ACTUEEL

Selectieve zorginkoop komt amper van de grond

Selectieve zorginkoop komt amper van de grond

Het selectief inkopen van ziekenhuiszorg op basis van scherpe kwaliteitscriteria door de zorgverzekeraars is dit jaar nauwelijks van de grond gekomen. Dit blijkt uit een rondgang van Skipr langs de vier grote zorgverzekeraars.

Koploper op het gebied van selectieve zorginkoop CZ heeft in 2012 circa 2 tot 3 procent van het inkoopbudget op grond van scherpere inkoopcriteria anders besteed dan voorgaande jaren, zo geeft de zorgverzekeraar aan in het septembernummer van Skipr magazine, dat deze week verschijnt. Op een totaal inkoopbudget van ruwweg vier miljard euro is dit een verschuiving van tachtig tot honderd twintig miljoen euro.

Nullijn

Achmea kan geen percentage noemen, maar zegt dit jaar wel 100 miljoen euro extra gereserveerd te hebben voor het contracteren van zelfstandige behandelcentra. Gelet op de nullijn die Achmea hanteert bij de zorginkoop betekent dit in de praktijk  ook een vorm van selectieve inkoop, aangezien de bedoelde 100 miljoen euro afgaat van het budget voor reguliere aanbieders. Bij VGZ beperkt de selectieve inkoop zich tot op een paar miljoen euro. Menzis heeft de selectieve inkoop in 2013 beperkt tot de behandeling van heupartrose en rughernia. Volgens de NVZ vereniging van ziekenhuizen komt selectieve zorginkoop “nog nauwelijks van de grond”.

Aanneemsom

Een belangrijk obstakel voor selectieve zorginkoop vormt het hoofdlijnenakkoord dat het ministerie van VWS met de zorgverzekeraars en ziekenhuizen medio vorig jaar heeft afgesloten. Hierin is overeengekomen dat de ziekenhuiskosten jaarlijks met niet meer dan 2,5 procent mogen stijgen. De nadruk op macrokostenbeheersing met verzekeraars in de rol van budgetbewaker heeft het gros van de verzekeraars er toe gebracht om met individuele ziekenhuizen een vaste aanneemsom of productieplafond af te spreken. Dit staat haaks op selectieve zorginkoop, waarbij producten op het niveau van behandeling of aandoening gewogen en met elkaar vergeleken worden. “Verzekeraars zijn vooral heel hard bezig om niet te veel geld uit te geven”, vat secretaris Chris Wiggers van de stichting Samenwerkende Algemene Ziekenhuizen (SAZ) de contractonderhandelingen van dit jaar samen.

Onzekerheid

Daarnaast heeft ook de invoering van een nieuwe bekostigingssystematiek in de vorm van DBC’s op weg naar transparantie (DOT) selectieve zorginkoop in de weg gestaan. “De invoering van DOT heeft de contractonderhandelingen dit jaar waanzinnig bemoeilijkt”, stelt Wout Adema, senior manager inkoop tweedelijns zorg van Achmea. “We hadden gewoon de juiste taal nog niet. Wij kopen als verzekeraar voor twaalf maanden zorg in, maar ziekenhuizen konden helemaal niet vertellen wat hun jaarvolume in DOT-termen was, omdat ze nog nooit in DOTs gedraaid hadden. Een kostprijs op DOT-niveau was ook niet voorhanden. En een ziekenhuis wil zo’n kostprijs natuurlijk wel kunnen rond rekenen om te bekijken of de jaarrekening een beetje gevuld is. Er was zoveel onzekerheid rond DOT dat we uiteindelijk ook om die reden hebben besloten om eerst een aanneemsom af te spreken.”

 Impuls

Selectieve zorginkoop is door beleidsmakers bedoeld als hét reguleringsinstrument in een verder grotendeels geliberaliseerde curatieve sector. Aanbieders die op het terrein van kwaliteit en doelmatigheid onvoldoende scoren zouden niet langer gecontracteerd moeten worden, ten faveure van aanbieders die het op deze punten juist wel goed doen. Dit moet de kwaliteit en efficiency van de ziekenhuiszorg een krachtige impuls geven. Bovendien hebben verzekeraars met selectieve inkoop een middel in handen om concentratie en spreiding van ziekenhuisvoorzieningen en substitutie af te dwingen.

Afspraken

Ondanks de moeizame start van selectieve zorginkoop verwachten de verzekeraars de komende jaren serieuze stappen te zetten op dit terrein. “We nu voor veertig procent van het behandelvolume kwaliteitscriteria”, zegt bestuursvoorzitter Wim van der Meeren van CZ. “Sommige gebruiken we nog indicatief, maar daar zullen we vanaf 2013 dwingender afspraken over maken, met name als het gaat om praktijkvariatie.”

Selectief

Senior manager inkoop Adema voorziet dat ook Achmea vanaf volgend jaar selectiever te werk gaat. “In beginsel willen we ook in 2013 bij alle ziekenhuizen contracteren, maar ik denk dat we niet meer bij alle ziekenhuizen alles gaan inkopen”, aldus Adema. “Wij hebben bovenop de veldnormen van de wetenschappelijke verenigingen een aantal specifieke onderwerpen benoemd. Worden bepaalde ingrepen op voldoende niveau uitgevoerd? Is het aantal verrichtingen voldoende om echt goed te kunnen verbeteren? Als een ziekenhuis niet kan verbeteren, dan moeten we die zorg maar niet meer inkopen.”

