“Ik zie volop kansen voor het gebruik van AI in de psychiatrie”, zegt Veling. “Zo zou een zorgvuldig ontwikkelde chatbot zo gemaakt kunnen worden dat die zich kan aanpassen aan verschillende culturen. Wij mensen hebben allemaal onze eigen achtergrond, cultuur en bagage. Dat geldt voor patiënten, maar ook voor behandelaars. We sluiten niet vanzelfsprekend altijd goed aan bij iemand met een heel andere achtergrond of culturele context. Met een chatbot kan dat mogelijk wel.”
Nog niet zover
Maar zo ver zijn we nog niet. “Op dit moment zeg ik nog heel nadrukkelijk tegen mijn collega’s: gebruik geen commerciële, openbare taalmodellen zoals ChatGPT tijdens behandelingen. Ze zijn nog niet veilig genoeg, en nog niet goed genoeg. Zo hebben de chatbots zoals ze nu zijn nogal de neiging om je gelijk te geven. Dat voelt prettig, maar dat kan in de psychiatrie juist gevaarlijk zijn. Als iemand beginnende wanen heeft, bijvoorbeeld het idee dat hij een bijzondere taak in de wereld heeft of dat er een complot tegen hem gaande is, en hij gaat daar vragen over stellen, dan worden die ideeën soms juist bevestigd of aangemoedigd. Daardoor kunnen ze steeds verder worden uitvergroot.”
Toekomst
“Mijn vakgebied heeft ook echt de technische ontwikkeling nodig, want de psychiatrie is op de huidige manier niet houdbaar. Er moet iets veranderen aan de lange wachtlijsten, zonder dat dat ten koste gaat van de hulp aan onze patiënten. Bovendien zou ik graag zien dat patiënten zelfstandiger worden en meer zelf kunnen doen binnen hun behandeling. Ook daarin kan AI een rol spelen.”
Lees het hele interview met Veling