Tech

Samen vooruit met gegevensuitwisseling

XSD, LSP, HIS-sen, ZIS-sen, zib’s, RSO, Twiin, VIPP, FHIR… Mensen die werken met ict in de zorg praten een raar taaltje. Een afko-taaltje. Daarmee verstaan ze elkaar prima. Maar al die afko’s ten spijt: hun systemen praten nog niet echt lekker met elkaar. Dat moet anders, vindt de hele zorgsector en zo ook Minister Bruins die in een half jaar tijd alweer de derde brief over digitale gegevensuitwisseling naar de Tweede Kamer verstuurde. De vaart lijkt erin te zitten! Toch?

Nog altijd zijn zorgverleners druk met het overtikken van gegevens uit het ene systeem naar het andere. Er zijn weliswaar mooie initiatieven waar partijen elkaar digitaal vinden, maar dit is veelal op regionaal niveau waarnaast ook de regio’s onderling een ict-dialect lijken te hebben. Het is dus niet zo gek dat het ministerie van VWS gegevensuitwisseling in rap tempo wil digitaliseren. Met een Concept Roadmap Gegevensuitwisseling in handen stuurt het ministerie naar een landelijke aanpak waarbij de derde brief van 12 juli jl. helaas nog doet uitkijken naar de vierde.

Ondertussen zitten systeemleveranciers en koppelpartijen niet stil en vragen ook zorginstellingen om actie. Interoperabiliteit is gelukkig niet langer slechts een technisch issue maar verplaatst zich steeds verder naar de bestuurskamer. En dat is maar goed ook want zonder draagvlak en afstemming tussen instellingen, regio’s en ketenpartijen komen we niet ver. Ja, we kunnen wachten op wetgeving maar waarom zou je? Er kan al echt heel veel. Mits we samenwerken. En dat is nou net een achilleshiel…

Twiin

Een mooi voorbeeld om het uitwissellelthema concreet aan te pakken is het programma Twiin dat zich buigt over momenteel vier uitwisselingen, namelijk: de uitwisseling van de BGZ (recentelijk toegevoegd), geboortezorg, beeld en het beschikbaar stellen van labwaarden aan apothekers. Je ziet hier misschien de overlap met de prioritaire zorgprocessen, of wellicht denk je al aan VIPP5 als we spreken over uitwisseling BGZ, en dat klopt want tussen de intentie van deze voorstellen zit inderdaad een connectie. De lead van het programma Twiin ligt echter bij VZVZ en RSO Nederland en loopt naast het wetgevingstraject vanuit het VWS. Samen met een brede coalitie wordt er binnen Twiin een aanpak ontwikkeld om daadwerkelijk op korte termijn stappen te maken met de uitwisseling. De input over de ‘why’ van uitwisselen wordt hierbij direct vanuit belangenorganisaties in het zorgnetwerk verkregen. Denk aan de Patiëntenfederatie Nederland en de Nederlandse Vereniging voor Radiologie.

Het eerste thema dat door Twiin wordt opgepakt is landelijke beeldbeschikbaarheid. Vanuit het programma wordt nu gestuurd op POCS in het najaar om de ‘how’ van het uitwisselen tussen leveranciers onderling te testen. Vervolgens worden ook de zorginstellingen zélf in pilots c.q. projectathons betrokken waarbij niet slechts op point-to-point-, maar juist op landelijke uitwisselstructuren wordt ingezet. De grote vraag blijft echter hoe die landelijke infrastructuur er nou daadwerkelijk uit komt te zien. En zullen alle leveranciers (Chipsoft, NEXUS, Epic, Enovation, Forecare etc.) zich straks kunnen vinden in die voorgestelde structuur?

Ambitie

Op 17 juli vond daarom de tweede Twiin leveranciersbijeenkomst plaats in het teken van dit thema. Want zolang de wetgeving er nog niet is, kom je natuurlijk nergens zonder commitment vanuit de leveranciers. Maar hoe krijg je dit commitment en hoe voorkom je dat ook Twiin strand op terugtrekkende partijen waardoor de o zo mooie ambitie slechts tot wensdenken vervalt?

In soortgelijk licht heeft het ministerie van VWS n.a.v. een bijeenkomst in maart met de top vijf EPD-leveranciers recentelijk een concept EPD-akkoord naar de betrokken leveranciers gestuurd. Daarin pleit het VWS voor afspraken op vier thema’s te weten: BGZ, XDS, Open API’s en Pricing. Een mooi initiatief, wat nu nog wacht op vervolg vanuit het VWS én daarna op reactie van de leveranciers. Zal dit herenakkoord het type commitment kunnen afdwingen dat tevens nodig is om ook de systeemonafhankelijke gegevensuitwisseling een duw in de juiste richting te geven?

Manifest Samen vooruit

NEXUS Nederland heeft in mei in ieder geval als eerste EPD-leverancier het manifest ‘Samen vooruit’ ondertekend als voorschot op het EPD-akkoord. Dit manifest voor digitale gegevensuitwisseling is hier namelijk onderdeel pleit o.a. voor open systemen- en infrastructuren.

