Er was een “crisisstructuur” ingericht en het nieuwe virus werd op die vrijdag op de zogenoemde A-lijst van infectieziekten gezet, wat de minister van Volksgezondheid indien nodig extra bevoegdheden gaf, zei Bruins. Meer voorbeelden kon hij ook na aandringen door commissielid Dion Huidekooper niet noemen.
Crisishandboeken
Er waren volgens Bruins “crisishandboeken in het algemeen”, maar die waren niet toegespitst op een mogelijke pandemie. “Dat was ook niet mogelijk, want wij kenden het coronavirus niet.”
Bruins benadrukte dat het kabinet het coronavirus op de A-lijst zette nog voordat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) de uitbraak in China had aangemerkt als een noodsituatie. “We zagen dat berichten uit China grotere proporties aannamen en we dachten dat dit een belangrijke voorzorgsmaatregel zou kunnen zijn.”
De oud-minister voegde eraan toe dat het kabinet naderhand in Kamerbrieven een andere formulering is gaan gebruiken. “Ik heb al gauw geleerd dat ‘goed voorbereid’ een permanente staat van aandacht moet zijn. We zeiden daarom liever: wij bereiden ons goed voor. Geen voltooid deelwoord meer.”
Oververmoeid
Bruins was als minister voor Medische Zorg hoofdverantwoordelijk voor het coronabeleid in de beginfase van de pandemie. Hij trad kort na het begin van de eerste lockdown in maart af nadat hij tijdens een Kamerdebat uit oververmoeidheid onwel was geworden.
Briefje
Bruins was degene die eind februari 2020 op televisie bekendmaakte dat de eerste patiënt in Nederland positief was getest. Hij kreeg tijdens een uitzending waar hij te gast was een briefje in zijn handen gedrukt waar dat op stond. Dat was niet expres zo getimed, maar “een gekke samenloop van omstandigheden”, verzekerde hij in het verhoor. (ANP)