ACTUEEL

Diagnostiek in ziekenhuis houdt patiënt gevangen

Diagnostiek in ziekenhuis houdt patiënt gevangen

Zeven van de tien patiënten die eerstelijns diagnostiek krijgen in het ziekenhuis, krijgen een vervolgbehandeling zonder dat deze medisch noodzakelijk is. De onnodige zorgkosten die hieruit voortvloeien lopen in de honderden miljoenen euro per jaar, zo schat het ministerie van VWS.

Jaarlijks gaat er in totaal circa 700 miljoen euro naar eerstelijns diagnostiek. Van alle patiënten die eerstelijns diagnostiek ondergaan komt de helft in een apart diagnostisch centrum terecht. De andere helft wordt in het ziekenhuis gediagnosticeerd. Uit de cijfers van VWS, die directeur-generaal curatieve zorg Léon van Halder tijdens het NVZD-congres presenteerde, blijkt dat de diagnostische centra veel kosteneffectiever opereren. Voor 200 miljoen euro diagnosticeren de centra evenveel patiënten als de ziekenhuizen, die hier echter een bedrag van 500 miljoen euro voor krijgen.

Dubbele betalingen

Daarbij gaat diagnostiek in ziekenhuizen gepaard met ongewenste neveneffecten. Waar de diagnostische centra bijna de helft van de patiënten na onderzoek weer naar huis sturen, krijgen zeven van de tien patiënten die in ziekenhuizen worden gediagnosticeerd een vervolgbehandeling. Daarbij worden vaak meerdere dbc’s geopend. Dit leidt tot dubbele betalingen, omdat elk van deze dbc’s vaak weer een aparte kostencomponent diagnostiek kent.   

Functioneel tarief

“De huidige financiering kent prikkels die er voor zorgen dat een patiënt als die eenmaal in het systeem is, in dat systeem blijft hangen”, constateert Van Halder. Als stap in de goede richting pleit Van Halder voor een functioneel tarief voor eerstelijns diagnostiek. Een dergelijke vaste vergoeding zou in ieder geval een einde maken aan de dubbele betalingen, die nu optreden. Volgens Van Halder levert een verbeterde bekostiging van eerstelijns diagnostiek een besparing van duizend euro per patiënt op.   

10 Reacties

om een reactie achter te laten

tjark reininga

27 april 2012

is dit werkelijkheid of vooral een voorbeeld van ambtelijk wantrouwen? of is het toch een illustratie van het gevolg van de invoering van marktwerking: een klant die binnen is moet zoveel mogelijk worden verkocht?

Ton

27 april 2012

lang leve de marktwerking. albert heijn stuurt mij ook niet naar de aldi voor de goedkopere worst.

van Zanten

27 april 2012

Wat van Halder constateert is juist maar het vreemde is dat hij doet overkomen alsof niemand dat wist. Dat is natuurlijk onzin. Het beloningssysteem in de Nederlandse zorg is gebaseerd op behandelingen uitvoeren, niet mp de patient beter maken, of liever nog voorkomen dat hij ziek wordt. Hoe meer je doet, hoe meer je verdient. Dat zelfde geldt ook voor verzekaars, hoe meer kosten hoe meer omzet en hoe meer winst. Als we dat niet eerst eens aanpakken zullen de kosten met honderden miljoenen blijven stijgen.

Waar blijft eigenlijk het commentaar van de werkgevers en de werknemers (u en ik?) Wij betalen de premies maar we worden hier ongelooflijk een poot uitgedraaid.

De Bekker

27 april 2012

Ik meen dat de cijfers in het artikel wat rammelen. Ken de bron niet, maar als in ziekenhuizen 70% en in diagnostisch centra 50% van de patienten een vervolgbehandeling krijgt, dan worden hooguit 2 op de 10 patienten onnodig behandeld.

Bovendien sluit ik niet uit dat de eerstelijnsdiagnostiek in aparte centra meer gericht is op uitsluiting van een aandoening, en in ziekenhuizen gericht op aantonen wat er aan de hand is.

Kortom: niet meteen rijk rekenen. Al geloof ik zeker dat 'productiestraten' voor eenvoudige diagnostiek sneller en goedkoper kunnen zijn.

Anoniem

27 april 2012

@vanZanten: helemaal mee eens. Of de patient wordt iets te snel met ontslag gestuurd, wetende dat deze zeer binnenkort terug verwacht wordt.Dat betekent dan weer inkomsten voor de ziekenhuizen. Wij worden idd een poot uitgedraaid. Het kan namelijk goedkoper, efficienter en beter. Er zijn een aantal partijen die er belang bij hebben dat dit vooral niet gebeurd.
Marktwerking werkt niet in de zorg! Je gaat toch zelf niet zorgen dat er vraaguitval optreedt ten gevolge van je eigen succes!

