Finance

Zorgveld zit niet te wachten op vrije prestaties

Zorgveld zit niet te wachten op vrije prestaties

Het draagvlak voor experimenten met vrije prestaties in de zorg is beperkt. Dat constateert de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zorgaanbieders en consumentenorganisaties zien vooral nadelen en uitvoeringsproblemen.

Om innovatie te bevorderen wil minister Schippers zorgverzekeraars en -aanbieders bij wijze van experiment ruimte bieden voor het overeenkomen van vrije prestaties. In de huidige situatie stelt de NZa prestaties en tarieven vast. Alleen deze door de NZa vastgestelde prestaties mogen door zorgaanbieders in rekening gebracht worden.

Een vrije prestatie betekent daarentegen dat zorgaanbieders en zorgverzekeraars mogen onderhandelen over hoe een prestatie er moet uitzien en welke prijs daarvoor in rekening gebracht mag worden. Ook is het mogelijk dat de zorgaanbieder en de patiënt overleggen over specifieke vormen van zorg op maat.  

Uit een uitvoeringstoets van de NZa blijkt echter dat aanbieders prima uit de voeten kunnen met de huidige prestatie- en tariefregulering. Volgens de veldpartijen is er veel mogelijk. Vaste prestaties en tarieven worden vanuit het oogpunt van innovatie dan ook niet als knellend ervaren. Veelzeggend is het feit dat zich gedurende de consultatiefase niemand heeft gemeld met voorstellen voor regionale experimenten.  

Experimenten

In het kader van het advies heeft de NZa enkele specifieke deelgebieden onderzocht. Bepaalde vormen van eerstelijnszorg, waaronder fysiotherapie, oefentherapie, dieetadvisering en farmacie, kunnen wat de NZa betreft in aanmerking komen voor experimenten met vrije prijzen. Hetzelfde geldt voor cosmetische chirurgie.

Toch ziet de NZa gezien het geringe draagvlak weinig heil in experimenten. In sommige gevallen is de markt bovendien zo klein dat dat de betreffende zorg nauwelijks onderwerp van gesprek is in de onderhandelingen tussen aanbieders en verzekeraars. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de intramurale markt voor orthoptie en optometrie.

Schottenoverstijgend

In plaats van experimenten met vrije prestaties hebben de veldpartijen liever aandacht voor onderwerpen als samenwerking en substitutie. Vanwege bestaande schotten in de bekostiging van curatieve zorg is samenwerking dan wel substitutie nu financieel vaak lastig te regelen. In een reactie op het NZa-advies laat minister Schippers weten te willen kijken naar nut en noodzaak van een “schottenoverstijgend experiment” met innovatieve bekostiging. Dit kan betrekking hebben op populatiebekostiging of uitkomstfinanciering, maar ook op ketenafspraken of casemanagement.

