ACTUEEL

Negen van tien gemeenten zetten wijkteam in

Negen van tien gemeenten zetten wijkteam in

Vrijwel alle gemeenten (86 procent) hebben afspraken met sociale wijkteams over te verrichten werkzaamheden. De afspraken gaan vooral over de inzet van mensuren. Dat blijkt uit het onderzoek 'Sociale (wijk)teams in vogelvlucht' dat kennisinstituut Movisie deed in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

De gemeenten hebben er in 2015 een hoop verantwoordelijkheden bij gekregen, zoals die voor jeugdzorg, langdurige zorg en het passend onderwijs. Steeds meer gemeenten zetten sociale wijkteams in als eerste aanspreekpunt in de buurt. De teams bestaan uit hulpverleners die buurtbewoners bijstaan in de zorg, jeugdzorg en problemen rond werk en inkomen. Kennisinstituut Movisie monitort de ontwikkeling van deze teams.

Doelstellingen

86 Procent van de gemeenten werkt al met een sociaal (wijk)team of gaat dat binnenkort doen. Dat  blijkt uit het onderzoek van Movisie onder 224 gemeenten. In slechts 9 procent van de gevallen zijn helemaal geen afspraken gemaakt over de taken of doelstellingen van die teams.

Van de ondervraagde gemeenten maakt 70 procent afspraken over uren en fte’s die worden ingezet. Precies de helft maakt ook afspraken over te behalen doelstellingen in de vorm van maatschappelijke baten of effecten. Afspraken over de output, zoals hoeveel huisbezoeken of doorverwijzingen gerealiseerd worden, worden bij één op de vijf gemeenten gemaakt, aldus Binnenlands Bestuur.

Evaluatie

Omdat veel teams nog in een opstart- of pilotfase zitten, is het voor gemeenten die dat willen moeilijk om afspraken te maken over uitkomsten. De onderzoekers raden de gemeenten aan dit toch in een zo vroeg mogelijk stadium te doen. "Op die manier kun je over een poosje een goede meting doen en kun je zien wat wel en niet werkt. Het is een kwestie van leren, bijstellen en verder ontwikkelen", zegt onderzoekster Silke van Arum. "Als je nu geen goede afspraken daarover maakt, wordt het lastig de outcome te meten en daarop te sturen."

Met evalueren zijn gemeenten zijn nog niet zo bezig. 98 procent van de 185 gemeenten zegt dit wel te zullen doen, maar 39 procent heeft nog niet duidelijk hóe dat moet gaan gebeuren, of zijn daar nog mee bezig. Gemeenten die al wel weten hoe ze de evaluatie gaan aanpakken, kiezen vaak voor een combinatie van kwalitatief en kwantitatief. Er wordt daarbij zowel naar uitstroomcijfers en financiën gekeken als naar cliëntervaringen en knelpunten binnen de teams.

1 Reacties

om een reactie achter te laten

Gert Rebergen

22 februari 2015

De decentralisaties in het sociale domein zijn altijd gemotiveerd geweest door de kernbegrippen 'transitie' én 'transformatie'. Deze twee bewegingen hangen nauw met elkaar samen; kort door de bocht gezegd: bezuinigen zou mogelijk worden door anders de zorg en ondersteuning te organiseren.
Van de transitie (decentralisatie van budgetten & bezuinigingen) is veel terecht gekomen, van de transformatie (innovatie van zorg en ondersteuning) niet of nauwelijks.
Dat wil zeggen dat sociale wijkteams tot nu toe een belangrijk instrument zijn om de transitiedoelstelling te halen. Met veel onsmakelijke consequenties voor diverse mensen die afhankelijk zijn van zorg en ondersteuning.
Gaan de sociale wijkteams nu in de fase terecht komen dat ze werk gaan maken van de innovatie van zorg en ondersteuning? Dat zal een hele opgave blijken te zijn, om het netjes te zeggen.
En worden de ongewenste effecten van de separaat uitgevoerde transitie gerepareerd in de navolgende transformatie? Komt er weer na het zuur enig zoet?

Top