Anoniem

27 april 2012

Is er iemand al op het idee gekomen om te toetsen of er een correctie heeft plaatsgevonden voor de zorgzwaarte van de patienten voordat er voorbarige conclusies worden getrokken en besluiten worden genomen op basis van beeldvorming i.p.v. gedegen onderzoek ?

Anoniem

27 april 2012

De getallen lijken mij moeilijk te verifiëren, maar bekend is, dat veel huisartsen tevoren inschatten wat het vervolgtraject van de patiënt gaat worden. Als de inschatting is: ziekenhuis, dan wordt de diagnostiek bij voorkeur ook in dat ziekenhuis aangevraagd, om de zorgverlening optimaal af te stemmen. Wanneer de inschatting is dat de patiënt niet heel ernstig ziek is en eenvoudige diagnostiek voldoende, dan wordt ingestuurd naar een diagnostisch centrum. Dit heeft natuurlijk veel invloed op de hier genoemde getallen.

takken

27 april 2012

Het enige citaat in het stuk is waar, waarbij er uiteraard wel een groot verschil is tussen verwijzing naar een ziekenhuis en het aanvragen van diagnostiek in een ziekenhuis.

En de cijfers zullen ook wel kloppen.

Maar de in dit artikel gegeven verklaring van de cijfers is het overbekende en aantoonbaar onjuiste marketing-verhaal van zelfstandige diagnostische centra. Ik hoop van harte dat de DG van het ministerie van VWS dit doorziet en niet optreedt als marketing manager van zelfstandige diagnostische centra.

Ik geef hierbij graag de argumenten:
1) De populatie in een ziekenhuis (ook voor eerstelijnsdiagnostiek) wijkt sterk af van de populatie in een zelfstandig diagnostisch centrum, waardoor percentage doorverwijzingen en gemiddelde kosten per patiënt verschillen.

2) Omdat ziekenhuizen toch al over een diagnostisch centrum beschikken voor de ziekenhuiszorg, kunnen ziekenhuizen tegen (iets meer dan) marginale kosten de eerstelijnsdiagnostiek erbij doen. Voor dezelfde 'eenvoudige' patiënt die een zelfstandig diagnostisch centrum bezoekt is het diagnostisch centrum in het ziekenhuis dus goedkoper dan een zelfstandig diagnostisch centrum (gemiddelde kosten zijn wel hoger, maar dat komt door het grote verschil in populatie en complexiteit).

3) De uitslag van eerstelijnsdiagnostiek gaat naar de huisarts. Zowel vanuit het ziekenhuis als vanuit een zelfstandig diagnostisch centrum. In beide gevallen beslist dus de huisarts of doorverwijzing naar een ziekenhuis noodzakelijk is. Per definitie geen verschil dus. Of denkt meneer van Halder dat bijv. de cardioloog in het ziekenhuis alle labwaarden aangevraagd door de eerstelijn gaat bekijken en de huisarts vervolgens opbelt met het verzoek de patiënt naar hem/haar te sturen?

4) het gebeurt regelmatig dat een diagnostisch centrum niet beschikt over de juiste diagnostische middelen en daarom kiest voor een second best optie waarbij bijna op voorhand al vast staat dat deze optie niet volstaat maar wel geld oplevert voor het diagnostisch centrum. De patiënt moet daarna alsnog naar een ziekenhuis voor de juiste diagnostiek. Meer kosten en slechtere zorg.

5) Wellicht stimuleren zelfstandige diagnostische centra de huisartsen wel tot overdiagnostiek. En is dat een verklaring voor het verschil in verwijzingen (negatief dus). Zelfstandige diagnostische centra zijn over het algemeen beter in marketing dan de ziekenhuizen; als u als huisarts ook maar half denkt dat diagnostiek iets kan toevoegen stuurt u de patiënt direct naar ons; "we zitten in de buurt, in een luxe pand zonder 'ziekenhuispatiënten' dus uw patiënt vindt het geen bezwaar."

