Dit blijkt uit recent onderzoek dat is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift World Journal of Surgery. Doordat het apparaat vitale waarden automatisch meet, neemt het aantal handmatige controles aan bed aanzienlijk af.
Continu meten
De zogeheten viQtor-armband wordt na een operatie door de patiënt om de bovenarm gedragen. Het medische hulpmiddel meet continu de hartslag, de ademhaling en het zuurstofgehalte in het bloed. Deze actuele gegevens worden vervolgens direct en automatisch in het patiëntendossier verwerkt.
Arts-onderzoeker Ephrahim Jerry onderzocht de effecten van het apparaat onder 392 patiënten en 54 verpleegkundigen. Uit de resultaten blijkt dat het aantal handmatige metingen met 62,7 procent is gedaald. Voor een verpleegkundige die een groep van vier patiënten verzorgt, betekent dit een besparing van maar liefst veertig minuten per dienst.
Deze tijdwinst maakt op drukke verpleegafdelingen een wezenlijk verschil. “Het doel was niet om verpleegkundigen minder bij patiënten te laten zijn”, legt Jerry uit. “Ziekenhuizen liggen vol, patiënten worden complexer en verpleegkundigen hebben veel meer te doen. We zoeken naar manieren om hun werklast te verlagen, niet om minder mensen nodig te hebben, maar om verpleegkundigen meer ruimte te geven voor aandacht die echt waardevol is.”
Klinische blik blijft onmisbaar
Ondanks de verregaande automatisering vervangt de armband niet het persoonlijke contact. Jerry benadrukt dat de menselijke inschatting cruciaal blijft. “Een apparaat ziet niet hoe iemand erbij ligt. Een verpleegkundige wel. Die klinische blik blijft nodig.”
Het Catharina Ziekenhuis kijkt inmiddels naar een bredere uitrol. De komende tijd wordt onderzocht hoe de slimme armband ook bij andere chirurgische specialismen succesvol kan worden ingezet.
