Judith Tielen, Staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport | Foto: Martijn Beekman/RVD
“Beleid buiten het zorgdomein heeft vaak grote effecten op de (mentale) gezondheid en aanhoudende gezondheidsverschillen”, staat in de brief aan de Tweede Kamer die is geschreven door staatssecretarissen Tielen (Jeugd, Preventie en Sport) en Nobel (Participatie en Integratie). “Daarom is het belangrijk dat gezondheid een rol krijgt binnen overheidsbeleid”, valt te lezen. In de brief zetten de twee uiteen hoe het ervoor staat met het streven naar Gezondheid in en voor alle Beleidsdomeinen (GiaB).
In de Kamerbrief staat op welke drie onderwerpen de komende periode de nadruk ligt. Eén daarvan is aandacht voor een gezonde fysieke leefomgeving. Dat betekent bescherming tegen schadelijke invloeden als gewasbeschermingsmiddelen, microplastics of PFAS en tegen de gezondheidsgevolgen van klimaatverandering. Ook zorgen voor voldoende groen en een omgeving die aanzet tot lichaamsbeweging is hier een voorbeeld van.
Multiproblematiek
Daarnaast zet de overheid de komende periode in op de aanpak van multiproblematiek om gezondheidsachterstanden terug te dringen. Het gaat daarbij om (stedelijke) gebieden waar bewoners kampen met een negatief samenspel tussen armoede, wonen, gezondheid en veiligheid. Vanuit het AZWA is voor de periode 2027-2029 zo’n 60 miljoen euro beschikbaar om een aanpak te ontwikkelen en te implementeren in dergelijke gebieden.
“Indien deze aanpak voldoet aan de AZWA-criteria, zoals aantoonbare structurele besparingen in de zorg en het een samenwerking tussen zorg, sociaal domein en/of publieke gezondheid betreft, kan zij na 2030 worden doorontwikkeld tot een basisfunctionaliteit met structurele middelen die in elke regio kan worden ingezet”, schrijven Tielen en Nobel. “De aanpak moet medio 2026 gereed zijn en wordt de komende periode verder uitgewerkt.”
Investeringsmodel preventie
Verder verwacht de overheid veel van een investeringsmodel voor preventie. “Het lukt onvoldoende om investeringen in preventie vooraf te relateren aan besparingen later”, staat in de Kamerbrief. “Daarom werken we samen met verschillende organisaties aan een investeringsmodel voor preventie.” Dat model moet de kosten, baten en gezondheidseffecten van interventies helpen onderbouwen en beoordelen. Enerzijds betreft dat maatregelen met gezondheid als primair doel, zoals vaccinatieprogramma’s, bevolkingsonderzoek, regulering en beprijzing en anderzijds ook maatregelen waarbij gezondheid bijvangst is, zoals armoedebeleid of aanpassingen in de leefomgeving.
“Dit instrument is een belangrijke stap om gezondheid breder en consistenter te betrekken bij beleidsvorming”, schrijven de staatssecretarissen. Wanneer het investeringsmodel klaar moet zijn, vermelden ze niet. Het enige dat ze concreet aankondigen is dat er dit jaar “een interdepartementale sessie over het model” komt.
Ggz
Wat betreft een lokale aanpak om mentale gezondheid in alle beleidsdomeinen mee te nemen, schuiven Tielen en Nobel de aardappel door. Een Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) onderstreept het belang van een kennisinfrastructuur voor mentale gezondheid en een lokale aanpak (gemeenten en GGD’en). Daarover staat in de brief: “Het is aan een volgend kabinet om te bepalen hoe aan het IBO opvolging wordt gegeven.”