Of het (nu nog concept) EPD-akkoord de noodzaak voor wetgeving voor digitale gegevensuitwisseling kan afvlakken valt nog te bezien. En zullen straks alle betrokken leveranciers (dat zijn dus niet slechts de EPD-leveranciers!) als gezamenlijk blok de intentie- en aanpak van o.a. Twiin daadwerkelijk supporten, of blijft interoperabiliteit een belofte die zich beperkt tot de eigen achtertuin en voorwaarden?

In andere woorden: Gaan we Samen vooruit? Of blijft het ieder voor zich…

Thijs Dekker

Nexus Nederland

Thijs Dekker_311

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Lineke Verkooijen

11 augustus 2019

‘Nog altijd zijn zorgverleners druk met overtikken van gegevens uit het ene systeem naar het andere.’ Zo lees ik in deze blog van Thijs Dekker. In een blog van Jan Bosman van 25 juni j.l. las ik dat uit onderzoek van VWS blijkt dat de niet-cliëntgebonden-zorgkosten in de langdurige zorg boven de 40% liggen en dat de oorzaak van deze hoge indirecte zorgkosten onder meer ligt in tekortschietende ICT en inefficiënte werkprocessen (naast regeldruk, waar VWS reeds aan werkt). De niet-cliënt-gebonden-zorgkosten zouden volgens Bosman minstens 10% lager kunnen. Ook hij merkt op dat verschillende mensen op verschillende plaatsen in de organisatie, dezelfde informatie vastleggen in verschillende systemen.
Uit beide blogs maak ik op dat ICT de oplossing is van het probleem c.q. de (te) hoge zorgkosten door ‘verspilling’ van mensuren. De meer uitgewerkte oplossing luidt: We moeten naar één goed samenhangend systeem. Dit kan binnen één ICT-pakket vorm krijgen (Bosman) of via een gestandaardiseerde manier van gegevensuitwisseling tussen verschillende ICT-pakketten (Dekker). De essentie blijft echter gelijk, één goed samenhangend systeem. In de afgelopen decennia heb ik deze oplossing voor dit probleem al zo vaak langs zien komen, dat ik daar niet meer in geloof, anders was het denk ik allang gelukt. Dus waarom lukt het dan maar niet?

ICT is een middel. Geen doel op zich. Een middel om te helpen bij het zo adequaat mogelijk laten verlopen van werkprocessen. Eén goed samenhangend systeem lijkt één werkproces in de zorg te veronderstellen. Dit is echter niet de werkelijkheid. Ik weet nog dat ik (parttime) bedrijfskunde studeerde als enige zorgmens (en vrouw) samen met achttien collega-studenten die allemaal werkzaam waren in de profitsector. Wat mij opviel was dat zij in de profitsector doorgaans één duidelijk werkproces konden neerzetten. Het was allemaal zo logisch en simpel overzichtelijk. In de zorg worden de werkprocessen bepaald door het proces waarin de cliënt/patiënt zich bevindt. Een acute situatie vereist een hele andere aanpak (zowel instrumenteel-technisch als qua aandacht/medeleven en qua informatie/communicatie) dan een chronische situatie. Grofweg bestaan er drie te onderscheiden processen in de zorg. Het zou nog te doen zijn als je per cliënt/patiënt zou kunnen aanwijzen welk proces van toepassing is. Maar helaas, bij een cliënt/patiënt kan één van deze drie processen van toepassing zijn, maar het kunnen er ook meerdere van de zelfde en/of één of meer van de andere twee tegelijkertijd zijn. Dit leidt tot een lappendeken van typen processen die van toepassing kunnen zijn. Zeker in de langdurige zorg en in de zorg als geheel. (Een eerste hulpafdeling is doorgaans nog redelijk eenduidig qua type proces.) Elk type proces kent bovendien een eigen bijbehorend logica wat veelal ook nog per type discipline weer net even anders kan zijn (een arts doet andere dingen dan een verpleegkundige of een laborant), wat in de zorg leidt tot heel veel verschillende werkprocessen met verschillende behoeften aan ICT-ondersteuning.

Het enige onderdeel wat ik me voorlopig kan voorstellen dat zinvol gedeeld zou kunnen worden in al die ICT-ondersteuningsbehoeften, is het NAW-deel. En dat zou volgens mij heel simpel moeten kunnen. Een soort algemeen deel waar elke ICT-leverancier uit kan putten/op kan aansluiten. Dat hoeft ook niet zorgspecifiek te zijn. Dan besparen we niet alleen in de zorg, maar in de hele samenleving. En voor de rest, laat ICT vooral dat doen waar het voor ontwikkeld is, namelijk werkprocessen ondersteunen en deze niet (willen) bepalen, zodat we de allerbeste zorg kunnen (blijven) leveren. Als het NAW-deel gelukt is, kunnen we misschien voorzichtig nog eens verder gaan kijken. Het tot dit niveau beperken van de ICT-ambitie in de zorg lijkt me in zich al een enorme besparing van de kosten binnen deze sector.

Lineke Verkooijen, projectleider/adviseur academische verpleeg(t)huiszorg en emeritus lector

Top