Tijdens het onderzoek, dat is gefinancierd door de Hartstichting, gebruikte de helft van de deelnemende huisartsenpraktijken in Gelderland, Groningen, Limburg en Overijssel de CT-kalkscore. Die wordt bepaald met een CT-scan en laat zien hoeveel kalk er in de bloedvaten rond het hart zit, waarbij een hoge score samenhangt met een hogere kans op vernauwing in de kransslagaders. De andere helft van de praktijken volgde de reguliere zorg.
Minder verwijzingen en onderzoek
Het onderzoek werd uitgevoerd bij patiënten met onduidelijke pijn op de borst en een laag risico op een ernstige vernauwing in de kransslagaders. Huisartsen met de CT-kalkscore verwezen in bijna 43 procent van de gevallen door naar de cardioloog. Dat percentage lag bij de andere groep huisartsen op 80 procent. Ook was er in de groep met de CT-kalkscore minder vervolgonderzoek nodig. De onderzoekers volgden de patiënten gemiddeld anderhalf jaar. In die periode kreeg geen van de patiënten met een zeer lage CT-kalkscore een ernstig hartprobleem.
Oordeel huisarts
Een CT-kalkscore kan het oordeel van de huisarts niet vervangen, maar de huisarts wel ondersteunen. “Pijn op de borst wil je nooit onderschatten”, zegt onderzoeksleider Rozemarijn Vliegenthart. “Maar je wilt patiënten ook niet onnodig belasten met extra onderzoek. Onze resultaten laten zien dat een CT-kalkscore helpt om patiënten naar de juiste zorgverlener te verwijzen.” Dat zou de druk op de zorg ook kunnen verlichten, stellen de onderzoekers.
