zorg" natuurlijk.

Milani

6 april 2014

Prachtige column. Dank je wel! Deze column is een prachtige illustratie van ontwikkelingen en mogelijkheden. Dus, laten we aan de slag gaan, met de patient voorop. Ook in de kankerzorg zijn standaarden nodig evenals het onderkennen van de noodzaak van optimale en gespecialiseerde zorg aan kankerpatiënten en daarmee het concentreren van de kankerzorg in die centra. Immers elke patiënt verdient transparantie en de mogelijkheid tot de beste behandeling. Bij een optimale samenwerking hoort in het belang van de patiënt ook een optimale communicatie. Informatie efficiënt en effectief deelbaar met de patiënt en inzichtelijk voor de patiënt; baas van eigen lijf en eigen dossier. Bijvoorbeeld registratie aan de bron met een kernset van gegevens; de Continuity of Care Record (CCR) samen met de Continuity of Care Document (CCD) zou de standaard informatie kunnen zijn die met de patiënt meegaat door het zorgproces dat hij/zij doorloopt. Daaruit is dan bijvoorbeeld ook informatie te verkrijgen die nuttig is voor registraties voor wetenschappelijk onderzoek en voor observatiestudies. Het is in het belang van de patiënt om standaarden voor de kankerzorg vast te stellen en te implementeren. Zo belangrijk dat we er niet teveel over moeten praten, maar er vooral snel mee moeten beginnen. Immers, de kennis is ruimschoots aanwezig bij alle betrokken partijen en de patiënt kan als geen ander het belang van de patiënt inbrengen. Wij (de patiënt) staan klaar, wie doet er mee?

Milani, Inspire2live

6 april 2014

Prachtige column. Dank je wel! Deze column is een prachtige illustratie van ontwikkelingen en mogelijkheden. Dus, laten we aan de slag gaan, met de patiënt voorop. Ook in de kankerzorg zijn standaarden nodig evenals het onderkennen van de noodzaak van optimale en gespecialiseerde zorg aan kankerpatiënten en daarmee het concentreren van de kankerzorg in die centra. Immers elke patiënt verdient transparantie en de mogelijkheid tot de beste behandeling. Bij een optimale samenwerking hoort in het belang van de patiënt ook een optimale communicatie. Informatie efficiënt en effectief deelbaar met de patiënt en inzichtelijk voor de patiënt; baas van eigen lijf en eigen dossier. Bijvoorbeeld registratie aan de bron met een kernset van gegevens; de Continuity of Care Record (CCR) samen met de Continuity of Care Document (CCD) zou de standaard informatie kunnen zijn die met de patiënt meegaat door het zorgproces dat hij/zij doorloopt. Daaruit is dan bijvoorbeeld ook informatie te verkrijgen die nuttig is voor registraties voor wetenschappelijk onderzoek en voor observatiestudies. Het is in het belang van de patiënt om standaarden voor de kankerzorg vast te stellen en te implementeren. Zo belangrijk dat we er niet teveel over moeten praten, maar er vooral snel mee moeten beginnen. Immers, de kennis is ruimschoots aanwezig bij alle betrokken partijen en de patiënt kan als geen ander het belang van de patiënt inbrengen. Wij (de patiënt) staan klaar, wie doet er mee?

Roldaan Sr

7 april 2014

Richtlijnen zijn nodig, omdat ze een gewogen overzicht geven van de beschikbare wetenschappelijke literatuur. Als arts rekening houden met een richtlijn is van belang, maar dat maakt je geen goede dokter. Vooral bij diagnoses, waaronder een veelheid van verschillende aandoeningen schuilgaat, bv "astma" en "COPD", schieten richtlijnen tekort, omdat ze gebaseerd zijn op onderzoek dat is verricht bij modelpatiënten. Dat onderzoek is vaak niet toepasbaar op de patiënt in de spreekkamer. Het onderzoek en de riichtlijn hebben dan een lage "externe validiteit" en daarmee een geringe toepasbaarheid. Voor astma en COPD geldt dat het in de richtlijnen besproken onderzoek is verricht bij 5-15% van de patiënten met deze aandoening en het geeft te denken, als dit leidt tot aanbevelingen voor alle patiënten, ook die met een volledig ander ziekteprofiel. Als je als dokter de richtlijn strikt volgt, maak je misschien geen blunders, maar behandel je veel patiënten suboptimaal. Richtlijnen en standaarden horen dus richtinggevend, nooit doorslaggevend te zijn.

Top