4 Reacties

om een reactie achter te laten

Jan Blanken

18 oktober 2016

Interessante analyse maar niets wordt gezegd over de mondzorg waar de zorgverzekeraar juist nauwelijk een rol speelt en wil spelen. Juist in de mondzorg is een experiment met deregulering een interessante mogelijkheid om knelpunten op te lossen, innovatie te stimuleren en hoge kwaliteit en complex zorg eindelijk eens juist te honoreren.
In de mondzorg speelt de zorgverzekeraar nauwelijks een rol. Er worden nauwelijks contracten gesloten en de grootste zorgverzekeraar is daar zelfs mee gestopt. Het heeft ook geen meerwaarde voor de zorgaanbieder om, een enkele uitzondering daargelaten, een overeenkomst te sluiten. Slechts ongeveer 25% van de jaarlijkse mondzorgproductie is publiek gefinancierd. 75% van het volume betaalt de zorgconsument zelf waarvan ongeveer 50% wordt vergoed uit aanvullende verzekeringen. De zorgconsument zou zelf keuzes moeten kunnen maken geholpen door kwaliteitsinformatie en dergelijke. Deregulering biedt een kans voor een snellere invoer van innovatie en het aanbieden van topzorg en complexe zorg. Als je nu topzorg wilt leveren in het gereguleerde systeem ben je bedrijfseconomisch onverstandig bezig. Het leveren van lopende band werk van gemiddelde kwaliteit is namelijk het meest winstgevend. Tijdens het Rondetafelgesprek op 3 oktober over mondzorg in de tweede kamer zei tandarts Hans Beekmans dat het gereguleerde systeem aanspoort tot sjoemelen met de NZa codes. Er ligt een kans voor de veldpartijen, NZa, VWS, NPCF en Consumentenbond om de gereguleerde zorg in stand te houden maar daarnaast een experiment te beginnen voor deregulering in de volwassenen zorg. De kwaliteit zal inzichtelijk moeten zijn en tussen consument en aanbieder wordt e.e.a. vastgelegd in een informed consent. Het is aan de veldpartijen vervolgens om van deze kans een succes te maken.
De NZa weet dat een aantal partijen hier al langere tijd over praten en concrete ideeën hebben , hopelijk worden deze gesprekken met de NZa voortgezet.

hans peltenburg

19 oktober 2016

En even de andere kant op redenerend: het experiment met dat ziekenhuis in Bernhoven! Die hebben ouderwets budgetten toegewezen gekregen. Alle medisch specialisten in loondienst. En z leveren kwalitatief dezelfde zorg maar 30 % goedkoper ! Ze doen nl 30 % minder operaties, lab aanvragen en andere verrichtingen dan in ziekenhuizen die zich gedwongen moeten richten op zo veel mogelijk geld verdienen dankzij de marktwerking !

Jan Blanken

19 oktober 2016

Een reactie op de post van Hans Peltenburg.
In de mondzorg zijn het niet de zorgverzekeraar die budgetten toedelen maar de zorgconsument die zelf betaalt en keuzes maakt. In de mondzorg zijn voor mondproblemen heel veel oplossingen mogelijk met een grote bandbreedte in kosten daarvan. Als een oplossing is gekozen zijn er vervolgens vaak vele keuzemogelijkheden voor wat betreft de gebruikte materielen en de esthetische eisen en uitvoering. Het is maar wat de consument wil en wat de zorgverlener kan.
Je kunt een rotte tand trekken voor €50 maar ook vervangen door een implantaat en een kroon voor €3000. In beide gevallen leef je geen dag korter, ook niet door het gemis van een tand Bijna niemand echter zal het tegenwoordig meer accepteren om zonder tand rond te lopen.


hansbeekmans1@mac.com

20 oktober 2016

als reactie op het stuk van Jan Blanken wil ik graag toevoegen dat het sjoemelen met de NZa codes kan gebeuren naast een in mijn ogen ernstiger probleem het leveren van minder zorg dan nodig, sjoemelzorg of onnodige, middelmatige en zelfs overbodige zorg.
Zodra een tandarts werkelijk met zijn patient een afspraak mag maken over de behandeling en de kosten daarvan, de zogenaamde Shared Decision, dan zullen we heel snel de kwaliteit omhoog zien gaan en de kosten afnemen. Het fijne is namelijk: de patient is niet gek en kan met voldoende eerlijke informatie heel goed kiezen samen met zijn (tand)arts was voor hem of haar het beste is.
Een verzekering de kosten, al dan niet geheel of gedeeltelijk, vergoeden, maar mengt zich niet in deze besluitvorming.
Meer en meer mensen kunnen en zullen kiezen voor kwaliteit, dat zal zich op alle fronten uiten, ook bij de ouderen zorg en de zorg voor kinderen, naast de toename van vraag naar kwaliteit en capaciteit op de universiteiten. In plaats van de toename van buitenlandse tandartsen met een mindere opleiding zoals dat nu het geval is, zal de vraag naar Nederlandse tandartsen, die lange tijd in Europa als heel goede tandartsen bekend waren, toenemen.
Kwaliteit loont altijd, voor iedereen.

Top