Dit meldt accountantsbureau BDO in zijn jaarlijkse onderzoek naar de financiële situatie van alle Nederlandse gemeenten.
Gemeenten boekten in 2024 nog een gezamenlijk overschot van 2 miljard euro. Dit komt vooral door incidentele meevallers, late ontvangst van middelen en beperkingen waardoor niet alle plannen zijn uitgevoerd en geld overblijft. Verder is het gevreesde “ravijnjaar” 2026 afgewend door onder meer extra geld vanuit het Rijk.
Jeugdzorg
De zorgen en financiële kwetsbaarheden blijven volgens het bureau bestaan. Zo zijn de kosten van de jeugdzorg nog altijd problematisch. Het Rijk bezuinigt hierop vanaf 2028, terwijl de kosten voor gemeenten “moeilijk beheersbaar blijken te zijn”.
Maatschappelijk vastgoed
Daarnaast ziet het bureau dat in veel begrotingen geen of te weinig middelen zijn opgenomen voor noodzakelijke investeringen in maatschappelijk vastgoed. “Zonder actie worden deze uitdagingen groter, met een negatieve impact op de leefbaarheid tot gevolg”, waarschuwt BDO. Ook moeten gemeenten geld steken in klimaatadaptatie en de energietransitie.
Realistische begrotingen
De gemeentefinanciën laten volgens BDO een versnipperd beeld zien. Ruim een op de drie begroot structurele overschotten. Volgens voorzitter Marc Steehouwer van de branchegroep Overheid bij BDO is niet elke gemeente die een overschot voorziet financieel gezond. De verschillen tussen overschotten en tekorten worden vooral veroorzaakt door keuzes in de begroting en gemeenten hebben daar relatief veel vrijheid in. De gemeenteraadsverkiezingen in maart zijn volgens hem een goed moment om begrotingen realistischer te maken. “We zien dat gemeenten te veel sturen op geld en te weinig redeneren en prioriteren vanuit maatschappelijke doelen. Doordat een deel van de plannen jaar op jaar niet wordt gerealiseerd, blijft er geld over, wat de overschotten die we al enkele jaren zien voor een deel verklaart.” (ANP)
