Een magneet buiten het lichaam stuurt het robotje aan door het te laten ronddraaien en zich als een schroefje te laten voortbewegen. Dat moet het op termijn mogelijk maken om via de bloedbaan naar de juiste plek te reizen en vervolgens door de vaatwand het hersenweefsel in te boren. Tot dusverre is het voor behandeling van diepgelegen hersenletsels, bloedstolsels na een beroerte, tumoren en vaatafwijkingen meestal nodig om de schedel te openen.
Controle verliezen
Het team heeft een model ontwikkeld dat precies voorspelt wanneer de magneet de controle over het piepkleine apparaatje verliest. Dat heeft te maken met onder meer het tempo waarmee het robotje ronddraait. “Duw je een magnetische robot te snel, dan verlies je de controle met de magneet”, zegt Ewout Ligtenberg, eerste auteur van de studie naar de robot. “We kunnen nu precies voorspellen wanneer dat gebeurt, voor elk type weefsel, met één enkele meting. Dat scheelt een hoop giswerk bij het ontwerpen van robots voor de hersenen.”
