HRM

Minder banen weg in de zorg

Minder banen weg in de zorg

In de zorg verdwijnen minder banen dan eerder is becijferd. Omdat het kabinet de voorgenomen bezuinigingen op de zorg wat verzachtte, vervallen niet 27.000 voltijdsbanen, maar ongeveer 12.000. Dat schrijven staatssecretaris Martin van Rijn en minister Edith Schippers van Volksgezondheid dinsdag aan de Tweede Kamer.

De plannen werden aangepast na onderhandelingen met de oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP en de werkgelegenheidseffecten zijn daardoor ongeveer met de helft beperkt, aldus de bewindspersonen. Van Rijn en Schippers gaan ervan uit dat het vervallen van de 12.000 banen zo'n 30.000 personen treft.

Onzekerheid

Van Rijn realiseert zich dat veel mensen in onzekerheid zitten over hun baan. "Het is hoopgevend te zien dat onze extra middelen echt effect hebben voor de werkers in de zorg. Veel minder mensen gaan hun baan verliezen. En hier houdt het niet op wat ons betreft. We blijven er alles aan doen om zoveel mogelijk banen te behouden en mensen van werk naar werk te begeleiden."

In de dinsdag verstuurde berekeningen is nog niet meegenomen dat waarschijnlijk zo'n 14.000 thuishulpen hun baan in 2015 en 2016 kunnen behouden doordat gemeenten willen profiteren van de huishoudelijkehulptoelage waar het kabinet mee kwam. (ANP)

2 Reacties

om een reactie achter te laten

Peter Koopman

14 oktober 2014

Het baanverlies zal zich nu vooral voordoen in functies op de gebieden van huishoudelijke en persoonlijke verzorging. Maar ook in de jeugdggz en in de cure somatiek zullen beperkingen plaatsvinden. Voor betrokkenen en vooral voor hun cliënten of patiënten een moeizaam proces van aanpassing. Een en ander als gevolg van afspraken op nationaal niveau om kosten op dit terrein te beperken. En zorg is vooral arbeid, dus dit kost banen. Maar de zorghervorming biedt ook kansen op vernieuwing; het hernieuwd accentueren van de zorg in de eerste lijn is daarvan een goed voorbeeld.
In de meeste westerse landen oefent 0,9 tot 1,1 % van de bevolking het beroep van verpleegkundige uit. In Nederland thans bijna 1,1 %. Daarvan functioneerd ca 30% op bachelorniveau, maar er is nu nog een te beperkt deel gekwalificeerd in een van de vijf erkende verpleegkundig specialismen. Voor deze laatste categorieën is sinds 2006 (VBOC) het streefcijfer gesteld op 5% van het totaal aantal verpleegkundigen (N=9000). Ook is ca 1 tot 3 % van de verpleegkundigen gekwalificeerd in de verplegingswetenschap. De meer gecompliceerde verpleegkundige zorg blijft vragen om daartoe opgeleide mensen met compassie voor deze patiënten.

Peter Koopman

14 oktober 2014

Sorry: moet "functioneert" zijn

Top