Frank

27 april 2012

Ik mis nogal wat details in het onderzoek.
Voorop staat dat in het geval van een vervolgbehandeling zorgverzekeraars streng controleren op het declaratiegedrag van zgn seriele (te vroeg aansluitende) DBC's, ook in combinatie met eerstelijns onderzoeken. Dit zouden de DBC's zijn waarover mogelijk gesproken wordt, namelijk in het geval dat eerstelijns diagnostiek in de vorm van zgn. Overige Producten wordt gedeclareerd en enige tijd daarna toch een (vervolg)behandeling en een DBC wordt gestart.
Voor deze Overige Producten kan je als definitie stellen dat het resultaat van de diagnostische onderzoeken met de huisarts wordt besproken en niet met de medisch specialist in het ziekenhuis. De huisarts zal dan over doorverwijzing naar het ziekenhuis moeten beslissen waar dan een DBC geopend wordt voor de (vervolg)behandeling. Middels directe controles op declaraties en middels microcontroles achteraf wordt door zorgverzekeraars sterk gelet op het declaratiegedrag en ook op deze combinaties. Bij verdenking worden afwijzingen van de declaraties teruggestuurd naar het ziekenhuis. Een enkelvoudige DBC over de gehele periode vanaf de eerste diagnostiek tot en met de vervolgbehandeling is daarbij de enige declaratie die dan wordt geaccepteerd.
Wellicht is de controle op deze 'dubbele declaraties' nog niet streng genoeg waar deze toch redelijk goed uit te voeren is m.i.
Ik zie veel eerder een kans op dubbele kosten in diagnostiek wanneer deze eerst in een diagnostisch centrum wordt gedaan en bij vervolgbehandeling wellicht aanvullend moet worden gedaan in het ziekenhuis. Vraag is, of deze variant is onderzocht.

Ron Kusters

28 april 2012

De huisarts dient de mogelijkheid te hebben om met snelle diagnostiek de patiënt direct te kunnen helpen. Dat is buiten kijf. Dat outcome pricing de zorgverleners dwingt om zo efficiënt mogelijk te werken ook.
Echter, of dat met de traditionele route naar diagnostische centra en ziekenhuizen moet is de vraag. Meer en meer komt er slimme en eenvoudig te bedienen technologie ter beschikking waarmee de doktersassistente, nog tijdens het consult het aanvullend onderzoek kan uitvoeren. De patiënt hoeft daar niet op te wachten en krijgt dus meteen de juiste diagnose en behandeling. Deze ontwikkeling is ingezet en zal de discussie over wie doet wat en tegen welke prijs gaan bepalen. Temeer daar dit effectieve soort point of care diagnostiek nog niet goed door de huisarts gedeclareerd kan worden.
De discussie zoals door van Halder aangezet is waardevol, maar wordt sterk beperkt door de kwaliteit van het cijfermateriaal. De kosteneffectiviteit van de aanvullende diagnostiek is niet eenvoudig te duiden door alleen de aantallen patiënten te vergelijken. Onderzoek in de zelfstandige centra is voor 88% eenvoudig labonderzoek. De productmix is daarmee anders dan in de ziekenhuizen waar naast labwerk ook het complexere en duurdere radiologisch onderzoek wordt uitgevoerd. Dit onderzoek maakt dat de totale kosten per patiënt hoger zijn in het ziekenhuis. Echter het labonderzoek is daar niet duurder, maar kan door het combineren van eerste en tweede lijn juist goedkoper worden aangeboden.
Wel maakt het bestaan van centra naast ziekenhuizen dat beide voor de zelfde patiënt onderzoek uitvoeren en declareren. Van een patiënt die door de huisarts verwezen wordt naar een medisch specialist zijn de data van het diagnostisch centrum niet in het ziekenhuis-EPD beschikbaar . Deze discontinuïteit van dossiervorming is het gevolg van het bestaan van centra naast ziekenhuizen. Bovendien is, zoals we vorige week ervaren hebben, de veiligheid van de data niet altijd gegarandeerd.
Het doorverwijzen van patiënten die diagnostiek ondergaan in het ziekenhuis gebeurt voor de “bulk”, het laboratoriumonderzoek en eenvoudig beeldvormend onderzoek, uiteraard niet. De huisarts is opdrachtgever en ontvangt de uitslagen elektronisch in zijn HIS. De patiënt komt even voor een prik of echo en vertrekt meteen weer. Gevangen nemen is een hilarische metafoor. Wij laten ons toch niet gevangen nemen door de beperkte data die wij kennen en door lobbyisme. Laten wij beleid bepalen op basis van gedegen onderzoek met een vrije geest!
Ron Kusters, klinisch chemicus en hoogleraar economische effecten van laboratoriumdiagnostiek, Universiteit Twente

Top