HRM

Zorgrobot neemt plek medewerker nog niet in

Zorgrobot neemt plek medewerker nog niet in

Zorgrobots kunnen helpen in de aanpak van het personeelstekort in de zorg door taken van medewerkers over te nemen, maar worden daarvoor nog te weinig ingezet. Redenen zijn de beperkte kennis van zorgpersoneel over de mogelijkheden van robots en gebrek aan tijd om ermee te leren omgaan. Ook is de techniek soms nog niet zo ver dat de robot het werk van de zorgmedewerker kan overnemen.

Dit concluderen de TU Eindhoven en adviesbureau M&I/Partners in een onderzoek naar de inzet van zorgrobotica in Nederland.

De toepassing van robots in de ouderenzorg in Nederland is de afgelopen twee jaar gestaag gestegen. Een spectaculaire stijging van het gebruik is tot nu toe echter nog uitgebleven, constateren de onderzoekers. Van de twee marktleiders voor zorgrobots gericht op sociale interactie met de gebruiker, ZORA en Paro, zijn er momenteel respectievelijk 100 en 230 in gebruik. 

De inzet van robots die alleen praktische taken van zorgverleners uitvoeren, is in de praktijk nog weinig zichtbaar. Het gaat om robots die bijvoorbeeld inzetbaar zijn voor het halen van een glas water of het dekken van de tafel. Dergelijke robots moeten mensen die fysiek beperkt zijn helpen langer zelfstandig thuis te blijven wonen. "De techniek, bijvoorbeeld om fysieke zorgtaken over te nemen, is nog sterk in ontwikkeling. We zien vooral vorderingen op gebruiksvriendelijkere bediening", aldus het rapport.

Zorginstellingen zijn volgens de onderzoekers nog te weinig bekend met de mogelijkheden van zorgrobots als oplossing voor het personeelstekort in de zorg. "Zora zou bijvoorbeeld ingezet kunnen worden om cliënten even bezig te houden, terwijl de zorgverlener ondertussen eten kan rondbrengen. Echter, het besef is er nog niet genoeg. Er is vooral het beeld dat het inzetten van robotica veel tijd kost en daarom krijgt het nog geen prioriteit."

Kennis

Zorgmedewerkers zijn zich wel steeds meer bewust van het bestaan van zorgrobots, maar hebben blijkens het rapport over het algemeen weinig kennis van robotica. Hierdoor zien zorgverleners niet altijd wanneer zij technologie succesvol in kunnen zetten. Het onderwerp komt ook nog niet veel aan bod in de opleidingen. Andere beperkende factor is dat in zorginstellingen vaak één persoon is aangesteld voor de inzet van een technologie en daartoe is opgeleid. "Hierdoor heeft de rest geen kennis van de technologie en is het succes van een technologie afhankelijk van één persoon", schrijven de onderzoekers. "Dit kan het proces vertragen van het implementeren van een technologie."

Ook zien de onderzoekers dat zorgverleners snel te hoge verwachtingen hebben van een robot. "Wanneer zorgverleners bijvoorbeeld zien dat de robot een arm heeft, wordt er verwacht dat het daar van alles mee kan, terwijl de mogelijkheden in werkelijkheid nog beperkt zijn. De verwachtingen en bezwaren van zorgverleners worden vaak bijgesteld wanneer zij kennis maken met toepassingen van zorgrobotica."

Effectief

Op plekken waar robots worden ingezet, blijkt dat ze heel effectief kunnen zijn, constateren de onderzoekers. Met name in de zorg aan dementerenden kwamen zij veel effectieve toepassingen tegen, bijvoorbeeld in het bestrijden van apathie en het effectief overbrengen van instructies. Dementerenden blijken bijvoorbeeld soms niet iets aan te nemen van hun fysiotherapeut, maar wel van Zora.

De verwachting is dat het aantal sociale robots de komende jaren verder zal toenemen en dat eenvoudigere, betaalbare robots zoals 'Tessa' een snelle opmars zullen maken. Tessa, een robotje in de vorm van een bloempot, herinnert dementerenden aan afspraken en stelt dingen voor als het zetten van een kopje thee of het aanzetten van een muziekje. "Deze producten slaan enorm aan omdat het toepassen ervan zeer eenvoudig is en hier ook veel behoefte aan is binnen de ouderenzorg", aldus de onderzoekers.

ExoArm

Verder keken de onderzoekers naar de inzet van robotortheses, geavanceerde techniek met robotica die mensen kunnen helpen met het steunen, corrigeren of versterken van het lichaam. Bekend voorbeeld is de ExoArm. De onderzoekers verwachten dat deze technologie geleidelijk steeds ruimer beschikbaar zal worden.

Ook zien de onderzoekers toekomst in het combineren van robotica en het concept Internet of Things (IoT). Op dit moment wordt die combinatie nog niet gemaakt in de zorg. "Het koppelen van robotica aan cliëntdossiers zien wij nog niet terug bij de zorginstellingen. Daarnaast worden er ook geen sensoren gekoppeld aan robotica. Van deze combinaties van technologieën verwachten we de komende jaren wel veel."

 

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Monique van Doorn

19 december 2017

Heldere uitkomsten, geheel passend bij de praktijk. Opleidingen die wel aandacht besteden aan technologie, robotica en bijpassende competentieontwikkeling zijn er wel, maar passen niet binnen de kaders die de afgelopen jaren gesteld zijn voor scholing van medewerkers. Die kaders worden met een blik in de achteruitkijkspiegel opgesteld en zetten vernieuwing buiten spel. Learning community Andere handen besteedt zeer regelmatig aandacht aan ontwikkeling van robotica, sociale impactmetingen laten zien dat dit ook effect heeft. Schaalvergroting is hard nodig en één van de antwoorden voor de knellende arbeidsmarkt. Maar ook voor kwaliteit en werkgeluk is het belangrijk. Partijen die werk willen maken van leren en ontwikkelen met robotica kunnen zich verbinden met Andere handen community. Samenwerking biedt hier veel kansen aan koplopers.

Top