Medisch specialistische revalidatiecentra moeten naast hun jaarrekening ook ieder jaar prestatie-indicatoren op het gebied van kwaliteit/doelmatigheid, patiënttevredenheid en wachttijden ter verantwoording aan te leveren. De jaarverantwoordingsstukken 2025 van de revalidatiecentra moesten uiterlijk op 31 mei 2026 aangeleverd te worden bij het ministerie van VWS.
Opvallend is dat medio 22 juni 2026 van drie van de vijftien onderzochte revalidatiecentra nog geen jaarrekeningen 2025 openbaar beschikbaar zijn. Die vallen daarom buiten de analyse van Kompas in Zorg en BS Health Consultancy. Jeroen Bosch Ziekenhuis, UMCG – Centrum voor Revalidatie en Sint Maartenskliniek zijn niet opgenomen bij de bedrijfsmatige performance omdat de revalidatie-afdeling van deze zorgorganisaties niet het grootste onderdeel vormen van de organisatie-activiteiten en niet apart wordt verantwoord in de jaarrekening.
Bedrijfsopbrengsten
De bedrijfsopbrengsten van de revalidatiecentra zijn in 2025 met gemiddeld 6,4 procent gestegen ten opzichte van 2024. In 2025 is het gemiddelde rendement van de revalidatiecentra licht gedaald naar 2,6 procent. Het weerstandsvermogen van de revalidatiecentra om financiële tegenvallers te kunnen opvangen, uitgedrukt in het eigen vermogen ten opzichte van de omzet, lag in 2025 op een iets hoger niveau dan in 2024. Gemiddeld 28,6 procent in 2025 ten opzichte van 27,8 procent in 2024.
Kwaliteit
Een van de kwaliteitsindicatoren voor revalidatiecentra gaat over het hoeveel mensen na verblijf in een centrum weer naar hun kunnen. In 2025 functioneerden gemiddeld 90 procent van de ontslagen volwassen klinische revalidatiepatiënten weer in een eigen, eventueel aangepaste, woonsituatie. In 2024 was dat 92 procent.
Een andere indicator gaat over hoeveel uren zorg zijn geleverd. De mediane behandelinzet (mediaan aantal gewogen behandeluren) gedurende de hele klinische behandeling bedroeg circa 111 uur in 2025. De mediane behandelinzet voor hoge dwarslaesie lag met 129 uur wat hoger. Voor traumatisch hersenletsel met respectievelijk 89 behandeluren is deze wat lager. De mediane behandelinzet voor CVA en lage dwarslaesie lag in het midden, aldus de analisten.
Patiënttevredenheid
Tot slot keken Kompas in Zorg en BS Health Consultancy naar patiënttevredenheid. Het gemiddelde rapportcijfer voor revalidatiecentra van hun patiënten/ouders was in 2025, net als in 2024, een 8,6. Bij de doelgroep volwassenen lag het rapportcijfer met een 8,7 iets hoger dan het gemiddelde en bij de doelgroepen kinderen en jeugd met respectievelijk een 8,4 en 8,5 iets lager. Ongeveer 86 procent van de patiënten/ouders vond dat hij/zij zoveel als hij/zij wilde kon meebeslissen over de behandeling. Bij de doelgroep jeugd lag het percentage met gemiddeld 90 procent iets hoger dan bij de doelgroepen volwassenen en kinderen.
Wachttijden
Het percentage patiënten dat in 2025 maximaal 4 weken moest wachten tussen aanmelden en het 1e polikliniekbezoek is met 71 procent ongeveer gelijk aan 2024 (70 procent). Het percentage patiënten dat in 2025 maximaal 6 weken moest wachten op de start van een poliklinische revalidatiebehandeling is met 76% iets gestegen ten opzichte van 2024 (73 procent).