4 Reacties

om een reactie achter te laten

Mr R.M. Dalmijn

18 augustus 2012

Alles zo eens overziende; 35 jaar in en rond zorg, ben ik steeds meer geboeid geraakt door het fenomeen beheersing en de daarmee samenhangende kosten, het resultaat ervan en de invloed op de wederzijdse genegenheid. De NZa als marktmeester zal een idee hebben van alle bureaucratie, dotters, dissers, zorgadministraties , overheden hoog en laag , rondvliegende inkopers, famed, vecoso , ciz, advieskantoren , klinken en bossen, aanbestedingen en advocaten, fusie megalomanen en rakkertjes die ZZP 1 tm 3 heralloceren, zorgkantoren ,overlegmomenten en discussietafels. Geleerden allen groter dan ik ramen het papieren feest rond de onschuldige zorgvrager op 14 tot 21% van het totale zorgbudget. Als dat ietsje minder wordt hoeven we geen angstaanjagende en onfrisse discussies over leeftijdselectie bij heupprotheses te voeren.

Frank Conijn - www.gezondezorg.org

19 augustus 2012

"“We (hebben, FC) nu voor veertig procent van het behandelvolume kwaliteitscriteria”, zegt bestuursvoorzitter Wim van der Meeren van CZ. (...) Wij (Achmea, FC) hebben bovenop de veldnormen van de wetenschappelijke verenigingen een aantal specifieke onderwerpen benoemd. (...) Is het aantal verrichtingen voldoende om echt goed te kunnen verbeteren?"

Ik denk dat CZ en Achmea hier een veel te rooskleurig beeld schetsen, althans op basis van de tot hun beschikking staande middelen. Accurate kwaliteitsassessments meten de ontwikkeling van de klachten o.i.v. het zorggebeuren, en de patiënttevredenheid.

Daar gaat het om, i.c.m. de prijs die ervoor gevraagd wordt. De meest andere kwaliteitscriteria zijn gebaseerd op vaak niet-bewezen aannames, of maken de zorg wellicht iets beter maar tegelijkertijd veel duurder. Zie bijvoorbeeld het verhaal rond de PET-scans.

T.a.v. de klachtenontwikkeling zijn nog maar voor 6% van de aandoeningen gevalideerde meetinstrumenten ontwikkeld. Er is weliswaar een universeel klachtenernst-meetinstrument ontworpen, de Universele Ziektelastschaal (zie www.gezondezorg.org/kwaliteitsmeting.php), maar die is kortgeleden pas gepubliceerd en nog niet aan de zorgverzekeraars kenbaar gemaakt.

Wellicht heeft CZ zelf nieuwe kwaliteitscriteria ontworpen, maar de vraag is dan hoe accuraat die zijn. De CZ-criteria voor de kwaliteit van de borstkankerzorg bleken dermate slecht dat door hun gebruik ziekenhuizen bestempeld werden als slecht die in de kwaliteitsmonitor van de Borstkankervereniging Nederland juist als zeer goed uit de bus kwamen.

Het zou zeer opmerkelijk zijn als CZ nu, relatief korte tijd later, beschikt over wel accurate criteria voor maar liefst 40% van het behandelvolume.

Van Dort

20 augustus 2012

In elk geval is van belang hoe patienten zelf de kwaliteit van de zorg beoordelen. Het programma Kwaliteit in Zicht, een samenwerkingsverband van 8 grote patientenorganisaties, heeft hiervoor een uniforme methode ontwikkeld. De samenwerkende organisaties zijn hierover ook in gesprek met de grote zorgverzekeraars. Meer over het programma en de ontwikkelde kwaliteitscriteria is te vinden op www.programmakwaliteitinzicht.nl.

Stouten

20 augustus 2012

Het onderwerp van dit artikel is interessant en actueel, maar de uitwerking is te kort door de bocht. ‘De mate waarin selectief is ingekocht’, is namelijk helemaal geen relevante maat om zorgverzekeraars langs te beoordelen.

Selectieve zorginkoop is niet het doel maar het middel. Het doel is dat steeds meer patiënten/inwoners toegang hebben tot steeds hoger niveau van kwaliteit van zorg tegen relatief lagere kosten. Selectief inkopen (de minder presenterende aanbieders niet contracteren) kan wel een middel zijn voor zorgverzekeraars om af te dwingen dat de kwaliteit van aanbieders wordt verbeterd, omdat aanbieders anders het risico lopen niet meer te worden ingekocht. Het echte middel is dus bij voorkeur zelfs niet selectief inkopen, maar alleen de dreiging ervan. Immers selectief inkopen leidt tot een vermindering van het aanbod en dat is lang niet voor alle aandoeningen een verbetering. Bovendien treedt een verzekeraar dan in de relatie tussen patiënt en behandelaar en het is ernstig de vraag of verzekeraars (al) worden geaccepteerd in die rol.

Beter is als alleen de aanbieders die niet kunnen voldoen aan de minimale criteria, zelf stoppen met behandelen, door IGZ worden gedwongen of niet meer worden ingekocht door zorgverzekeraars en tegelijkertijd alle aanbieders die wel voldoen aan de minimale criteria worden gestimuleerd/beloond/gedwongen/uitgedaagd om te verbeteren. Dat is dan ook inkopen op kwaliteitscriteria, maar met selectief inkopen als een van de instrumenten die kan worden ingezet.

Hoe dan ook is op dit moment voor een groot deel van de zorg nog helemaal geen consensus over wat een kwalitatieve hoogwaardige uitkomst van de zorg is. Dus niet alleen op de doorontwikkeling van het zorginkopen, maar ook op de ontwikkeling van kwaliteitsindicatoren is nog heel veel werk aan de winkel.

Top